P. 1
KLu-07-2012

KLu-07-2012

|Views: 182|Likes:
Published by AVRM Magazine Stand



de Vliegende Hollander, september-oktober 2012

In deze editie van de Vliegende Hollander:



Maritieme helikopter zwaait af

Cougar boven zee op piratenjacht

Hot-Blade - Europese helikoptertraining

Sensoren bepalen waarde bij Unified Vision







de Vliegende Hollander, september-oktober 2012

In deze editie van de Vliegende Hollander:



Maritieme helikopter zwaait af

Cougar boven zee op piratenjacht

Hot-Blade - Europese helikoptertraining

Sensoren bepalen waarde bij Unified Vision




More info:

Published by: AVRM Magazine Stand on Nov 15, 2012
Copyright:Attribution Non-commercial

Availability:

Read on Scribd mobile: iPhone, iPad and Android.
download as PDF, TXT or read online from Scribd
See more
See less

11/17/2014

pdf

text

original

de Vliegende Hollander

Jaargang 68 | nummer 9-10 | september-oktober 2012

Maritieme helikopter zwaait af

Laatste optredens Lynx
Cougar boven zee op piratenjacht Hot Blade – Europese helikoptertraining Sensoren bepalen waarde bij Unified Vision

INDEX

7

Omslagfoto: De laatste publieke demonstratie van de Lynx voor de uitdienststellingsceremonie was tijdens de Wereldhavendagen in Rotterdam. Foto: Sven van Roij Aviation Photography

Column
van de Commandant Luchtstrijdkrachten

4 | OCEan SHiELd
Foto: sergeant Eva Klijn, AVDD

‘Elke dag wordt gevlogen – wij zijn de ogen van de vloot’

Het 300 Squadron is met twee Cougars en 29 militairen aan boord van amfibisch transportschip Rotterdam op piratenjacht bij Somalië.

7 | andré KUipErS
Na een half jaar in de ruimte keerde kosmonaut Kuipers in juli terug op aarde. Eind augustus heette het Nederlandse publiek en Defensie de oud-luchtmachter welkom in eigen land.

8

8 | Lynx
De carrière van de Westland Lynx zit erop. Publiek en (oud-) personeel kreeg de afgelopen maanden gelegenheid afscheid te nemen van de maritieme helikopter.

Op orde
De verkiezingen zijn achter de rug. Als ik dit schrijf wordt er door VVD en PvdA hard gewerkt aan de vorming van een nieuw kabinet. Welke gevolgen de plannen van het kabinet hebben voor de luchtmacht is nog niet bekend. We zullen dit moeten afwachten. Ik weet dat wachten u en mij slecht afgaat; we pakken graag aan en hebben graag het initiatief. U hoeft echter geen afwachtende houding aan te nemen, we kunnen elke dag werken aan het zekerstellen van onze toekomst. Als luchtmacht moeten wij daarom werken aan draagvlak. Een belangrijk element daarin is transparantie: laten zien wat we doen. Onbekend maakt onbemind, luidt een oud spreekwoord. Daarom kunt u elke keer als u de kans krijgt, vertellen over onze organisatie en uw werkzaamheden. Zo werkt u zelf ook aan het draagvlak. Ik roep u dus allen op om bij elke kans die u krijgt over onze organisatie en uw werkzaamheden te vertellen aan mensen in uw omgeving. Mocht u het verzoek krijgen om een lezing te verzorgen op de school van uw (klein-)kinderen of bij een vereniging waarvan u lid bent, ga in op het aanbod of vraag een collega. Op de staf zijn standaardpresentaties over taken, organisatie en de speerpunten van het Commando Luchtstrijdkrachten beschikbaar. Deze kunnen door iedereen vrij worden gebruikt. Alleen zo creëren we draagvlak voor onze organisatie. We hebben tijdens de recente campagne voor de verkiezingen van de Tweede Kamer kunnen constateren dat bij veel kiezers Defensie laag op het prioriteitenlijstje staat. Defensie neemt ook geen centrale plaats in bij het politieke debat. Dat moet beter kunnen, sterker, u verdíent beter. De afgelopen decennia hebt u allen keihard gewerkt, thuis en in missiegebieden. We hebben daarmee de vrede en veiligheid in de wereld vergroot. Maar ook in Nederland zijn we actief, voor de verdediging van ons luchtruim maar ook voor allerlei andere zaken. Daar mogen we met zijn allen erg trots op zijn. Als u bedenkt dat het luchtwapen volgend jaar pas honderd jaar oud is, hebben we heel veel bereikt. Van de Brik tot aan de F-35. Dit is mogelijk doordat onze voorgangers en ook wij altijd oog hebben gehad voor technologische ontwikkelingen en innovatie. Dat heeft ons gebracht waar we nu staan. En hoe mooi de mijlpaal van honderd jaar militaire luchtvaart ook is, we verloochenen onze genen niet en blijven naar de toekomst kijken. Want we slaan onze vleugels steeds verder uit, naar een volgende generatie jachtvliegtuigen, naar de ruimte, naar onbemande toestellen. En dit alles om

12 | driE-EEnHEid
Bij F-16 operaties wordt niet direct stilgestaan bij het werk van een non-destructief onderzoeker, plaatwerker en schilder. Toch vliegt er geen kist zonder hun werkzaamheden.

Foto: Oscar Sannen

‘Na bijna 36 jaar valt het doek’

15 | HOt BLadE
Personeel en helikopters uit acht landen opereerden vanaf de Portugese vliegbasis Ovar tijdens één van de grootste helikopteroefeningen van Europa, Hot Blade 2012.

15

18 | VirtUEEL BrandEn BLUSSEn
Met twee koffers van het Advanced Disaster Management Simulator neemt het Brandweer Opleidings- en Trainings Centrum de brand tegenwoordig mee naar de onderdelen.

Foto: korporaal Rob van eerden, AVDD

20 | niEUwE CHinOOKS
Vanuit Philadelphia door de lucht naar Baltimore en over zee naar Antwerpen. De eerste twee CH-47F’s hadden er al een hele reis opzitten voor het laatste stuk naar Nederland, over de weg.
Foto: Kristian Hoekman

‘Een vak apart – landen in een brown out kan levensgevaarlijk zijn’

Overige Onderwerpen: 22 | KLU FLigHtnUrSE VLiEgt in dUitS tEaM 24 | HOndErd jaar MiLitairE LUCHtVaart 25 | SEnSOrEn CEntraaL Bij UniFiEd ViSiOn 28 | Brand LEErMiddEL LUCHtVErKEErSLEidErS 30 | Sar-rEddEr MOdEL VOOr KindErBOEK vASTe rUBrieKen

militaire operaties ook in de toekomst mogelijk te maken, met veiligheid voor onze eigen mensen en met precisie. Dat verhaal zullen we met zijn allen moeten vertellen. Dan wordt bij meer mensen dan nu duidelijk dat Defensie een relevante partner is in de samenleving, vanwege werkgelegenheid, onderzoek en scholing, maar vooral door onze inzet in Nederland en ver daar buiten. Alleen op die manier wordt de krijgsmacht weer een partner met draagvlak die vanzelfsprekend en nationaal en internationaal geloofwaardig is. En de Koninklijke Luchtmacht is absoluut onmisbaar voor een succesvolle krijgsmacht, in binnen- en buitenland.

20

Wilt u uw ervaring als ambassadeur van de luchtmacht met mij delen of wilt u reageren? Dat kan op clsk@mindef.nl.

Foto: Richard Ros

31 | LEES- En KijKwijzEr 33 | MEnSEn En MUtatiES 34 | jOUrnaaL 39 | COLOFOn

‘Aflevering van de Chinooks heeft flinke vertraging opgelopen bij de fabrikant’

DE VLIEGENDE HOLLANDER 2

3 DE VLIEGENDE HOLLANDER

REPORTAGE

REPORTAGE

300 Squadron bewijst waarde van helikopter in Somalië
Links: Eén van de twee Cougars op patrouille voor de Somalische kust.

opblaasbaar bootje in mijn rugzak. Daarnaast is het hoisten, fastropen en schieten anders dan boven land. Alles beweegt op zee. Maar we zijn een jaar intensief bezig geweest om naar deze missie toe te werken. Alle procedures vallen nu samen en tot nu toe gaat het goed.’ nieuw werk In de hangaar, tussen de sportende mariniers, hebben de onderhoudsmonteurs hun werkplek. Zelfs als je niet beweegt loopt het zweet al van je voorhoofd, zo heet is het. Voor adjudant Danny, de S4 van het detachement, is de hitte één van weinige zaken die afwijken van GilzeRijen. ‘We hebben dezelfde middelen waarmee we normaal werken. Wel moeten we elke dag de rotorbladen invouwen als we de Cougars de hangaar in rijden en dat zijn we op Gilze niet gewend. Maar met al die vluchten zit dat ritme er nu wel in.’ Ook het werken op het helidek is nieuw voor de monteurs. ‘Elke keer moeten ze de helikopter lashen, vastsjorren met spanpanden, zodat-ie niet gaat schuiven op het dek als er deining is.’ De luchtmachtmilitairen zijn op moment van schrijven bijna twee maanden aan het werk op de Rotterdam en de samenwerking met de marine verloopt goed. In de eetzalen is het vaste personeel aan de luchtmachters gewend geraakt en tijdens een boarding-actie van mariniers staat de majoor in zijn zandkleurige vliegeroveral gewoon tussen de blauwe marineofficieren op de brug om advies te geven over de inzet van de Cougar.

wildcats op piratenjacht
Met twee Cougars en 29 militairen bevindt een detachement van het 300 Squadron van de vliegbasis gilzerijen zich momenteel in de golf van aden. Voor de naVO-missie Ocean Shield jagen ze vanaf het amfibisch transportschip Hr. Ms. rotterdam op kapers in kleine bootjes: piraten. Het detachement draait op volle toeren. ‘Elke dag wordt er gevlogen; wij zijn de ogen van de vloot.’
Tekst: tweede luitenant Jochem van Wijk | Foto’s: sergeant Eva Klijn, AVDD

De vliegdekofficier begeleidt helikopters bij het landen op, en opstijgen vanaf het helidek.

‘Now hear this: hands to flying stations. That’s all.’ Het is de meest gepraaide oproep op Hr. Ms. Rotterdam. In elke hut, gang en werkkamer op het amfibische transportschip hoort de bemanning via de geluidsinstallatie het: even geen toegang op het helidek, de Cougars vliegen weer uit. Weer, want minimaal twee keer per dag staan er vliegmissies gepland. Door het uitfaseren van de Lynx hebben de Cougars, tenminste tot het invoeren van de nieuwe NH90, een aantal van de vliegende taken voor de marine overgenomen. ‘We zijn hier ter ondersteuning van de boardingteams van de mariniers, maar voornamelijk voor Intelligence Surveillance and Reconnaissance of ISR-missies’, vat detachementscommandant majoor Wolter van Thiel de opdracht van zijn eenheid samen. ‘Zo’n 85 procent van onze tijd zijn we daarmee kwijt.’ ‘Elke dag wordt er gevlogen’, vult de S3 kapitein Rik aan (behalve de decto worden alle personen met rang en voornaam genoemd). ‘Wij zijn de ogen van de vloot.’ Met een gezagvoerder, copiloot, loadmaster, boordschutter en twee snipers speuren ze tijdens ISR-missies langs de woestijnachtige kust van Somalië en over de eindeloze blauwe zee naar verdachte schepen. Van Thiel was de eerste vlieger die beet had. ‘Op de terugweg van een ISR-missie zagen we een verdachte Dhow, een lokaal transportschip. Als daar dan

een boardingteam van de mariniers aan boord gaat om een schip te controleren, geeft dat een enorme voldoening.’ zware omstandigheden Deze missie is niet te vergelijken met de laatste die de bemanningen gevlogen hebben. In Afghanistan was sprake van een heel andere soort dreiging waarbij je constant op je hoede moest zijn voor beschietingen. De vluchten boven de Golf van Aden zijn anders. ‘Hier gebeurt soms uren niets’, zegt Rik. Maar door de hitte van meer dan 40 graden Celsius en een luchtvochtigheid van 95 tot 99 procent zijn de omstandigheden zwaar. Daarnaast heb je op de oceaan weinig referentiepunten wat het navigeren lastiger maakt. ‘Je ziet vaak niet waar de zee overgaat in de lucht; de horizon is wazig. Als je positie boven het water moet houden zie je alleen maar golven. Vliegen boven zee kost zo veel meer concentratie dan het vliegen boven land. Maar we hebben een goede en intensieve voorbereiding gehad. Daarvan zie je nu het effect, want het vliegen gaat zonder problemen.’ Ook voor senior loadmaster sergeant-majoor Clarence is het een nieuwe ervaring. ‘Ik heb veel meer safety equipment bij me dan normaal. Bijvoorbeeld een scherfvest met ingebouwd zwemvest en een klein

Luchtmachtpersoneel koppelt de Cougar vlak voor een missie los van het dek van de Rotterdam.

DE VLIEGENDE HOLLANDER 4

5 DE VLIEGENDE HOLLANDER

REPORTAGE

EVENEMENT

defensie prominent present bij huldiging andre Kuipers

welkom terug
astronaut andré Kuipers, of beter gezegd kosmonaut zoals ze in de russische ruimtevaart heten, is 30 augustus onder luid gejoel en geklap verwelkomd op het strand en de boulevard van noordwijk. Luchtmacht en marine zorgden voor een spectaculaire aankomst.
Het 166 meter lange amfibisch transportschip Hr. Mr. Rotterdam in de Golf van Aden. Ruim 350 militairen van landmacht, luchtmacht en mariniers werken hier samen aan boord. In geval van nood moeten mariniers snel op het dek van een schip worden gezet. Tijdens de missie wordt het fast roping regelmatig beoefend aan boord van Hr. Ms. Rotterdam. Tekst: Arno Marchand | Foto’s: Henry Westendorp, AVDD

aanpassen Ondanks de goede samenwerking ervaren de luchtmachters ook nadelen aan een uitzending op zee. ‘Je bewegingsvrijheid is beperkt’, geeft Danny aan. ‘Je hebt je werkplek, verblijf om te eten en je hut, en verder je niets. Daarnaast eten manschappen, onderofficieren en officieren gescheiden aan boord. Die formele omgeving was ook nieuw.’ ‘Wij eten altijd als club samen’, vult Clarence aan. ‘Dat is wel zo gezellig. Bij de marine is men van oudsher gewend bij rang te eten en dat was in het begin wel even wennen.’ Verder wordt aan boord goed op de hygiëne gelet. Van Thiel: ‘Morgen hebben we om 1400 uur hut inspectie van de commandant van het schip. Dan moeten we zeker om 13.50 uur gaan schoonschippen, de kamer schoonmaken. Schijnt hier heel normaal te zijn’, zegt hij met een lach. De luchtmachters zijn flexibel. Van Thiel vervolgt: ‘We passen ons gewoon aan de omgeving waarin we werken aan, formeel als het moet, informeel als het kan. Op het helidek is het gewoon weer met de voornamen.’ Er zitten natuurlijk ook voordelen aan deze missie. Het eten wordt als zeer goed ervaren (elke dag vers brood) en elke maand vaart de Rotterdam een exotische haven binnen waar de militairen een paar dagen van boord kunnen. Maar het belangrijkste is dat er een significante bijdrage wordt geleverd aan de antipiraterijmissie. Daarnaast wordt er door de Wildcats veel kennis op gedaan over deze nieuwe maritieme tak van sport. Danny: ‘We hebben straks vier ervaren aircrews die boven zee gevlogen hebben. Die kunnen hun ervaringen mooi doorgeven aan de collega’s op Gilze-Rijen.’

Ocean Shield
Het detachement van het 300 Squadron is aangevuld met een zwemmer uit Den Helder, vliegarts uit Eindhoven, twee ‘gunners’ van de Luchtmobiele Brigade en twee flight nurses van de luchtmacht. Het detachement ondersteunt Hr. Ms. Rotterdam voor de kust van Somalië met het afzetten van boardingteams van de mariniers, heli sniping, Forward Aeromedical Evacuation, Search and Rescue, ISR-missies en overige tactische transporttaken. De Rotterdam is sinds 4 augustus vlaggenschip van Ocean Shield en staat onder leiding van de Nederlandse commandeur Ben Bekkering. Hij heeft een internationale staf van 24 personen uit zeven landen. Doel van de missie is het aanpakken van piraterijactiviteiten, patrouilleren in de Golf van Aden, beveiligen van schepen en het aanhalen van de banden met internationale partners. Ondanks het afnemen van piraterij, zijn op moment van schrijven nog steeds zeven schepen gekaapt en worden er rond de 175 mensen gegijzeld.

‘Namens heel Nederland wil ik u heel hartelijk bedanken’, sprak kroonprins Willem-Alexander die met premier Mark Rutte en burgemeester van Noordwijk Jan Pieter Lokken Kuipers opwachtten (foto boven). ‘U wist iedereen mee te nemen in uw avontuur.’ Kuipers zelf wist zich niet zo goed raad met alle aandacht. ‘Overweldigend’, zo vatte zijn onthaal haast bedremmeld samen. ‘Ik ben verbaasd en verrast hoeveel mijn reis in Nederland teweeg heeft gebracht. Het voelt als te veel eer voor mij.’ Vlieger kapitein Bram Versteeg – nog voorzien van de badge van het 311 Squadron – hield het publiek op de hoogte van het (vlieg-)programma en verwelkomde Kuipers namens het Commando Luchtstrijdkrachten ‘U bent als geen ander ambassadeur voor Nederland om te laten zien waarin een klein land groot kan zijn en hoe technologische ontwikkelingen van en namens Nederlandse bedrijven tot in het ISS het verschil kunnen maken.’ Onderdeel van het programma was een demonstratie van het F-16 demoteam waarna Kuipers vanaf een marinefregat door een Lynx aan land werd gezet, nadat mariniers met een demonstratie het strand veroverden. Daarna volgde een missing man formatie van vijf F-16’s. Elk toestel symboliseerde één F-16 squadron – het toestel dat in de formatie ‘ontbrak’ het 311 Squadron dat op 27 september gedeactiveerd werd. Van Commandant Luchtstrijdkrachten luitenant-generaal Sander Schnitger kreeg Kuipers een boardingpass voor een vlucht in een F-16 als waardering van zijn ambassadeurschap van de luchtmacht (foto midden). Kuipers ontmoette op de boulevard luitenant-kolonel Ronald Hop, vriend en oud-luchtmachtcollega van het Centrum voor Mens en Luchtvaart (CML) (foto onder). Als keuringsarts, onderzoeker en proefpersoon heeft Kuipers daar zijn sporen achtergelaten. Vooral zijn baanbrekende onderzoek naar desorientatie heeft ervoor gezorgd dat het CML van vandaag wereldwijd een leidende rol heeft op het gebeid van desoriëntatie. Tijdens het gehele programma konden de bezoekers terecht op de Air & Space markt. Naast diverse stands gericht op de ruimtevaart en de marine was de luchtmacht goed vertegenwoordigd met het CML, personeelswerving, de F-16 Simulator, het F-16 Demoteam, het KLu Ballonteam en het Militaire Luchtvaartmuseum. Kuipers woonde van eind december 2011 tot begin juli 2012 193 dagen in het internationale ruimtestation ISS, langer dan iedere Europeaan ooit daarvoor. In 2004 was hij al anderhalve week in het ISS.

Mariniers patrouilleren in de nieuwe Fast Raiding Interception and Special Forces Craft, kortweg FRISC. De Cougar levert beveiliging vanuit de lucht.

DE VLIEGENDE HOLLANDER 6

7 DE VLIEGENDE HOLLANDER

EVENEMENT

EVENEMENT

Laatste Lynx
Eind augustus en begin september stonden voor de nederlandse maritieme luchtvaart in het teken van het afscheid van de westland Lynx. na bijna 36 jaar viel op dinsdag 6 september het doek. Commandant dHC commodore jan-willem westerbeek en Commandant zeestrijdkrachten viceadmiraal Matthieu Borsboom besloten met een handtekening de carrière van de SH-14. de opvolger, de nH90, is echter nog niet operationeel. de aB-412’s van het 303 Squadron nemen daarom tot naar schatting 2015 de search and rescuetaken over. in de antipiraterijmissie vliegen twee Cougars van het 300 Squadron vanaf Hr.Ms. rotterdam intelligence Surveillance and reconnaissance-missies en ondersteunen ze boardingteams van de mariniers. als boordhelikopter in de counterdrugs-operatie vliegt een Belgische alouette ii vanaf nederlandse schepen. in deze beeldreportage de laatste operationele en publieke momenten van de Lynx. Volgende maand volgt een terugblik op de operationele carrière van het toestel.
Tekst: Arno Marchand Foto: Oscar Sannen Foto: Eric Vorstenbosch, AVDD

werkpaard maritieme luchtvaart zwaait af

Wereldhavendagen
Tijdens het driedaagse evenement Wereldhavendagen in Rotterdam gaf de Lynx zijn laatste publieke presentatie. Ter hoogte van de Kop van zuid, direct naast de Erasmusbrug, toonden het vliegende personeel, duikers en mariniers de veelzijdigheid van deze helikopter.

Einde boordoperaties
Het einde van het varende bestaan van de Lynx was op 17 augustus toen de ‘283’ vertrok vanaf Hr.Ms.Evertsen. Boven Nederlandse bodem vloog de Neptune formation – met onder andere een tweede Lynx en later ook twee Harvards van de Stichting KLu Historische Vlucht – over de kust naar thuishaven Maritiem Vliegkamp De Kooy.

Foto: Oscar Sannen

Foto: Sven van Roij Aviation Photography

Foto: Eric Vorstenbosch, AVDD

Foto: Ralph Blok

Foto: Oscar Sannen

DE VLIEGENDE HOLLANDER 8

9 DE VLIEGENDE HOLLANDER

EVENEMENT

EVENEMENT

Foto: Gerrit van de Streek, AVDD

Foto: Jasper Verolme, AVDD

Uitdienststellingsceremonie
11 september was de laatste operationele dag van de Lynx in Nederland. Het type vloog ruim dertienhonderd Search and Rescue-missies, redde 1332 levens en klokte in totaal 161.000 vlieguren. Het oudste toestel uit 1976 maakte er achtduizend.

Foto: Arnoud Schoor, AVDD

Reünie
Voor actief dienend en oud-personeel was tijdens een reünie op 6 september gelegenheid herinneringen aan de Lynx en de vele reddingsacties op te halen. Daarnaast was er een ceremonie om stil te staan bij hoogte- en dieptepunten in de carrière van de helikopter (foto’s boven en onder).

Foto: Rob van Eerden, AVDD

Foto: Gerrit van de Streek, AVDD
DE VLIEGENDE HOLLANDER 10

Foto: Gerrit van de Streek, AVDD

Foto: Rob van Eerden, AVDD

Foto: Gerrit van de Streek, AVDD
11 DE VLIEGENDE HOLLANDER

3
ACHTERGROND
DE VLIEGENDE HOLLANDER 12

ACHTERGROND

de onmisbare specialisten van de air task Force

NDO’er
Wie: sergeant-majoor Ruud Is: floormanager op de afdeling NDO op de vliegbasis Leeuwarden
‘NDO staat voor Niet of Non Destructief Onderzoek. In deze functie kijk ik naar scheurvorming in onderdelen en in het airframe van de F-16. Hoe hoger de belasting van een gevechtsvliegtuig, bijvoorbeeld door zware bewapening, hoe groter de kans op scheurtjes. Daarnaast is corrosie een grote vijand. In Afghanistan hebben we daar gelukkig minder last van door de droogte. Haarscheurtjes zijn vaak zo klein (vanaf 0,1 mm, red.) dat ze met het blote oog niet te zien zijn. Daarom maken we gebruik van geavanceerde scanapparatuur. In de wandelgangen worden NDO’ers regelmatig vergeleken met CSI-rechercheurs. Zodra de crewchief na de vlucht iets lokaliseert, worden wij geroepen. Een NDO’er kan beroep doen op zijn visuele middelen zoals een loep en een microscoop, maar heeft ook de beschikking over magnetisch- en wervelstroom onderzoek. Deze methoden zijn vooral bestemd voor scheuren die aan de oppervlakte liggen. Soms zitten de haarscheuren inwendig en maken we letterlijk een echo door middel van ultrasoon onderzoek. Wij kunnen echter pas aan de slag als de schilder het aangetaste onderdeel heeft vrijgemaakt van de verf of de plaatwerker een beschadiging heeft “geblend”. Het mooie aan deze functie is de verantwoordelijkheid. Je weet dat die kleine scheurtjes hele grote gevolgen hebben; vitale onderdelen kunnen afbreken of de werking van onderdelen nadelig beïnvloeden. Daarom doen we er alles aan om gebreken vroegtijdig te signalen. Het interpreteren van wat je ziet, is soms best lastig. Op missie mis ik het overleg met collega’s, je bent hier echt een eenling. Toch moet er standaard een NDO’er mee naar het uitzendgebied. Als er een scheur wordt geconstateerd, kun je je niet veroorloven om iemand in te vliegen. Dat betekent dat de kist aan de grond moet blijven en dat is iets wat je in Afghanistan juist niet wilt.’

-eenheid
Binnen het F-16 detachement in afghanistan worden ze niet voor niets de drie musketiers genoemd. Ook al is het vakgebied van de ndO’er, plaatwerker en schilder nog zo verschillend, in het uitzendgebied is de één onlosmakelijk verbonden met de ander. zonder tussenkomst van deze technische drieeenheid vliegt namelijk geen kist.
Tekst: eerste luitenant Marlous de Ridder Foto’s: korporaal Rob van Eerden, AVDD

13 DE VLIEGENDE HOLLANDER

ACHTERGROND

REPORTAGE

Luchtmacht debuteert in grote Europese helikopteroefening

Schilder
Wie: sergeant 1 Carl Is: schilder op de vliegbasis Leeuwarden
‘Stof werkt hier als schuurpapier. Je kunt je voorstellen dat een schilder in deze extreme omstandigheden onmisbaar is. Wij onderhouden het verfsysteem aan zowel de binnen- als buitenkant van de F-16. Waar nodig schuren, ontvetten, primeren, schilderen en spuiten we het toestel bij, zodat het zonder risico de lucht weer in kan. Vooral de coating aan de binnenkant van de airintake en op de neus heeft onze speciale aandacht. Ik werk nauw samen met de NDO’er en de plaatwerker. Zij kunnen pas hun onderzoek doen of het onderdeel vervangen als ik geweest ben. Verf kan een scheur namelijk maskeren. Na afloop ben ik er weer als de kippen bij om het verfsysteem netjes bij te werken. Primair is de schilder hier voor alle corrosie bestrijdende en coating-technische zaken aan de F-16, maar ik zou geen goede schilder zijn als ik niet af en toe mijn creativiteit liet gelden. Waarschuwingsborden, midtermbalken, emblemen of wat dan ook. Je kunt het zo gek niet bedenken of ik zorg binnen de ATF voor de verfraaiing. Die combinatie vind ik het mooie aan deze functie. Zolang de kist maar in de lucht is, kan ik mij uitleven.’

acht landen, veertig heli’s, één doel
Plaatwerker
Wie: sergeant 1 Neil Is: plaatwerker op vliegbasis Leeuwarden
‘De “skin” van de F-16 is opgebouwd uit metalen platen, ook wel luiken genoemd. Deze moeten van het toestel worden geschroefd om toegang te krijgen tot verschillende onderdelen, zoals brandstofpompen, leidingen en flightcomputers, maar ook om de NDO’er zijn onderzoek te laten doen. Zo’n luik zit met tientallen boutjes en moertjes vast. Door corrosie of extreme belasting komen deze “fasteners” zo vast te zitten dat alleen de plaatwerker ze los krijgt met speciaal slijp- en freesgereedschap. In het uiterste geval voer ik ook noodreparaties uit aan het airframe of het plaatmateriaal zodat de kist toch kan vliegen. Deze F-16’s hebben net fase-onderhoud gehad en hebben dus relatief weinig mankementen. Toch moet de plaatwerker altijd mee op missie. Zo moest laatst de RecceLite fotoverkenningspod er af, alleen het ding zat muurvast. Dat zijn van die mooie crashacties die het werk leuk maken. De F-16 is een geweldig toestel, maar geef mij maar een helikopter. Die constructie is fijner opgebouwd en voor een plaatwerker dus extra uitdagend. Inmiddels heb ik zoveel ervaring dat ik met alle typen zelfstandig overweg kan. Goed kijken en je tijd nemen, is de clou.’

de Koninklijke Luchtmacht speelde een prominente rol tijdens Hot Blade 2012, één van de grootste helikopteroefeningen van Europa. acht landen, zo’n veertig helikopters, twee F-16’s en een kleine 2700 grondtroepen, trokken tijdens de ruim twee weken durende oefening gezamenlijk ten strijde. Voor zover mogelijk ook tegen de hitte.
Tekst: eerste luitenant Wouter Helders Foto’s: EDA/Austrian Air Force

Het plaatselijk zeer dorre Portugese landschap leent zich uitstekend voor het beoefenen van brown-outs zoals van deze Chinook van het 298 Squadron.

DE VLIEGENDE HOLLANDER 14

15 DE VLIEGENDE HOLLANDER

REPORTAGE

REPORTAGE

De Portugese grondtroepen stormen uit de zojuist gelande Nederlandse Chinook.

Terwijl vliegers al vrijwel geen zicht meer hebben, praat de loadmaster hen de laatste meters naar de grond.

In de helikopters, in dit geval een Cougar, zijn de loadmaster(s) het extra paar ogen van de vlieger vanuit het laadruim.

Vanaf de militaire vliegbasis Ovar, onder de rook van Porto, stijgen ze één voor één op. Oostenrijkse AB-212’s, Duitse CH-53G’s, Finse NH90’s, een Belgische A-109, Nederlandse Chinooks en een Cougar. In wisselende samenstellingen, formaties en rollen bestrijken de helikopters een oefengebied dat half Portugal beslaat. Een vak apart Volgens kapitein Pim de Wolf is het hier goed oefenen. De ervaren Cougar-vlieger scheert met zijn helikopter op 2500 voet en 220 kilometer per uur over Portugese finca’s, dorpen en velden. ‘We hebben hier veel ruimte om het landen tijdens brown outs. Momenten later voegt hij daad bij woord en laat hij zijn copiloot een landing uitvoeren op een gortdroge akker. Het toestel werpt een enorme stofwolk op die de vliegers en loadmasters het zicht ontneemt. Ze moeten zich samen tot het uiterste inspannen om het toestel veilig aan de grond te krijgen. Niet voor niets staat het oefenen van vliegen onder hete, stoffige omstandigheden met het oog op missies in dergelijke gebieden, hoog op het prioriteiten lijstje. ‘Dat is een vak apart’, geeft De Wolf aan. ‘Landen in een brown out kan levensgevaarlijk zijn.’ Loadmaster sergeant 1 Justin Verwoerd hing zojuist nog half uit het toestel om de landing te begeleiden, maar is ondertussen al weer bezig met de lift off. ‘Ik ben hier achterin de ogen van de piloot. Als ik wat zie aan de kist, op het landingsgebied of in de omgeving, geef ik dat meteen door.’ De helikopter stijgt weer op om aan het volgende deel van de missie te beginnen. ‘We doen hier meer dan alleen warmweertraining’, legt Verwoerd uit. ‘In wisselende formaties en samenstellingen beoefenen we onder ander Air Assault, Personell Recovery, Search and Rescue en Special Operations.’

Eerste keer Het is de eerste keer dat Nederland meedoet aan deze internationale oefening. ‘En met drie Chinooks en één Cougar zijn we meteen sterk vertegenwoordigd’, geeft detachementscommandant luitenant kolonel Elmar Hermans aan. De commandant van het 298 Squadron is tevreden over de opzet van de oefening. ‘De doelstellingen om te oefenen onder hete, stoffige omstandigheden en te werken in een internationale setting worden zonder meer gehaald.’ De Portugezen hebben dan ook flink uitgepakt. De helikopteroefening is geïntegreerd in een grootschalige operatie over land van het leger, een soort Portugese Falcon Autumn of Perigrine Sword. Door het daadwerkelijk samenwerken met grondtroepen krijgt de oefening een realistische tint. De Portugese troepen stromen even later het laadruim van een Nederlandse Chinook uit, om opgeslokt door het opgeworpen stof te verdwijnen in het landschap. Kapitein Marty Brouns heeft zojuist zijn eerste stop gemaakt. Maar zijn missie, het droppen en ophalen van manschappen in ‘vijandelijk’ gebied, is nog niet voorbij. De rotors versnellen, het toestel begint te trillen en komt los grond van de grond. ‘De oefening biedt vooral voor jonge en minder ervaren vliegers veel meerwaarde’, geeft Brouns aan terwijl hij wegvliegt. ‘Het grote pluspunt hier is de internationale samenwerking. Het kamp en de oefening zijn opgezet als een soort uitzending’, zegt hij terwijl hij naar beneden wijst. De verschillende geordende kampementen van de deelnemende landen schieten honderden meters lager voorbij. ‘Voor jonge collega’s biedt Hot Blade 2012 de uitgelezen kans te proeven hoe het is om op uitzending te gaan.’

Landmacht ondersteunt luchtoptreden
Portugese troepen in een Duitse helikopter bijgestaan door een Nederlandse Tactical Air Control Party (TACP). Een doodnormale zaak tijdens Hot Blade 2012. Niet alleen in de lucht levert Nederland een bijdrage aan de oefening, ook op de grond draagt het zijn steentje bij. Samen met twee collega’s van 43 Gemechaniseerde Brigade is wachtmeester Guus Stavenuiter tijdens de vele helikoptermanoeuvres de ogen op de grond voor de vliegers. ‘Wij worden vastgeplakt aan commando’s, richten in het voorterrein een observatiepost in en zorgen voor informatie.’ Maar deze landmachters zijn niet de enigen die een cruciale rol spelen tijdens de luchtmachtoefening. ‘Net als op TACPgebied missen de Portugezen ook Ground Liaison Officers’, geeft adjudant Jan Lutjes aan. ‘Dus springen wij bij, als link tussen de TACP en de middelen in de lucht.’

EDA baant weg voor meer samenwerking
‘Plug and play. Daar streven we naar’, vertelt wing commander Andy Grey. De Britse functionaris van de European Defense Agency (EDA) is naar Portugal afgereisd om te zien of Hot Blade 2012 dit doel dichterbij brengt. ‘De circa zeventienhonderd helikopters in de Europese Unie zijn lang niet allemaal klaar om onder operationele omstandigheden te vliegen. De EDA wil daarin verandering brengen.’ De doelstelling van de in 2004 opgerichte organisatie is even simpel als gecompliceerd: het ‘poolen’ en delen van de middelen van aangesloten lidstaten om de gezamenlijke slagkracht te vergroten. ‘Alleen kunnen we het niet meer’, licht overste Michael Becker toe. De Duitser is het beoogde eerste hoofd van het core planning team dat de ambitieuze plannen van het EDA moet gaan coördineren. ‘De grootste uitdaging’, vraagt zich met een grinnik hardop af: ‘alle neuzen dezelfde kant op krijgen en zorgen dat de dertien aangesloten Europese landen tevreden zijn en blijven.’

Eén van de deelnemers was het Portugese Esquadra 751 dat vliegt met de EH-101. Foto Kristian Hoekman

DE VLIEGENDE HOLLANDER 16

17 DE VLIEGENDE HOLLANDER

REPORTAGE ACHTERGROND

REPORTAGE

‘Virtueel steek je wat makkelijker een F-16 in de fik’

Brandbestrijding

vanuit leslokaal

OSC sergeant-majoor Richard van den Berg stuurt virtueel zijn brandweerauto’s aan.

OSC Van den Berg laat Hoofd Brandweeropleiding Venmans zien over welke wegen de hulpdiensten moeten rijden.

Twee koffers met een laptop, beamer, joystick en geluidsboxen; meer is er niet meer nodig om On Scene Commanders te trainen.

eigen voertuigen en het opnemen van radiocommunicatie.’ Voor OSC Van den Berg gaat de training verder. Het bluswater is bijna op, de dreiging van chemische besmetting is hoog en er zijn gewonden gevallen. ‘Deze wegen moeten worden afgesloten en hier wil ik het gewondennest hebben.’ Op een kaart wijst hij precies aan welk gebied onveilig is en welke aanrijroutes de toestromende hulpdiensten dienen te gebruiken om wél veilig bij de rampplek te komen. Om de oefening zo realistisch mogelijk te maken, spelen de instructeurs verschillende functionarissen die bij een grote ramp op een vliegveld betrokken zijn zoals marechaussee, ambulancepersoneel en civiele brandweer. Totdat de Officier van Dienst – de civiele brandweercommandant die bij grote rampen de leiding heeft – ter plaatse is, bewaart de OSC het overzicht en stuurt de hulpdiensten aan. Evaluatie net zo belangrijk Omdat het scenario wordt opgenomen, kan er goed geëvalueerd worden. Na afloop van de oefening bekijken instructeurs en cursisten of bijvoorbeeld de windrichting goed was geschat en de brandweer-

Bij de landing heeft een F-16 een buikschuiver gemaakt en staat in brand. Met een knal ontploft de motor. Het is één van de scenario’s van de nieuwe simulator waarmee de luchtmachtbrandweer het commandovoeringsproces kan trainen. ‘Een lokaal met een witte muur, meer hebben we niet meer nodig.’
Tekst: tweede luitenant Jochem van Wijk | Foto’s: Gerben van Es, AVDD

auto’s op veilige afstand stonden. Ook op radioprocedures en het helder communiceren met civiele instanties wordt gelet. ‘Belangrijk is dat je niet vast blijft zitten in gewoontes; technisch inzicht en situaties veranderen namelijk’, geeft OSC sergeant-majoor Maarten van Rossum aan die net getraind heeft met de nieuwe simulator. ‘Evaluatie is daarom net zo belangrijk als de oefening zelf. Als OSC moet je een beeld krijgen van de situatie, een oordeel vormen en een besluit nemen. Nu kunnen we dat proces ideaal trainen.’ Tot op heden werd het commandovoeringproces getraind met behulp van maquettes. Met de ADMS zijn er veel meer mogelijkheden. Van Rossum: ‘De sterke kant van het systeem is dat je de grootte van de brand ziet en je het vuur daadwerkelijk ziet uitbreiden als je niet ingrijpt.’ ‘Nu hoor je het geluid, zie je de wolken bewegen en wordt er gereageerd op jouw handelen’, vult zijn collega Van den Berg aan. ‘Je ziet dat mijn positie heel belangrijk is. Als je verkeerd staat, kan je door rookontwikkeling essentiële zaken missen. We kunnen nu complexe situaties beoefenen zonder daadwerkelijk brand te hebben. Dat is de kracht van het systeem.’

‘Gasbel 8 verplaatsen naar C-130’, luidt het bevel van On Scene Commander (OSC) sergeant-majoor Richard van den Berg die op herhalingscursus is. Door brokstukken van de gecrashte F-16 is een brandstoftank van een C-130 gaan lekken en vat vlam. Op een scherm voor de cursist rijdt brandweerauto 8 richting de nieuwe vuurhaard. Over de radio vraagt hij versterking aan. ‘Je steek niet zomaar een F-16 in de fik’, zegt Hoofd Brandweeropleiding majoor Rob Venmans. Met het nieuwe Advanced Disaster Management Simulator (ADMS) waarover het Brandweer Opleidings- en Trainings Centrum (BOTC) op de vliegbasis Woensdrecht sinds kort beschikt, is dat virtueel met één muisklik wel mogelijk. Op deze manier kunnen brandweerbevelvoerders en OSC’s op een realistische en zo goedkoop mogelijke manier worden getraind. Want twee koffers met een laptop, beamer, joystick en geluidsboxen; meer omvat het ADMS niet. Het voordeel van het systeem is de flexibiliteit. De brandweer hoeft niet meer van een onderdeel in het land naar Woensdrecht te komen voor
DE VLIEGENDE HOLLANDER 18

een herhalingscursus maar het BOTC kan naar de eenheden toe. ‘Het is simpel, draagbaar en kostenbesparend’, zegt Venmans. ‘Een lokaal met een witte muur, meer hebben we niet nodig. Binnen twintig minuten draait het systeem en kunnen we aan de slag.’ internationale samenwerking De luchtmacht huurt de simulator, die identiek is aan die van de Amerikaanse Air Force Fire Academy in San Angelo, voor een jaar van het Amerikaanse bedrijf Environmental Tectonics Corporation. Het BOTC heeft goede contacten met de academie en wisselt bijvoorbeeld scenario’s met de Amerikanen uit. Deze internationale samenwerking kan omdat de brandweeropleidingen van beide landen vergelijkbaar zijn. Over een jaar moet het BOTC over een eigen systeem beschikken. Venmans: ‘Op dit moment loopt het wervingsproces vanuit Defensie Materieel Organisatie. Dat moet aan onze eisen voldoen, zodat we bijvoorbeeld kunnen oefenen met onze

ADMS-Airbase

ADMS-Airbase
19 DE VLIEGENDE HOLLANDER

Screenshots van de F-16 die van de baan is geraakt en blusvoertuigen die – in dit virtuele scenario – met de joystick bestuurd kunnen worden.

MATERIEEL

MATERIEEL

the grizzly has landed

nieuwe Chinooks afgeleverd op gilze-rijen en Fort Hood

Ondersteuning van KLu-specialisten is onontbeerlijk. Er komt heel wat bij kijken om deze grote helikopters die de bijnaam Grizzly heeft gekregen in een boot te krijgen. Foto: Richard Ros

Beide Chinooks zijn inmiddels in de haven van Antwerpen aangekomen. Voorzichtig worden de rotorbladen uit hun canisters gehaald.

in de hand vinden ze toch wel wat puntjes waarover DMO contact opneemt met Boeing of die nader bekeken moeten worden op Woensdrecht. Daarna zijn Boeing en de scheepsbemanning verantwoordelijk voor het inladen, maar een DMO-afgevaardigde blijft aanwezig om alles nauwlettend te volgen. Modificaties Twee weken later arriveert het schip, in de haven van Antwerpen. Beide CH-47F’s gaan naar de tijdelijke ingerichte werkplek waar het LCW-team ze klaarmaakt voor vervoer over de weg naar op Woensdrecht. Beide aft pylons die zogenoemd quick removable zijn, worden losgemaakt voor separaat vervoer. Dat quick valt in de praktijk nog behoorlijk tegen want de werkzaamheden duren bij de eerste aanzienlijk langer dan gepland. Al doende leert men blijkbaar, want de tweede volgt snel. Daarna plaatst een kraan de Chinooks op een dieplader, een bekende klus voor het LCW. Een dag later staan ze binnen op het LCW en start de PE On Equipment samen met het 930 Squadron van het DHC aan twaalf modificaties. Dit zijn specifiek Nederlandse verbeterpunten, geleerd uit de praktijk met de CH-47D. Het programma duurt voor beide kisten zo’n zeven weken.

Naast havenpersoneel en een kraan waren er bewakers, vier brandweer- en twee politiewagens om de aankomst en het uit elkaar halen van de Chinooks in goede banen te leiden. Foto: Richard Ros

recentelijk verwelkomde gilze-rijen officieel de eerste twee CH-47F’s voor het 298 Squadron. de toestellen hadden er toen al een flinke reis opzitten. Vanaf hun geboortelocatie in philadelphia in de Verenigde Staten, vlogen ze naar de haven van Baltimore. Van daaruit ging de reis per schip naar antwerpen en verder per dieplader naar het Logistiek Centrum woensdrecht (LCw).
Tekst: Geert Maas en Arno Marchand | Foto’s: Jan Schram, AVDD

Fort Hood Al op 7 september landen de eerste twee CH-47F’s op Fort Hood. Daar vormen ze samen met de acht aanwezige AH-64D’s het materieel van het Joint Netherlands Training Detachment (JNTD). Een gedeelde luchtmacht- en Boeing-bemanning voert de lange vlucht van een dag uit. Fort Hood staat bekend om haar diversiteit aan trainingsfaciliteiten, uitgestrekte vlieggebieden en prachtig vliegweer. Naast training en opleiding van Nederlandse flightcrews, voorzien de helikopters hier jaarlijks in vijf Air Assault trainingen met de 11de Luchtmobiele Brigade en twee Initial Mission Qualification Trainingen voor nieuwe Apache- en Chinook-bemanningen. Commandant JNTD luitenantkolonel Emco Jellema is zeer verheugd met de komst: ‘De aflevering heeft flinke vertraging opgelopen bij de fabrikant waardoor we het afgelopen anderhalf jaar moesten terugvallen op de steun van onze Amerikaanse collega’s. Daarvoor zijn we onze partners zeer erkentelijk, maar deze steun is niet gegarandeerd. Bovendien gaat er natuurlijk niets boven trainen met Nederlandse bemanningen en toestellen.’ De modificatie die het LCW samen met het 930 Squadron uitvoerde, vindt vanaf eind oktober ook plaats op Fort Hood.

Transport van twee zulke grote helikopters naar Nederland is een hele onderneming. Vanwege de hoge kosten van luchttransport kiest het projectbureau van de Defensie Materieel Organisatie (DMO) voor vervoer over water. Ter voorbereiding daarvan reist op 2 augustus een gecombineerd team van het LCW en het Defensie Helikopter Commando (DHC) naar Baltimore. Daar voeren ze de werkzaamheden samen met Boeing-personeel uit. Naast het afbouwen van externe delen van de Chinook zodat deze past door de laaddeur, moet ook alle apparatuur met vertrouwelijke (crypto) informatie verwijderd worden. Het ministerie van Binnenlandse Zaken levert een vertegenwoordiger voor het verzegelen en apart vervoeren van deze items. Dat gaat via Baltimore-vestiging van de Defensie Verkeers- en Vervoersorganisatie.

Vergrootglas Door problemen met boordapparatuur en slecht weer kan Summit Aviation, de onderaannemer die het testvliegen voor Boeing doet, de toestellen niet zoals gepland ruim na elkaar in Baltimore afleveren. Op 6 augustus landt aan het eind van de ochtend de eerste F, de D-891, op de havenkade. Dezelfde crew vliegt daarna ook de D-892 over. In anderhalf uur terug met de auto dus en wederom een half uurtje vliegen. Hard werken voor het Nederlandse en Amerikaanse personeel om de rotorbladen te verwijderen. Een klus die per kist al gauw drie uur in beslag neemt. De volgende dag versleept het team beide Chinooks één voor één naar inlaadplaats. De tussentijd gebruikt het om de kisten een laatste controle te geven. Met zogezegd vergrootglas en camera

Het losmaken quick removable aft section, nodig voor vervoer over de weg, duurde toch even wat langer dan gedacht…

… maar bij de tweede ging het een stuk vlotter.

De Chinooks zijn meteen in het grijs afgeleverd, de kleur waarin een Cougar al langere tijd rondvliegt.

DE VLIEGENDE HOLLANDER 20

21 DE VLIEGENDE HOLLANDER

REPORTAGE

REPORTAGE

Links: Sandra voor de C-160 Transall. Net als haar twee voorgangers was Sandra ruim vier maanden uitgezonden. Na haar kwamen nog twee Nederlandse flight nurses die negen weken meedraaiden.

De Transall-bemanning bestaat naast een vijfkoppige flightcrew en eventueel twee beveiligers, uit twaalf medici. Naast de twee (Nederlandse) flight nurses zijn dat een anesthesist, IC-verpleegkundige, vliegerarts/Medical Director belast met de leiding van de gehele crew, Medical Crew Coördinator die de patiënttoewijzing regelt en een Medical Technician die voor de apparatuur en voorraad zorgt en ‘extra handjes’ levert. De overige vijf zijn paramedics die zorgen voor de patiënten. Personeel wisselt onderling niet van plaats tijdens de vlucht. De C-160 kan maximaal negen patiënten vervoeren van wie twee IC, bijvoorbeeld beademde patiënten. De Nederlandse bijdrage is voorlopig gestopt vanwege het functieplafond in de derde aflossing van de geïntegreerde politie trainingsmissie waarvan de AFT deel uitmaakt.

nederlandse flightnurse op duitse C-160 in afghanistan

Tijdens de vlucht heeft Sandra een vaste positie voorin, vlak naast de IC-verpleegkundige waar de patiënten liggen die intensieve zorg nodig hebben.

‘gewonde kinderen en iEd-slachtoffers wennen nooit’
Van botbreuken tot geamputeerde ledematen. Flight nurse Sandra (28) heeft de afgelopen twee maanden al een hoop leed gezien. Eén tot twee keer per week vliegt ze mee op de medevac van de duitsers. ‘Het veilig naar “huis” of naar een beter ziekenhuis brengen van een patiënt, geeft een mooi gevoel.’
Tekst: eerste luitenant Marlous de Ridder | Foto’s: korporaal Rob van Eerden, AVDD

Eenling Sandra is niet de eerste Nederlandse die dienst doet in de C-160 Transall, maar sinds het vertrek van haar luchtmachtcollega wel een eenling tussen de twaalfkoppige Duitse crew. Hoewel haar functie binnen de Air Task Force valt, is zij voor haar hele uitzending gekoppeld aan het Duitse team. ‘In het begin was het zeker wennen. Dat ik de taal spreek, zorgde er wel voor dat ik snel werd geaccepteerd. Bepaalde procedures zijn anders. Hier mag ik bijvoorbeeld nooit een medicijn geven zonder voorschrift van de arts. In Nederland krijg je als Algemeen Militair Verpleegkundige meer verantwoordelijkheid.’ Dat Sandra inmiddels goed is opgenomen binnen de groep blijkt uit haar callsign. Haar collega’s noemen haar liefkozend ‘Lillifee’, verwijzend naar een Duits blond prinsesje. Stabiel houden Afhankelijk van de drukte krijgt de Transall zo’n één tot twee keer per week een oproep. ‘Er zitten hele rustige weken tussen’, zegt Sandra. ‘Om ervaring op te doen, vlieg ik het liefst zoveel mogelijk. Anderzijds is het geen goed teken als wij druk zijn. Dat betekent dat het onrustig is in het gebied.’ Tijdens de vlucht heeft Sandra een vaste positie voorin, vlak naast de intensive care-verpleegkundige. Daar liggen de patiënten die intensieve zorg nodig hebben. ‘Mijn taak bestaat uit het monitoren van de patiënten, toedienen van pijnbestrijding en het in de gaten houden van de waardes. In principe gaat de patiënt stabiel mee, maar soms gaat iemand tijdens de vlucht zeer hard achteruit en is het even hollen in de lucht.’ Voor de militair verpleegkundige die normaal op vliegbasis Gilze-Rijen haar spreekuur houdt, maken de vluchten nog steeds veel indruk. ‘Gewonde kinderen wennen nooit, net als slachtoffers van IED’s, geïmproviseerde explosieven.’ Zo herinnert ze zich een zwaargewond Afghaans meisje. ‘Haar vader twijfelde lang of hij zijn tweejarige dochter naar het ziekenhuis moest brengen. Het was immers “maar” een dochter. Gelukkig deed hij het en konden wij het kindje ophalen in Kabul. Op zulke momenten denk ik: Wat zal haar toekomst zijn als verminkte vrouw? Toch mag je nooit oordelen over het leven van een ander. Het leven is hier harder, het is hun cultuur.’

intuberen Als de flight nurse niet in de lucht is, is ze te vinden in de Role-3 op Mazar-e-Sharif. Intuberen, meehelpen in het mortuarium. Sandra draait nergens haar hand voor om. Zoveel mogelijk ervaring opdoen, is haar doelstelling. ‘Ik kwam met het idee dat ik alleen gevechtsverwondingen zou zien, maar het is net als in een echt ziekenhuis. Ook hier worden militairen ziek of breken een been. Vast inroosteren kunnen ze me niet, omdat ik oproepbaar ben voor de medevac. Maar de tijd die ik heb, breng ik daar door. Ik kan natuurlijk de hele uitzending op mijn kamer zitten en een film kijken, maar dan duren de maanden erg lang. Ik ben blij dat ik deze kans krijg, dus dan moet je er ook zelf wat van maken.’

In rap Duits begint vliegerarts Timo de ochtend met een briefing. De medisch crew wordt bijgepraat over de stand van zaken in de Afghaanse provincies, mogelijke patiënten en het vluchtschema. De rest van de dag moet de groep stand-by blijven voor noodgevallen. Op Mazar-eSharif staat 24 uur per dag, zeven dagen per week een C-160 Transall transportvliegtuig klaar om gewonden van en naar de verschillende kampen in Noord-Afghanistan te transporteren. ‘We vliegen voornamelijk Duitse en Hongaarse militairen, maar ook regelmatig Afghanen’, zegt de Nederlandse sergeant 1 Sandra. ‘We krijgen een patiënt stabiel mee en brengen hem naar de Role 2 of 3, waar de medische zorg uitgebreider is. In ernstige gevallen gaan we naar Termez in Oezbekistan, zo’n twintig minuten vliegen. Daarvandaan gaan de Duitsers met een Airbus rechtstreeks naar huis.’

Voorzichtig wordt een (oefen-)gewonde richting een Transall getransporteerd. Sandra houdt de IC-patiënt nauwlettend in de gaten.

Sergeant 1 Sandra is een Nederlandse eenling tussen een elfkoppige Duitse medevac crew van wie er acht op deze foto staan.

DE VLIEGENDE HOLLANDER 22

23 DE VLIEGENDE HOLLANDER

EVENEMENTEN

REPORTAGE

Van pioniers tot professionals – 1913-2013 100 jaar militaire luchtvaart

jubileumjaar van start

Minister Hillen opent, samen met een vlieger van toen en één van nu, de tentoonstelling op het buitenterrein van het MLM in Soesterberg waar het nog tot 1 september 2013 is te zien.

Met UV12 en de shadow wave maakt het 312 Squadron twee weken lang maximaal gebruik van de mogelijkheden van het uitgebreide Noorse luchtruim. Foto: Frank Crébas, www.bluelifeaviation.nl

in het kader van het eeuwfeest van de luchtmacht volgend jaar, opende inmiddels voormalig minister van defensie Hans Hillen op 27 augustus de tentoonstelling Van pioniers tot professionals. Op het buitenterrein van het Militaire Luchtvaart Museum tonen 21 panelen aan weerszijden de bewogen geschiedenis van een eeuw nederlandse militaire luchtvaart. Een vlucht door de tijd.
Tekst: Arno Marchand | Foto’s: korporaal Rob van Eerden, AVDD

zeventien landen stemmen sensoren op elkaar af

‘De militaire luchtvaart begon nu bijna honderd jaar geleden met een geleend vliegtuig’, steekt de bewindsman van wal. ‘Tegenwoordig is het luchtwapen onmisbaar bij de verdediging van eigen land en NAVO-grondgebied en alle militaire operaties die de internationale rechtsorde handhaven. Het had nooit zover kunnen komen zonder het optimisme, de moed én het doorzettingsvermogen van de pioniers van onze luchtmacht.’ Daarmee schets de minister in zeer korte tijd daar waar de het luchtwapen zich in onderscheidt: innovatie. De panelen illustreren die veranderingen in materieel, verteld door de mens die ermee werkte. Hillen: ‘Soms helden die in minder dan een seconde een scherpe keuze moesten maken en vaak onder de meest extreme omstandigheden. Het zijn die verhalen die als een rode draad door onze militaire luchtvaarthistorie lopen.’ Dat gaat niet alleen om verhalen uit bijvoorbeeld WO II, maar ook van recenter datum. ‘De complete Nederlandse luchtmacht leverde tijdens Allied Force in 1999 een geweldige prestatie’, gat Hillen verder. ‘Een groot wapenfeit en

de reden waarom het hare majesteit heeft behaagd volgend jaar het vaandelopschrift Kosovo 1999 te verlenen aan de Koninklijke Luchtmacht! Die onderscheiding zal de herinnering levend houden aan een bijzondere krijgsverrichting. Vanaf deze plaats spreek ik dan ook mijn respect en waardering uit voor de professionals van de luchtmacht.’ Een primeur De panelen op het buitenterrein van het MLM – ontworpen door beeldend kunstenaar Gijs Dragt en op deze schaal een primeur in museumland – zijn tevens terug te vinden in het boek met dezelfde naam als de tentoonstelling. Het blikt aan de hand van 41 persoonlijke verhalen terug op een eeuw Nederlandse militaire luchtvaart. Sommige zijn bekend, andere een stuk minder. Ondanks de voortschrijdende techniek blijkt telkens weer dat militaire luchtvaart boven alles mensenwerk is. Het is een modern vormgegeven boek, maar misschien een beetje druk want de pagina’s staan erg vol. Een iets groter formaat met wat meer wit zou wat lucht geven.

Unified Vision zorgt voor eenduidig beeld
nog meer dan tegenwoordig zijn sensoren wapensystemen van de toekomst. Er is echter een probleem. Er zijn zoveel verschillende modellen op de markt en in gebruik, dat er weinig of geen interoperabiliteit is. ieder land gebruikt zijn eigen manier om beelden te verwerken. die methode is vaak niet voor andere landen toegankelijk of bruikbaar. tot de naVOtrial Unified Vision 2012 dan. daar werd zoveel mogelijk een gemeenschappelijke naVO-manier van verwerken nagestreefd, zodat alle partners elkaars informatie kunnen gebruiken.
Tekst: Arno Marchand | Foto’s: Eva Klijn, AVDD Missionplanners (l.) en vliegers bespreken de volgende missie.

‘Van Pioniers tot professionals – 19132013 100 jaar militaire luchtvaart’ met ISBN 978 94 90470 13 5 is samengesteld door Corstiaan Prince en Gijs Dragt en uitgegeven door D33 publicaties. De hardback op liggend formaat 24 x 17 cm telt 122 pagina’s met ruim negentig zwart-wit- en ruim zeventig kleurenfoto’s en afbeeldingen. Voor € 17,95 is het onder andere te koop in de museumwinkel van het MLM. Kijk voor meer informatie en een voorproefje op www.d33publicaties.nl.

DE VLIEGENDE HOLLANDER 24

25 DE VLIEGENDE HOLLANDER

REPORTAGE

REPORTAGE

TARC-beeldanalisten bekijken een RecceLite-foto. Het geschut was van het Duitse slagschip Gneisenau. Na een Britse aanval in 1942 is het drieloops 28 cm kanon gebruikt voor kustverdediging.

Een drukte van belang in de main planning building van Ørland Main Air Station.

Na de missie kan de cassette van de RecceLite-pod op het platform worden gewisseld

Assistenten VVU korporaal 1 Jessica (l.) en korporaal Aaron verzorgen en controleren het materiaal na terugkomst van de vliegers.

Veel monitors – ruim honderd – en veel, heel veel kabels. De mass planning building op de vliegbasis Ørland is ingericht als het hart van de oefening Unified Vision 2012 (UV12). Initieel doen negen landen mee, tijdens de laatste planningsconferentie al aangevuld met drie en tijdens de oefening zelf met nog eens vijf. ‘Zeventien landen dus, met een belangrijk doel’, zegt de Amerikaan Richard Wittstruck, voorzitter van NAVO’s Joint Capabilities Group for ISR. ‘Zorgen voor interoperabiliteit van de beschikbare intelligence, surveillance en reconnaissance (ISR)-systemen, zodat coalitiepartners gebruik kunnen maken van elkaars data.’ De Joint Capabilities Group ISR sponsort deze oefening. Wittstruck: ‘De laatste tien jaar is er veel geleerd over dataverzameling. Het eerste doel tijdens UV12 is de geleerde lessen om te zetten naar tactics, techniques and procedures zodat de vlieger van een wapenplatform weet wat de situatie en dreiging is. Dit is het plan; wat zijn de Essential Elements of Information (EEI’s, red.) die ik daarvoor nodig heb. Dat zijn kritieke vragen, maar meteen ook de meest complexe, vooral met zeventien landen.’ Mixen De Nederlandse afvaardiging voor UV12 bestaat uit het 312 Squadron en het Tactical Air Reconnaissance Center (TARC), in totaal ruim honderd man en vrouw. De beeldanalisten van de luchtmacht maken tegenwoordig deel uit van Joint Intel, Surveillance, Target Acquisition & Reconnaissance (ISTAR) Command van de landmacht. Het doel van de Nederlanders is bijdragen leveren aan de Coalition Shared Database (CSD). ‘De NAVO probeert te standaardiseren’, zegt image analist van het TARC sergeant 1 Rob. ‘Wij werken met de beelden die de F-16 maakt met de RecceLite-fotopod. Die leveren wij aan en ze blijken volledig in overeenstemming met te zijn met wat de NAVO wil. Dat komt vooral door onze bewerking met metadata en het format waarmee we ze op

Grote foto: De luchtvloot van UV12 bestond behalve uit Nederlandse F-16’s (foto) verder onder andere uit Duitse en Italiaanse Tornado’s en uit Noorwegen F-16’s en een DA 20 en P-3C. Onbemande vliegtuigen waren er uit Noorwegen, Italië en de Verenigde Staten.

de server van de CSD zetten. Want pas door toevoeging van info en gegevens krijg je data waarmee je wat kan.’ ‘Het lokaliseren van een verdachte man met een rugzak heeft namelijk nog geen waarde’, vult luitenant-kolonel Coen Deering aan, commandant van het gecombineerde lucht- en landmachtdetachement en het 312 Squadron. ‘Die is er pas als je weet wat er in die rugzak zit en waar de persoon naartoe gaat, de EEI’s. Sensorfusion is wat er daarna gebeurd; data van bijvoorbeeld RecceLite wordt gemixt met die van andere systemen. In de collectionshop bepalen we van welke sensoren data wordt gebruikt. We proberen voor ieder vignet zoals de casussen hier heten, uiteraard de beste te selecteren. Je maakt dus gebruik van elkaars gegevens. Als dan twee sensoren – vanuit de lucht en bijvoorbeeld human intelligence gemaakt door iemand op de grond – opnames hebben van hetzelfde onderwerp, is dat samen te voegen in de sensor fusion cell. Daar maken ze een intelligence summary. “U vroeg dat?” “Dit is ons antwoord.”’

Voelen, horen en ruiken Soms echter zijn niet (in één keer) alle antwoorden op de EEI’s te geven. Dan is het aan de Joint Forces Commander (JFC) te bepalen wat en hoe nu verder. Want niet altijd hoeft of moet er direct (te) worden aangevallen. Deering: ‘Soms is het bijvoorbeeld beter niet – de legger van – het geïmproviseerde explosief aan te pakken, maar te wachten totdat je het menselijk netwerk hebt opgerold. Dát vormt namelijk de echte bedreiging. De JFC kan dus besluiten meer info te verzamelen. Vergelijk het hiermee. Kijk uit een raam en beschrijf wat je ziet. Hoe meer personen dat doen, hoe beter het beschreven beeld. Iedereen geeft een stukje antwoord dat samen het totaalplaatje maakt.’ EEI’s worden dan dus steeds uitgebreider, tot het moment dat de JFC zegt ‘nu’. Een JFC wil bij wijze van spreken kunnen voelen, horen en ruiken om de beste beslissing te kunnen maken. Dan kan het hele netwerk van fabrikanten, verplaatsers enzovoort worden opgerold. Nederland vliegt in de ochtend tijdens de UV12-missie met two-ships: één F-16 met RecceLite, de ander met de Advanced Targeting Pod (ATP). ‘F-16’s worden daarbij non-traditional ingezet, als hunter en killer’, geeft Deering aan. ‘Dat loopt via de targeting cycle: Find, Fix, Track and Target, kortweg F2T2. Naar aanleiding van een waarneming probeer je met – voornamelijk – RecceLite het doel te vinden, de huidige locatie van het doel te bepalen en je identificeert of het vriend of vijand is. Indien het laatste kan je aanvallen, en dat doe je met behulp van de ATP. Daarna volgt Battle Damage Assessment, eveneens met RecceLite. Is het doel uitgeschakeld, dan ben je “klaar”, zo niet, dan begint de cyclus opnieuw.’ ingehaald F2T2 is de afgelopen tien jaar verkleind van dagen naar minuten. ‘Sneller hoeft niet,’ zegt Deering, ‘maar meer stand off – veilige afstand voor

het vliegend personeel – wel. Voor de Nederlandse F-16’s geldt: we kunnen onze sensoren nu goed gebruiken, mits mooi weer en geen dreiging vanaf de grond. Is één van de twee er wel of beide, dan hebben wij een uitdaging. Bij bepaalde operaties en doelen moeten we met de F-16 echt op de tenen lopen. Met sensoren die verder weg kijken zoals op de F-35, blijven vlieger en toestel op veilige afstand. De sterke en snelle vermenigvuldiging van high tech Ground Based Air Defense heeft de capaciteit van de F-16 ingehaald. Er zijn diverse landen met deze moderne GBAD-systemen waarmee de F-16 het heel moeilijk heeft. De resolutie van de sensoren in de F-16 is gegroeid, maar de stand off mogelijkheid niet. Daarom moeten onze jongens dichtbij komen voor een goed plaatje.’ Maximaal gebruik 312 vliegt tijdens het verblijf in Noorwegen niet alleen voor UV12. ’s Middags staat de shadow wave op het programma, met en tegen bijvoorbeeld Noorse F-16’s. De locatie in het midwesten van Noorwegen heeft goede vlieg- en trainingsgebieden. Niet voor niets vindt hier dit najaar het tweede deel van de F-16 Fighter Weapons Instructor Training plaats en al eerder dit jaar was hier Tiger Meet. Ook daarvoor kwam een detachement van Volkel. ‘Dat scheelde voor het verhuisplaatje’, geeft eerste luitenant Karlyn aan. Ze is de logistiek officier voor beide detachementen en behoort met nog twintig personen tot het ‘vaste’ personeel. ‘Sowieso is het hier prettig werken. De ondersteuning van de Noren is top. Zelfs toen ons materiaal een dag eerder aankwam, was dat geen probleem. Ze zijn hier goed op bezoekende eenheden ingesteld.’ Deering onderschrijft die mening. ‘Met UV12 en de shadow wave waarmee zorgen voor geluidsexport uit Nederland, maken we twee weken lang maximaal gebruik van de mogelijkheden van het uitgebreide Noorse luchtruim.’

DE VLIEGENDE HOLLANDER 26

27 DE VLIEGENDE HOLLANDER

REPORTAGE

REPORTAGE HISTORIE

Civiele luchtverkeersleiders in opleiding bij luchtmacht

Het hoofd koel houden

De Safety Attitude & Communication Training bevat meer dan alleen brandjes blussen. Door teambuildingsopdrachten en workshops krijgen de studenten regelmatig een spiegel voorgehouden.

De eerste civiele luchtverkeersleiders die de Safety Attitude & Communication Training volbrachten.

Commandant School of Air Control (SAC) majoor Hans de Ruijter, is erg enthousiast over de nieuwe lichting cursisten. ‘Ondanks dat de hele week een verrassing voor ze is, pakken ze elke opdracht doortastend aan. Wat dat betreft zie ik geen verschil met militairen.’ Onder het mom van “mensen in situaties brengen waarin ze niet kunnen vluchten in dagelijkse routines”, geeft het onderdeel van het AOCS Nieuw Milligen al jarenlang diverse Human Factors trainingen aan toekomstig luchtgevechtsleidingen luchtverkeersleidingspersoneel. Hierbij is veel aandacht voor de professionele basishouding en het veiligheidsbewustzijn. In het kader van de civiel/militaire samenwerking met de Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) wordt deze expertise nu ook ingezet voor het opleiden van civiele luchtverkeersleiders. gedrag Hoogtepunt van de week vormt een search and rescue-actie uit een brandende container en het blussen van enorme vuurhaarden. Op brandweercentrum Kleefsewaard in Arnhem moeten de acht leerlingen in vol ornaat het hoofd koel zien te houden terwijl de vlammen om hen heen grijpen. Professioneel brandweerman Gert slaat het groepje gaande. De ervaren rot ziet veel parallellen tussen het werk van een luchtverkeersleider en de brandweer. ‘De hoge mate van verantwoordelijkheid typeert beide beroepen. Als je even niet oplet, zijn de gevolgen niet te overzien.’ De hitte en de rook zijn op sommige momenten zo verstikkend, dat menigeen angstig zou terugdeinzen. Maar de luchtverkeersleiders laten zien dat ze over de juiste mentaliteit beschikken. Zelfs als de vlammen op andere autowrakken overslaan, gaan ze de enorme vuurbal koelbloedig te lijf. ‘We leiden ze natuurlijk niet op tot brandweerman, maar het effect van een brand is dusdanig groot dat we dezelfde competenties kunnen trainen die bij het werk van een luchtverkeersleider komen kijken’, legt De Ruijter uit. ‘Het gaat namelijk om een high-risk-environment waarbij een professionele werkhouding, gedrag en overtuigingsniveau centraal staan. Ervaring leert dat deze factoren van cruciaal belang zijn voor een luchtverkeersleider.’

Filosofie De Safety Attitude & Communication Training bevat meer dan alleen brandjes blussen. De training, oorspronkelijk opgezet voor cursisten van de KMA of de onderofficiersopleiding, gaat over Human Factors in de luchtvaart en heeft als doel het garanderen van een veilige en efficiënte afhandeling van luchtverkeer. ‘De praktijk wijst uit dat de mens vaak de zwakste schakel is in een incident’, zegt Human Factors trainer majoor Mariëlle Mollen. ‘Je ziet regelmatig dat het vaktechnisch prima gaat, maar dat het veiligheidsbewustzijn, de persoonlijke attitude en het werken in een team beter kan. Daarom laten we cursisten opdrachten doen waarbij ze niet kunnen bouwen op zekerheden en ingesleten routines. Daarnaast is onze filosofie dat de opleidingsresultaten beter zijn als groepen goed samenwerken. Snel schakelen Naast dat de studenten tijdens workshops en teambuildingsopdrachten een spiegel krijgen voorgehouden, wordt er voordurend een koppeling gemaakt naar het vakgebied. Zo passeren diverse luchtvaartincidenten de revue waarbij het ontbreken van bepaalde intermenselijke aspecten zoals houding, communicatie, leidinggeven en samenwerking tot grote en kleine ongevallen heeft geleid. Leerling-luchtverkeersleider Eliane blikt dan ook terug op een intensieve week. ‘Elke dag was een verassing. Wat je daarvan leert, is dat je snel moet schakelen. Zo moesten we geblinddoekt een kelder in. Vanwege die desoriëntatie moet je op een ander vertrouwen. Zoiets is leerzaam en goed voor het team. Ook leer je de leiding nemen als het moet.’ Medecursist Bert vindt vooral het teambuildingsaspect een meerwaarde. ‘Wij zijn een nieuwe klas en door zo’n week leer je elkaar snel kennen. Door de stress die je ervaart, moet je grenzen verleggen en leer je beter focussen.’ Met een persoonlijk advies op zak van de SAC gaan de cursisten na een kleine week weer terug naar Schiphol. Zij zijn de eerste burgers die onder extreme omstandigheden de Safety Attitude & Communication Training volbrachten, een onderdeel die in hun eigen opleiding van LVNL op dit moment nog ontbreekt. Of ze het zullen aanraden aan andere studenten? ‘Je hoeft zeker niet bang te zijn dat het een bootcamp is’, zegt Eliane. ‘De militaire docenten zijn ontzettend aardig en hebben veel expertise op het gebied van leidinggeven.’

nee, een militaire bootcamp is de Safety attitude & Communication training van de School of air Control het niet. wél wordt er verwacht dat de acht luchtverkeersleiders van Luchtverkeersleiding nederland samenwerken en zich in een hoge dreigingsomgeving staande weten te houden. Het is voor het eerst dat civiele luchtverkeersleiders deze training van het air Operations Control Station ondergaan.
Tekst: Eerste luitenant Marlous de Ridder Foto’s: Mariëlle Mollen, SAC

Ondanks de enorme vuurbal en verstikkende hitte laten de luchtverkeersleiders zien te allen tijden het hoofd koel te houden.
DE VLIEGENDE HOLLANDER 28 29 DE VLIEGENDE HOLLANDER

PERSONEEL

Oud-redder Sar staat model voor kinderboek

LEES- EN KIJKWIJZER
Spyker Vliegtuigen – De geschiedenis van de NV Nederlandsche Automobielen Vliegtuigfabriek ‘Trompenburg’ 1915-1921
Spijker, een klinkende naam die tegenwoordig eigenlijk alleen bekend is van exclusieve auto’s. Zo is het ook bijna een eeuw geleden. Maar materiaalschaarste noopt de fabriek te zoeken naar alternatieven en komt zo uit bij luchtvaart. Die link van toen is vandaag de dag nog duidelijk terug te zien aan het in 1915 geïntroduceerde logo; een autospaakwiel met daarover een propeller. De ontwikkeling van de Spyker V.1, een klein éénpersoons jachtvliegtuig en daarmee het eerste in Nederland ontworpen jachtvliegtuig, begint in 1916. Spyker was tevens de eerste Nederlandse fabriek die op grote schaal vliegtuigen produceerde. Een onbekend, merkwaardig en interessant verhaal, zo vond luchtvaartpublicist Theo Wesselink, en daarom stelde hij dit boek samen. Het is niet goedkoop, maar vormt voor de liefhebber van de vaderlandse luchtvaart een welkome aanvulling en is goed leesbaar geschreven. Het boek telt na de inleiding zes ongenummerde hoofdstukken en acht bijlagen met onder andere productieoverzichten van Farmans van de Luchtvaartafdeeling, Marine Luchtvaartdienst de ML KNIL. Helaas zijn de foto’s mede door het gekozen papier van matige kwaliteit. (A.M.) ‘Spyker Vliegtuigen – De geschiedenis van de NV Nederlandsche Automobiel- en Vliegtuigfabriek “Trompenburg” 1915-1921’, met ISBN 9789081851008 is geschreven door Theo Wesselink en uitgegeven door Dutch Aviation Publications. De hardback op formaat 16 x 23,5 cm telt 230 pagina’s en is voorzien van honderden zwart-wit foto’s. Het boek is voor € 42,95 onder andere te koop bij de Flash Luchtvaartwinkel in Eindhoven, Luchtvaart Hobbyshop in Aalsmeerderbrug en via www.dutchavia.nl.

Burghout (r.) overhandigt het eerste exemplaar van ‘Piet Storm’ aan Schram voor het paneel dat deel uitmaakt van de nieuwe buitententoonstelling van het Militaire Luchtvaart Museum, Honderd jaar militaire luchtvaart.

‘door het vuur’
Op chemicaliëntanker Shiokaze breekt op 19 maart 1993 brand uit. Op de noodoproep reageert onder andere de Search and rescue (Sar)-vlucht van de luchtmacht op de vliegbasis Leeuwarden. Een alouette iii vliegt tachtig kilometer naar de ‘drijvende bom’, zoals boordmonteur-redder eerste luitenant bd piet Schram het schip omschrijft. zijn ervaringen staan model voor het kinderboek ‘piet Storm gaat door het vuur’ dat onlangs uitkwam.
Tekst: Arno Marchand | Foto: Pauline Burghout

Luchtvaartkalender 2013 – Honderd jaar Nederlandse Militaire Luchtvaart
Al 25 jaar lang verzorgt samensteller Peter Korbee de luchtvaartkalender. Met het oog op de festiviteiten van 2013 is het thema voor deze dubbele jubileumeditie – heel toepasselijk – honderd jaar Nederlandse militaire luchtvaart. Dat omvat dus zowel de luchtmacht en haar voorlopers, als de – inmiddels gewezen – Marine Luchtvaartdienst. Voor deze kalender is gekozen voor afbeeldingen van huidig en historisch materieel van beide dienstvakken van na 1950. Op iedere pagina staan drie afbeeldingen wat een totaal van drieënveertig kleurenfoto’s oplevert. (A.M.) ‘Luchtvaartkalender 2013 – Honderd jaar Nederlandse Militaire Luchtvaart’ is samengesteld door Peter Korbee. De dertien pagina’s van 250 grams papier op 25 x 36 cm zijn enkelzijdig bedrukt. De kalender is voor €16,- verkrijgbaar bij de Luchtvaart Hobbyshop in Aalsmeerderbrug, het Militaire Luchtvaart Museum en bij de ledenservice van Onze Luchtmacht. Bestellen kan ook door het bedrag (en dat is dan inclusief verzendkosten) over te maken op giro 2567434 ten name van Korbee-promotie MLD/DHC in Rijnsburg, onder vermelding van ‘kalender 2013’ en uw adresgegevens (zonder deze is verzending niet mogelijk).

Twee jaar is hij inmiddels uit dienst, maar Schram kan zich de grootste reddingsoperatie van de SAR nog levendig herinneren. ‘Mijn god, waar beginnen we aan,’ dacht ik toen we kwamen aanvliegen, ‘dit kunnen wij niet handelen. Maar eenmaal op het achterdek is dat weg en móet je. De adrenaline giert door je lijf. De paniek aan boord was groot en er was zoveel lawaai door het vuur. Dinghys en reddingsboten hingen langs het schip, maar de twintig bemanningsleden durfden er niet in. Maar er waren acht tanks aan boord dus er kon nog veel meer ontploffen. Als eerste liet ik twee man van boord takelen. Het wachten was op andere helikopters die de rest op schepen konden afzetten.’ Een Urker visser in de buurt was niet geschikt om te hoisten, een containerschip een stuk verderop wel. De Alouette heeft er liefst elf man afgezet, een Sea King van de Duitsers transporteert acht opvarenden en een Lynx van de marine twee zwaargewonden. Na anderhalf uur gaan Schram en de kapitein als laatste van boord. ‘Oh wat was ik blij dat ik weer in de helikopter zat. Ik was overmand en uitgeput. Ik heb vijf minuten met m’n gezicht in een handdoek gezeten. Mijn collega’s moesten mijn wetsuit uittrekken. Ik had er geen kracht meer voor.’ De Alouette landt vrijwel zonder brandstof op Terschelling. Schram ontvangt de bronzen Carnegie medaille voor de reddingsoperatie met gevaar voor eigen leven. Schilderij Het incident trekt destijds al aandacht van Adri Burghout en hij maakt er een olieverfschilderij van. Voor informatie klopt hij aan bij de SAR en komt in gesprek met de betreffende Alouette-bemanning. Schram klopt naderhand zelf bij Burghout aan met de vraag of de SAR het schilDE VLIEGENDE HOLLANDER 30

‘Piet Storm gaat door het vuur’ met ISBN 9789033125003 / NUR 282-283 is geschreven en geïllustreerd door Adri Burghout en uitgegeven door Den Hertog Uitgeverij. De hardback op formaat 14,5 x 21,5 cm telt 94 pagina’s met vier zwart-wit en één kleurenafbeelding (omslag) en heeft als leesniveau M5 voor leeftijden vanaf 9 jaar. Het boek kost in 2013 €7,50 maar tot die tijd als actieboek slechts € 5,-.

Een Texelse luchtvaartgeschiedenis – 75 jaar vliegveld Texel
Het vliegveld Texel bestond op 26 juni 75 jaar en dat werd mede gevierd met de Texel Airshow op 28 juli en een boek. In ‘75 jaar vliegveld Texel’ komt de geschiedenis van de gehele Nederlandse luchtvaart op kleine schaal langs; van watervliegkamp (De Mok), raketbasis (van de Duitsers), en natuurlijk (zweef-)vliegtuigen. En die in vele soorten zoals Messerschmitts, Lancasters, een Russische Su-27 en zelfs de Space Shuttle die (bijna!) voorbij komt… Maar in het boek legt Jan Willem de Wijn ook een verband met de historie van het eiland. Gezocht is naar een combinatie van luchtvaart- en lokale geschiedschrijving. Bijvoorbeeld door het verhaal over ‘de laatste slag van de Tweede Wereldoorlog’ in Europa die op Texel plaatsvond. Deze opstand der Georgiërs in april 1945 kost maar liefst honderdtwintig burgers en dertienhonderd militairen het leven. Een prachtig geïllustreerd boek met vele honderden zwart-wit en kleurenfoto’s. Dat levert echter één probleem op. De pagina’s staan zo vol, dat (de foto’s in) het boek op een groter formaat beter tot z’n recht zouden zijn gekomen. Het is echter wel duidelijk dat de vormgever de fotocollectie van het Luchtvaartmuseum Texel in zijn beheer heeft, want de afbeeldingen zijn perfect weergegeven. (A.M.) ‘Een Texelse luchtvaartgeschiedenis – 75 jaar vliegveld Texel’ met ISBN/EAN 9789080053106 is geschreven door Jan Willem de Wijn, vormgegeven door Jan Nieuwenhuis en uitgegeven door Texel Airport NV. De hardback op 17,5 x 24,5 cm telt 148 pagina’s met zo’n 250 afbeeldingen. Het boek is voor € 24,95 verkrijgbaar bij de Luchtvaarthobbyshop in Aalsmeerderbrug, Flash Aviation in Eindhoven en bij de havendienst en in het museum op het vliegveld Texel.

derij mag hebben. Normaliter houdt de crew altijd wel een tastbare herinnering over aan een redding, maar van de Shiokaze niets, zelfs geen bedankje van de rederij. De schilder wil het eigenlijk niet kwijt, maar realiseert dat de crewroom van de SAR-vlucht de mooiste plek is waar het kan hangen. Via het MLM waar het toen hing, gaat het doek per AB-412 met Schram en Burghout naar Leeuwarden. Voor Burghout is ‘Door het vuur’ het 25ste kinderboek dat hij in acht jaar zowel schrijft als illustreert. Het is fictief, prettig leesbaar en operationele begrippen worden indien nodig met een voetnoot toegelicht. Eerder schreef Burghout onder andere het vierluik ‘Redskins’ over de belevenissen van Apache-vliegers. Schram stelde in 2003 in samenwerking met de toenmalige Sectie Luchtmachthistorie het boek ‘Boven de Wadden, dag en nacht…’ samen met daarin veertig jaar SAR-historie.

31 DE VLIEGENDE HOLLANDER

LEES- EN KIJKWIJZER
Warplane NO.01 – Martin Mariner en NO.02 Hawker Hunter
Betrekkelijk nieuw is de serie Warplane van uitgeverij Violaero. Begin dit jaar kwam deel 1 over de Martin Mariner uit, recentelijk gevolgd door deel twee over de Hunter. Qua populariteit liggen de toestellen mijlenver uit elkaar de boekjes qua opzet niet. Het zijn dunne uitgaven die met zevenmijlslaarzen door de ontwikkeling, operationele carrière en technische gegevens van de wapensystemen lopen. Uitgebreid kan ook niet op nog geen vijftig pagina’s. De boekjes zijn dan ook niet meer dan een kennismaking met het vliegtuig, voorzien van diverse tekeningen zoals zijaanzichten en veel foto’s. Keerzijde daarvan is dat er op het geringe aantal pagina’s wel heel veel geplaatst zijn wat een beetje een propperige indruk geeft. En helaas voldoen enkele foto’s niet aan de resolutie die verlangt is voor de afdrukgrootte waardoor rafelige beelden ontstaan. Tot slot de tekst: die is in het Engels (al meldt de site ook Nederlands) waarmee de uitgever mikt op een internationale markt maar de vraag is of ze daarvoor niet de globaal zijn. Duur zijn ze echter niet. (A.M.) ‘Warplane NO.01 – Martin Mariner’ en ‘NO.02 Hawker Hunter’, met respectievelijk ISBN 9789086161614 en 9789086161621 zijn geschreven door Nico Braas en Srecko Bradic en uitgegeven door Lanasta/Violaero. De softbacks op formaat 22 x 27 cm tellen 48 pagina’s en zijn voorzien van vele tientallen zwart-wit en kleurenfoto’s en afbeeldingen. Ze zijn voor € 12,95 verkrijgbaar bij onder andere de Luchtvaarthobbyshop in Aalsmeerderbrug, Flash Aviation in Eindhoven en in de webshop van Lanasta. Kijk voor meer info op www.lanasta.com

Mensen & Mutaties
Bevorderingen militairen Kolonel Segaar RAH - Afd Pensioen SocZH Zorg Vetera Siemensma S - LSK:AFD PERS. ONTWIK. & OPL. Luitenant-kolonel Groothuis EH - DHC:300 SQN Rosmalen EJAP van - Rooms Katholieke GV CLSK Bergman C - EODD/KCEN Majoor Hoop MTL - Commandogroep Bureau PGA Giesselbach Y - Sectie C4ISR Rooij CW de - LCW:AFD ACCTMGMT Kapitein Hermans SPW - DHC:300 OPS VLUCHT 2 Kuiper T - VKL:VLUCHT 2 312 Franken AJB - DHC:299 KNT INTELL Biskop EAM - JMG:AFD WEERDIENST Dekkers A - RcGGZ Zuid Eerste luitenant Biggelaar MC van den - SIE TOV&WSGEBNDN EQMT WSE Heideveld H - VKL:CIS MAINTENANCE Stevens YD - Regio Kantoor Noord Rudenko PA - DHC:930 WE BASE COUGAR Broekhoven F van - DHC:PH O&E BUR CERT&OPL Quik IFA - AOCS:OPERATIEN LVL SIE A Roo S de - DHC:932 MAT O&V Quik IFA - AOCS:OPERATIEN LVL SIE A Tweede luitenant Dekker LL - DHC:931 PVE LVL Groen JRC - AOCS:OPS GL SIE D VLUCHT B Lummel A van - LSK:SIE PLATFORM ONDERSTEUN. Adjudant-onderofficier Moet FJ de - DGLC/ST/SIE S2/BUR MILVH Maasakker GA van - JISTARC/STSTESK/ST/SIE S3/O&T Jong ACJ de - OPS PLG STR Sergeant-majoor Klok HP - Bewaking Leeuwarden Rus SJP - LCW:PACER ICSS PROJECT Luijks PAM - KMSL:VG OUT OF AREA Sergeant der eerste klasse Ontslag militairen Majoor Belonje FS - LW:GZHC VLIEGBASIS LEEUWARDEN Gerwen CHH van - DHC:PH OPS KNT OPSLOG Velterop ATM - LSK:SIE EVALUATIE (A-7) Wijnveld A - LSK:SIE BEDRIJFSVOERING Kapitein Cuypers JAL - LSK:P&O ADVIES Eerste luitenant Boerstal HGJ - CML:LUCHTVAART-& BEWEGINGSFYS Tjeerdsma MK - LW:P&O ADVIES Woudenberg SCJ - LW:WE AVIONICATECHNIEK Sergeant-majoor Moes LNP - VKL:MISSION SUPPORT 312 Sergeant der eerste klasse Durant MZ - DHC:930 WE VVU Feenstra SG - KMSL:PLV COMMANDANT Geel JP van - KMSL:BUREAU INL. & VEILIGHEID Kuvener R - AOCS:WERKCENTRUM RADAR Vliet MNJ van - LW:WE BASE MAINTENANCE Sergeant Bruijn AJ de - LSKBOE:OPL NLDA LANG MODEL MWO Pinster P - DHC:931 CIS COORDINATIE CENTRE Korporaal der eerste klasse Groeneveld EE - VKL:SIE WEGTRANSPORT Hoogkamer W - Vlb Gilze Rijen Koning EM de - KMSL:GENEESKUNDIGE ONDERST. Ramakers MJ - VKL:BEWAKINGS-SPEC OPS 640 VL3 Ritzen AAJJ - LW:GEV GRP B 621 OGRV Venema GW - DHC:931 CIS MAINTENANCE Verschuren JCA - Bewaking Woensdrecht Wijkstra E - EHV:SHIFT B VRACHTAFHANDELING Postma W - LW:WE BASE MAINTENANCE Repi GD - DHC:932 MAT ONTVANGST Tsekpo K - DHC:930 WE VLIEGTUIGPLAATWERK Korporaal der eerste klasse Hulst HM van - 802SQN/LOGPEL/DISTRGP Amerongen M van - DHC:932 MVZ ONDERSTEUNING Huissteden MA van - VKL:WE VLIEGTUIGONDERHOUD Vruggink B - VKL:SIE WEGTRANSPORT Bloeme A de - DHC:932 MAT OPSLAGMAGAZIJN ALG Boellaard Van Tuyl CCE - DHC:932 MVZ OPS Laat MMJA de - VKL:BEWAKINGS-SPEC OPS 640 VL3 Arkenbout D - DHC:932 MAT OPSLAGMAGAZIJN ALG Schot ACM - KMSL:SIE MATERIEELVOORZIENING Remerie J - LW:SIE WEGTRANSPORT Burgers D - LSKBOE:VERZAMELARBPL TBV GGW Arrighi J - LW:SIE WEGTRANSPORT Korporaal Kamerman M - DHC:932 WE LOG OPSLAG POLCA Rubrech RSA - VKL:BEWAKINGS-SPEC OPS 640 VL4 Soldaat der eerste klasse Soldaat der derde klasse

JOURNAAL AUGUSTUS

Imming MM - VKL:BEWAKINGS-SPEC OPS 640 VL1 Pummikongkaew A - VKL:BEWAKINGS-SPEC OPS 640 VL5

Kaathoven TAJ van - LSKBOE:OPL NLDA KRT MODEL KOO

Ontslag burgerambtenaren Schaal 10 Mulders TM  - LCW:P&C BUR MGMT&FIN CTRL Riet PHM van - LCW:LM BUR J&LVTGN MM&PC7 Schaal 9 Maanen M van  - AOCS:KNT SOFTWARE ENGINEERING Quaak GC  - LCW:PE COMPO BUR PROD ENGR Schaal 8 Huizer I  - LSKBOE:SPEER VERANDERMANAGEMNT

Bevorderingen burgerambtenaren Schaal 11 Verboom WW - LCW:LM BUR HELIKOPTERS Schaal 8 Boven HGMM van - LCW:PE GSM CL ALG OST Schaal 7 Overveld VHJ van - LCW:P&C BUR MGMT&FIN CTRL Schaal 6 Poortvliet PJ van - LCW:LOG FD BUR INTN MAT VZN Schaal 5 Roy APJ van - DHC:BURO PERS ONTW OPL&OST

Schaal 7 Bakermans JJH  - EHV:WC VLGTG PLTWRK/KUNSTST Schaal 6 Nieuwendijk WL van den  - LCW:LOG FD BUR INTN MAT VZN Schaal 4 Galen AC van  - DHC:930 WE VVU

KLu in Koude Oorlog-8 – North American F-86K Sabre
Het achtste deel in deze serie van Waldemar Bosma handelt over een vermaard vliegtuigtype: de F-86 Sabre. Al tijdens WO II start North American met de ontwikkeling van deze jager, en de eerste bestelling volgt in 1946. De jager die voor de Amerikaanse luchtmacht bepalend zou worden in de Korea Oorlog, vliegt van 1955 tot en met 1964 in Nederlandse dienst bij het 700, 701 en 702 Squadron. De DVD begint met een goede tekstintroductie, maar tegelijkertijd is zoveel interessant beeldmateriaal te zien van (Noorse) F-86’s, dat het intro twee keer bekeken moet worden. De opbouw van het verhaal en de interviews klopt verder goed, maar de ondersteunende beelden roepen vragen op voor wat betreft de volgorde. Waarom eerst uit 1973 (het toestel is dan al uit dienst, maar staat nog op de static show van vliegbasis Deelen), gevolgd door 1961, 1956 en 1963? De kwaliteit van de opnames is over het algemeen goed maar soms ontbreekt uitleg erbij. Veel minder is de geluidskwaliteit van de geïnterviewden (vooral van de twee oud-vliegers) die vaak dof en hol is en bij tijd en wijle toch wel amateuristisch overkomt. Met wat extra aandacht zou dit beter kunnen en professioneler document opleveren. Toch levert deze DVD een mooi beeld van de eerste en enige echte nacht- en all weather fighter van de KLu. (A.M.) ‘KLu in Koude Oorlog-8 – North American F-86K Sabre’ is samengesteld Waldemar Produkties/Centerline. De DVD heeft een speelduur van 65 minuten. Hij is onder andere te bestellen door overmaking van €24,- (inclusief verzendkosten) op bankrekening 435947656 ten name van Waldemar Produkties in Rotterdam. Kijk voor meer informatie op www.waldemarprodukties.nl

Overplaatsingen Heijden F van der  - naar Defensie Materieel Organisatie

Militair naar burger KPL1 Leenders JPL

Oorlogsvlieger Jan Linzel
De naam Jan Linzel is binnen de luchtmacht een bekende. En niet voor niets, want het is met 96 jaar de enige nog levende Nederlands gevechtsvlieger die in zowel 1940, ‘44 als ‘45 tegen de Duitse bezetter vocht. Dit boek, geschreven door Jan Houter, vertelt zijn levensverhaal waarbij Linzel geen blad voor de mond neemt. Op 10 mei 1940 gaat hij met een Fokker D.XXI de lucht in. Na meerdere gevechten wordt hij neergeschoten, maar weet per parachute te overleven. Hij vlucht naar Engeland waar hij vastbesloten is om Spitfire te gaan vliegen. Op het Europese vasteland gaat hij meer dan honderdvijftig keer de lucht in om de Duitse bezetter te bestrijden. Hij ziet zijn vele gevechtsmissies in WO II nog altijd als een film aan zich voorbij gaan en heeft zoals hij zelf zegt ‘ontzettend veel geluk gehad’. De boeiende verhalen worden over het algemeen goed ondersteund met foto’s, maar een aantal opnames ontbeert een bijschrift en dat is simpelweg een gemis. De fotokwaliteit en de daarmee samenhangende keuze voor klein of groot plaatsen, laat op een aantal plaatsen toch wel te wensen over. Opnames zijn ‘vuil’ en contrast ontbreekt wat met moderne technieken gemakkelijk op te lossen, danwel bereikbaar is. Ook komen hier en daar slordigheden in het taalgebruik voor, zoals Vliehorst in plaats van Vliehors, de plek waar majoor Linzel van 1948 tot en met 1973 vuurleider was. Deze omissies hadden makkelijk voorkomen kunnen worden, maar het gevoel van mooi document dat deze vlieger eert, blijft. (A.M.) ‘Oorlogsvlieger Jan Linzel’, met ISBN9789081893633, is geschreven door Jan Houter, en uitgegeven door Uitgeverij Geromy BV in Maarssen. De hardback op A4formaat telt 144 bladzijden voorzien van 85 zwart-wit foto’s en twee afbeeldingen, en acht pagina’s zijaanzichten van vliegtuigen in kleur. Het boek kost €28,00. Het is onder andere voor €6,50 extra (verzendkosten) te bestellen bij de uitgever. Kijk daarvoor en meer ‘behoud van het luchtvaarterfgoed’ op www.geromybv.nl

Baal NJCG van - DHC:298 OPS VLUCHT 3 Samaniego E - DHC:300 OPS VLUCHT 2 Engelen TCM van - DHC:298 G&O VLUCHT 1 Seuren DJP - LSKBOE:VERZAMELARBPL TBV GGW Wetering GP van de - SMPL/IP FD&GDNBEH/IG LOG KLU Verheijen SJAH - Strijpse Kampen Snelting RGB - 802SQN/1PATRIOTFU/2CREW Koopmans SM - Bewaking Leeuwarden Stijn R van - VKL:WE BASE MAINTENANCE F16 Steynis M - VKL:P&O ADVIES Berg N van den - DHC:301 OPS INTELL Bruin TT de - LW:CIS MAINTENANCE Goor RJM van der - 802SQN/3PATRIOTFU/2CREW Nijenhuis CS - LCW:PE GSM CL LVB Geldof PJ - DHC:298 OPS VLUCHT 5 Broeren WJA - VOTC:WE VLIEGVEILIGHUITRUST. Tan JFF - DHC:298 OPS VLUCHT 1 Derix JJL - DHC:300 OPS VLUCHT 2 Sergeant Fok Y - DHC:931 GRP C 651 OGRV HGL Houdijk TJ - LCW:PE COMPO CL MOT&MODUL Toornburg RB van - DHC:301 G&O VLUCHT 1 Kwantes RJ - LW:VLUCHT AIRCRAFT MAINT 322 Jonge AC de - LW:VLUCHT AIRCRAFT MAINT 322 Klundert LAB van de - VKL:WE VLIEGTUIGONDERHOUD Leeuwen FL van - EHV:WC HOUT&METAALBEWERKING Holtman BHR - 802SQN/3PATRIOTFU/3CREW Haak L - DHC:930 WE SCHILDER/KUNSTSTOF Berg R van den - LCW:LOG FD OO&D KANT ADMIN Willems TGH - DHC:930 WE VLIEGTUIGPLAATWERK Rigters JF - IFB NCS DARS NM Giesbers BJH - VKL:SIE VLIEGVEIL. UITRUSTING Schuckman W - VKL:BUR OPERATIONELE ONDERST. Pennings DLMA - VKL:SIE VLIEGVEIL. UITRUSTING

Rectificatie In vorige Mensen en Mutaties van nr.8 augustus 2012 is een fout geslopen. Abusievelijk stond de bevordering tot luitenant-generaal van Hans Wehren als Plaatsvervangend Commandant der Strijdkrachten, vermeld als luitenant-kolonel. Hierbij is die omissie rechtgezet.

DE VLIEGENDE HOLLANDER 32

33 DE VLIEGENDE HOLLANDER

JO U R NAA L
VRAGEN AAN – BEHALVE OVER ADRESWIJZIGINGEN – OF BIJDRAGEN VOOR DE VLIEGENDE HOLLANDER?
Mail naar vliegendehollander@mindef.nl. Stuur foto’s bij voorkeur naar luchtmachtcommunicatie@gmail.com. Deadline: iedere eerste maandag van de maand.

JOURNAAL

In memoriam
† Op 31 mei overleed Peter Abeling. Als kapitein werkte hij Joint Kenniscentrum CBRN. Hij was gehuwd en had twee dochters. Abeling is 53 jaar geworden.

duits-nederlandse grondgebonden luchtverdediging dichterbij
De samenwerking tussen Nederland en Duitsland op het gebied van grondgebonden lucht- en raketverdediging gaat een nieuwe fase in. Op 14 september zetten de projectleiders van beide landen hun handtekening onder verdergaande afspraken. Het project moet de inmiddels decennialange samenwerking op luchtverdedigingsgebied verder uitbouwen. De reorganisaties in beide landen, waar Duitsland nog middenin zit, worden direct aangegrepen om meer doelmatig te werken. Zo wordt op het operationele vlak toegewerkt naar een Duits-Nederlandse staf die bij oefeningen en daadwerkelijke inzet de kern vormt van een op maat gemaakte lucht- en raketverdedigingstaakgroep. Van grootscheepse, structurele grensoverschrijdingen van eenheden zal echter geen sprake zijn. Naast de operationele voordelen, zien projectleiders kolonel Jan Blom en zijn toekomstig ranggenoot Bernd Stockmann goede kansen om logistiek, opleiding en training verder te bundelen. Aan dit laatste draagt de voorgenomen terugkeer van betreffende Duitse eenheden uit de VS nog eens extra bij. Samen met de binationale kernstaf krijgen de Duitse operationele en opleidingsen trainingseenheden de Noord-Duitse plaats Husum als thuisbasis. Hoewel het project zich door de reorganisaties in het beginstadium bevindt, verwachten de projectleiders dat in 2013 beide ministers de overeenkomst kunnen tekenen. In Nederland is het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando belast met raketverdediging. Op 9 oktober bracht koningin Beatrix een bezoek aan dit onderdeel. Foto: Maartje Roos, AVDD

Betaaldata salarissen
In 2012 wordt het salaris uiterlijk bijgeschreven op de eerstvolgende werkdag na 23 november (inclusief eindejaarsuitkering) en 21 december. Meer informatie is verkrijgbaar bij het Dienstencentrum Human Resources (DCHR) via de startpagina P&O-selfservice, of telefonisch op *06-733 of 0800-2255733 (vanuit het buitenland (+31-70-414 33 00), bereikbaar op werkdagen van 8.00 tot 12.00 uur.

Veteranendag militaire luchtvaart
Voor het vierde jaar op rij was de vliegbasis Eindhoven gastheer van de Veteranendag van de Koninklijke Luchtmacht. Op 5 september kwamen ruim vijfhonderd veteranen uit verschillende dienstperiodes en -vakken bijeen. Met de Veteranendag geeft de luchtmacht vorm aan haar waardering voor de inzet van haar militairen die vaak dienden onder moeilijke en zware omstandigheden. De luchtmacht organiseert de jaarlijkse dag in samenspraak met de vertegenwoordigers van de Stichting Federatie Militaire Luchtvaart die optreedt als belangenbehartiger.

de Kooy kan verder
Maritiem Vliegkamp De Kooy kan de komende tien jaar op voldoende inkomsten rekenen om open te blijven. Den Helder Airport, dat voornamelijk helikoptervluchten naar boorplatforms in de Noordzee verzorgt, kan dankzij de medegebruikovereenkomst ook weer vooruit. Nadat minister Hans Hillen van Defensie eerder dit jaar de basis had gelegd voor het medegebruik, tekende staatssecretaris Frans Weekers van Financiën eind augustus de overeenkomst met directeur Conny van den Hoff van de luchthaven. Weekers constateerde tevreden dat hiermee zeker 5.500 banen veilig zijn gesteld.

Verschijning de Vliegende Hollander

Chinook plaatst kanonnen op texelse forten
Op verzoek van Natuurmonumenten heeft een Chinook op 6 september onder grote publieke belangstelling twee historische kanonnen op Fort de Schans en Nevenfort Lunette op Texel geplaatst. Door het gewicht van de kanonnen en de bereikbaarheid van de wapenplaatsen was het niet mogelijk om de kanonnen via land te transporteren. De kanonnen stammen uit 1809. Natuurmonumenten heeft deze kanonnen in bruikleen gekregen van het Marine Museum in Den Helder om zo de cultuurhistorische waarde van beide forten te herstellen. De kanonnen wegen, inclusief het traditionele rolpaard, ongeveer vierduizend kilo per stuk. Voorafgaand aan de plaatsing deed het Bureau Helikopter Ladingen statische testen en diverse berekeningen om deze bijzondere lading veilig te kunnen vervoeren. Foto: E. Boot

In verband met vertraging in het aanleveren van kopij voor de Vliegende Hollander, is het helaas niet mogelijk aan de standaard verschijning van één nummer per maand te voldoen. De redactie doet er alles aan toch zoveel mogelijk bij te blijven. Daarom is deze uitgave gecombineerd tot een (verlaat) september-oktobernummer. In 2012 volgt volgens de huidige planning nog een november en decembernummer.

ADRESWIJZIGINGEN: ZIE COLOFON OP PAGINA 39

Herdenking Indië Monument

nieuwe namen op luchtvarendenmonument
Tijdens een besloten ceremonie zijn op 6 september vier namen toegevoegd aan het Gedenkteken Luchtvarenden op de voormalige vliegbasis Soesterberg. Het monument telt nu 1217 namen. Het monument is een gedenkteken voor alle Nederlandse militairen, verbonden aan de militaire luchtvaart van 1913 tot heden, omgekomen met een luchtvaartuig van de Nederlandse of Nederlands-Indische militaire luchtvaart bij de uitoefening van een dienstopdracht. Ondanks gedegen onderzoek bleek na de onthulling in 2007 dat een aantal namen nog ontbrak. De vier militairen zijn tussen 1920 en 1941 als passagier in een militair vliegtuig bij een crash of vijandelijke actie in Nederland of Nederlands-Indië omgekomen. Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie concludeerde dat de aangedragen namen ook op het monument hoorden. Het monument is slechts op bepaalde dagen te bezoeken. Kijk daarvoor op http://www.defensie.nl/luchtmacht/actueel/activiteiten.

Medailles en wings voor awaCS-personeel
Veertien Nederlandse luchtmachtmilitairen op de vliegbasis Geilenkrichen ontvingen op 6 september uit handen van C-LSK Sander Schnitger de herinneringsmedaille voor hun inzet tijdens ISAF, Operation Unified Protector, of de wing voor luchtvarenden uit. Het Nederlandse detachement gestationeerd op de NATO E-3A Component in Geilenkirchen, Duitsland, maakt onderdeel uit van de NATO Airborne Early Warning and Control Force. Foto: Mike Longoria

Vijf F-16’s van de vliegbasis Volkel maakten op 1 september een fly-by in missing man formation boven het Nationaal Indië Monument 1945-1962 in Roermond. Op die dag vond de jaarlijkse herdenkingsplechtigheid plaats voor militairen die sneuvelden in Nederlands-Indië of Nederlands Nieuw-Guinea. Het monument is opgericht ter ere en nagedachtenis aan de ruim 6200 Nederlandse militairen die tussen 1945 en 1962 in beide landen zijn gesneuveld.

Rectificatie

Naar nu blijkt is de foto van een formatie van vier P-51 Mustangs op pagina 19 van de Vliegende Hollander van april 2012, niet gemaakt door Jilles Verspoor, zoals wel vermeld staat. De fotograaf die deze foto vanuit een B-25 op 25 oktober 1948 boven Medan op Sumatra maakte, is namelijk sergeant bd Willem van Rijk (86). Hij kaartte – terecht – zelf deze omissie aan.

DE VLIEGENDE HOLLANDER 34

35 DE VLIEGENDE HOLLANDER

JOURNAAL

JOURNAAL

Commandooverdrachten
• Het commando over het 322 Squadron ging op 23 augustus over van luitenant-kolonel Erik Rab aan overste Ronald van der Jagt. Dit gebeurde ten overstaan van genodigden en medewerkers. Rab vertrekt naar het JSF Project Office in Washington DC in de Verenigde Staten. Van der Jagt werkte in het verleden op zowel Leeuwarden als Volkel en voor het projectteam Vervanging F-16 in Den Haag. Het afgelopen jaar rondde hij de Hogere Defensie Vorming af. • Commodore Dennis Luyt droeg op 24 augustus het commando over de vliegbasis Leeuwarden over aan kolonel Gerbe Verhaaf. Luyt is vanaf die datum Directeur Operaties op de staf CLSK in Breda. Verhaaf was tot dat moment Plaatsvervangend Commandant Operaties van de vliegbasis Volkel. • Majoor Don Woldhuis droeg op 29 augustus het commando over het 299 Squadron over aan ranggenoot Marco Olivier. Olivier was hiervoor Hoofd Bureau Oefen en Inzet Voorbereiding van het Defensie Helikopter Commando. Woldhuis vertrekt naar de Bestuursstaf in Den Haag. • Op 30 augustus gaf luitenant-kolonel André Steur het commando over het 313 Squadron over aan luitenant-kolonel Marcel van Egmond. Steur is sindsdien Plaatsvervangend Commandant Operaties op vliegbasis Volkel, een taak die hij overnam van kolonel Gerbe Verhaaf. Van Egmond was hiervoor werkzaam als OPS officier bij 313. • Luitenant-kolonel Arnoud Stallman nam op 31 augustus commando over het 323 TACTES Squadron over uit handen van Plaatsvervangend Commandant Operaties vliegbasis Leeuwarden, overste Frank den Edel. De voormalig C-323 luitenantkolonel vlieger Johan van Deventer is ondertussen begonnen aan de Hogere Defensie Vorming in de Verenigde Staten.

Op de foto een NH90 op weg naar Culdrose in Groot-Brittannië eerder dit jaar. Foto: Defensie

nH90 en Holland-klasse trotseren zwaar weer
De bemanning van een NH90 en het patrouillevaartuig Hr. Ms. Holland hebben in september met windkracht acht en golven tot vier meter hoog deklandingen getest. Met de tests worden de windlimieten bepaald voor het opereren met de NH90 aan boord van de Holland-klasse. Deze zijn volgens commandant van het patrouillevaartuig, kapiteinluitenant ter zee Chris van den Berg, nodig om te weten hoe ver je kunt gaan tijdens operaties in zwaar weer. ‘Bij elke scheepsklasse wordt dit getest en geanalyseerd. Je hebt bijvoorbeeld te maken met turbulentie door de wind. En in vergelijking met de grotere luchtverdedings- en commandofregatten en de amfibische transportschepen is dit schip vatbaarder voor golven.’ Een testteam van de luchtmacht was met meetapparatuur aanwezig om alle gegevens te analyseren. Daarnaast is voor de eerste keer een zogeheten ship controlled approach met een patrouilleschip uitgevoerd. In zo’n geval praat de air controller aan boord van het schip met de radarbeelden voor zich de NH90 ‘naar binnen’, op het moment dat de helikopterbemanning geen of slecht zicht heeft. Nachtlandingen werden wel door de helikopterbemanning zelf gedaan, met night vision goggles. Waar het opleidingsschema van de NH90 nog wat achterloopt in afwachting van meer exemplaren, ligt het testschema goed op koers. Deklandingen op de M-fregatten en aanvullende testen zoals in warm weergebieden staan nog op het programma.

wisseling atF-detachement op MeS
Luitenant-kolonel Denny Traas nam op 17 september het commando van de Air Task Force over van overste Bart Bakker. Het F-16-detachement houdt vanaf Mazar-e-Sharif (MeS) zicht op de Nederlandse politietrainingsmissie in Kunduz en ondersteunt de coalitietroepen elders in Afghanistan. Vlak voor de komst van de nieuwe taakgroep kreeg ATF-20 (zie foto) de NAVO-herinneringsmedaille van hun commandant uitgereikt. De ruim honderd nieuwkomers van ATF-21 komen in een gespreid bedje terecht. De Nederlandse compound is de afgelopen maanden door het genieteam van de landmacht voltooid. Het is nu een locatie waar de uitgezonden medewerkers veilig en comfortabel kunnen wonen, werken en ontspannen. ATF-21 maakt het tiende jaar vol van de inzet door Nederlandse F-16’s boven Afghanistan. De Nederlandse toestellen staan inmiddels alweer een jaar in MeS. Foto: Rob van Eerden, AVDD

‘Gesneuveld’ indrukwekkend
Tussen 2006 en 2012 sneuvelden 25 Nederlandse militairen in Afghanistan. Vooral jonge mannen, in de kracht van hun leven. Met hun dood sloegen zij een gat in het leven van de achterblijvers. Het zijn hun zonen en broers, echtgenoten, vaders en vrienden die ver van huis het leven lieten. In de documentaire van filmmaker Robert Oey ‘Gesneuveld’ komen de nabestaanden aan het woord. Hun verdriet, woede, frustratie en kracht tonen hoe zij, soms heel moeizaam, verder gaan na het verlies. ‘Het klopt niet meer’, vertelt een moeder van een omgekomen militair in de film. ‘Alles is anders.’ De documentaire ging in première tijdens het Nederlands Film Festival in Utrecht. Niet alleen de (meeste) betrokken relaties waren aanwezig. Ook premier Mark Rutte, minister van Defensie Hans Hillen en Commandant der Strijdkrachten generaal Tom Middendorp bekeken de première. In de film komt de vader van Tim Hoogland, door verdriet overmand, bijna niet uit zijn woorden. Zijn pijn spat van het scherm af. ‘Ik kan er nog steeds niet over praten, het lukt gewoon niet.’ Een kippenvelmoment. In de zaal wordt her en der een traantje weggepinkt. Niet alleen bij de nabestaanden, die een bijdrage leverden aan de documentaire, ook bij het andere publiek. ‘Het was verschrikkelijk indrukwekkend te zien wat het betekent om een geliefde te verliezen’, vertelt Middendorp zichtbaar onder de indruk. Gesneuveld was na de première te zien in diverse filmtheaters. De omroep Human zendt de documentaire op 10 december om 20.25 uur uit op Nederland 2.

Luchtpost voor Cougar

Eén van beide Cougars aan boord van Hr. Ms. Rotterdam is eind september voor de Somalische kust per luchtpost voorzien van een vervangend onderdeel. Een Deense Challenger dropte de oliekoeler en bijbehorende elementen, verpakt in een aan een parachute bevestigde container, in zee. Die werd vervolgens met een rubberboot van het marineschip opgepikt. De airdrop was het resultaat van een mooi staaltje samenwerking tussen de Rotterdam, NAVO-staf aan boord, Deense luchtmacht, Defensie Verkeers- en Vervoersorganisatie en het Defensie Helikopter Commando. Voor veel van de opvarenden van de Rotterdam was het de eerste keer dat ze deze unieke manier van bevoorraden konden aanschouwen. Normaal komen voorraden in een haven of via een bevoorradingsschip aan boord, maar die waren nu allemaal te ver weg. Het Deense maritieme patrouillevliegtuig neemt eveneens deel aan Ocean Shield. Foto: Defensie

DE VLIEGENDE HOLLANDER 36

37 DE VLIEGENDE HOLLANDER

JOURNAAL

COLOFOn

Mutaties opperofficieren
• Kolonel Eric Schevenhoven trad op 13 augustus aan als nieuwe Directeur Materieel & Logistiek op de Staf CLSK onder gelijktijdige bevordering tot commodore. Zijn voorganger commodore Freek Groen, gaat met Functioneel Leeftijd Ontslag (FLO). Schevenhoven was hiervoor Commandant Air Operations Control Station Nieuw Milligen. • Commodore Theo ten Haaf droeg op 20 augustus op de vliegbasis Gilze-Rijen het commando over het Defensie Helikopter Commando over commodore Jan Willem Westerbeek. Ten Haaf is nu Plaatsvervangend Directeur Operaties van de Directie Operaties bij het Ministerie van Defensie. Westerbeek was hiervoor Hoofd Plannen van de Directie Operaties op het Ministerie van Defensie in Den Haag. • Met ingang van 24 augustus is kolonel Dennis Luyt Directeur Operaties op de Staf Commando Luchtstrijdkrachten. Hij werd op die dag tevens bevorderd tot commodore. Luyt was hiervoor Commandant vliegbasis Leeuwarden en volgt commodore Paul Mulder op die met FLO gaat. • Commodore Peter Ort droeg op 10 september het commando van het Logistiek Centrum Woensdrecht over aan commodore Eric Schevenhoven (zie boven). Ort startte een dag later als programma- en projectmanager bij de Hoofddirectie Personeel van de Bestuursstaf. In deze functie wordt hij verantwoordelijk voor veranderprogramma’s op personeelsgebied.

De Vliegende Hollander is een uitgave van de Koninklijke Luchtmacht, geproduceerd door het Dienstencentrum Defensie Media HOOFDREDACTIE Luitenant-kolonel Willem Bogaard EINDREDACTIE Arno Marchand VORMGEVING Grafische Dienst, Audiovisuele Dienst Defensie DRUK en OPLAGE OBT bv, Den Haag - 25.000 ex. INTERNET www.defensie.nl/luchtmacht REDACTIEADRES (niet voor adreswijzigingen en vragen over verzending) Staf Commando Luchtstrijdkrachten De Vliegende Hollander | Kamer 14A01 Postbus 8762, 4820 BB Breda, MPC-92A Telefoon: 076 - 544 71 29 | C2VN: (450) 47129 E-mail kopij: vliegendehollander@mindef.nl E-mail foto’s: luchtmachtcommunicatie@gmail.com

‘Woensdrecht’ beste stagebedrijf Defensie

De Poolse C-130 dropt de parachutisten Boven de Ginkelse Heide. Foto: Ron Frijlink

Herdenking Market garden
Net zoals de afgelopen jaren was vliegbasis Eindhoven ook dit jaar weer het startpunt van de herdenkingvluchten van Operatie Market Garden. Op zaterdag 22 september vertrokken vliegtuigen om duizend parachutisten uit België, Canada, Duitsland, Groot-Brittannië, Italië, Nederland, Polen en de Verenigde Staten te droppen boven de Ginkelse Heide bij Ede. De Verenigde Staten en Groot-Brittannië stuurden beide een Hercules en een (civiele) Dakota. De andere twee C-130’s kwamen uit Polen en België, en uit Duitsland een C-160. Sinds een paar jaar doet ook Duitsland mee aan de herdenking van de grootste luchtlanding uit de wereldgeschiedenis. Dertigduizend geallieerde militairen waren betrokken bij de grond en luchtoperatie. Van hen zijn er achttienduizend gesneuveld, gewond of vermist. Meer dan zestig oud-strijders kwamen in het zelfde weekend naar de herdenking bij het Airborne Monument in Arnhem. Zo’n 75.000 aanwezigen bekeken de paradropping. Daags voor de herdenking heeft de Bergings- en Identificatie Dienst van de Koninklijke Landmacht de stoffelijke resten van een Britse soldaat uit WO II op de Ginkelse Heide geborgen. Gelet op de plek van de vondst gaat de dienst ervan uit dat de soldaat behoorde tot de 4th Parachute Brigade van de 1st Airborne Division, die hier op 18 september 1944 werd gedropt. De Britse autoriteiten zijn inmiddels van de vondst op de hoogte gebracht. De stoffelijke resten zijn voor onderzoek overgebracht naar het laboratorium van de BIDKL te Soesterberg. Daar wordt geprobeerd de identiteit te achterhalen.
De Britse C-130 op de achtergrond heeft de para’s zojuist gedropt. Foto: Ron Frijlink

130 Squadron van de Koninklijke Militaire School Luchtmacht (KMSL) vliegbasis Woensdrecht is in september uitgeroepen tot het beste leerbedrijf van Defensie. Het kenniscentrum voor de economisch-administratieve, ICT- en veiligheidsberoepen ECABO schrijft deze wedstrijd voor het ‘Beste Stagebedrijf van het Jaar’ uit in acht sectoren, waaronder Defensie. Het betreft de begeleiding van leerlingen in het middelbaar beroepsonderwijs van de opleiding Veiligheid en Vakmanschap (VeVa). ‘Ondanks de korte tijd dat er wordt opgeleid, is dit zeer professioneel opgepakt en goed georganiseerd’, complimenteert sectormanager Defensie Ellen Versantvoort van ECABO. Het 130 Squadron is sinds 20 december 2011 een erkend ECABO-leerbedrijf en de enige luchtmachteenheid die de praktijkopleiding verzorgt voor VeVa-leerlingen in alle fasen van hun opleiding. De leerlingen worden actief getraind in militaire basisvaardigheden die benodigd zijn voor hun mogelijk toekomstige functie bij Defensie.

AdreSwiJZigingen
Actief dienende militairen, reservisten en burgermedewerkers van de Koninklijke Luchtmacht dienen de adreswijziging te muteren in PeopleSoft of door te geven bij de P&O-functionaris. Postactieven, veteranen, betalende abonnees en alle overige lezers dienen de adresdrager met gecorrigeerde gegevens op te sturen naar het retouradres: Staf Commando Luchtstrijdkrachten CLSK/Kabinet/Bureau Postactieven, Abonnementenadministratie de Vliegende Hollander, Postbus 8762, 4820 BB Breda. Per mail naar vliegendehollander@mindef.nl kan uitsluitend indien voorzien van de code boven de naam op de adresdrager. Zonder code wordt mail niet behandeling genomen. BOT-militairen en burgermedewerkers die hun contract met Defensie voortijdig beëindigen en BBT-militairen die de dienst verlaten, hebben geen recht op een gratis abonnement behorend bij de status van postactieve. Een abonnement op de Vliegende Hollander kost € 17,02 per jaar (buitenland € 21,55) en kan worden aangevraagd bij: Abonnementenland, Postbus 20, 1910 AA Uitgeest, telefoon: 0900-22 65 263 (10 cent per minuut), fax: 0251-31 04 05, www.aboland.nl. Opzegtermijn bedraagt zes weken. Sinds 1 december 2011 is de nieuwe abonnementenwet van kracht. deze is van invloed op abonnementen van betalende abonnees. Kijk voor meer informatie op de website www. aboland.nl en de specifieke pagina voor dit blad. Aanhaling uit en overname van (delen van) artikelen in dit blad is toegestaan, mits met toestemming van de redactie en bronvermelding. ISSN 0024-0389

Agenda Militaire Luchtvaart Museum
Exposities ‘Van Pioniers tot professionals – 1913-2013 100 jaar militaire luchtvaart’. Op een buitententoonstelling tonen 21 panelen de geschiedenis van de Nederlandse militaire luchtvaart. Dagelijks ‘Soms een enkele keer in de wolken – 60 jaar vrouwen bij de Luchtmacht’. Deze tentoonstelling laat aan de hand van de verhalen van zes vrouwelijke luchtmachtmilitairen zien hoe de rol van de vrouw in de KLu sinds de jaren vijftig is veranderd. Dagelijks • Open Cockpitdagen Ieder keer zijn cockpits van andere vliegtuigen en helikopers open voor het publiek. Op zondag 25 november van 12.00 – 16.30 uur • Museumtour Gratis rondleidingen van ongeveer één uur door het museum. Reserveren niet nodig. Iedere tweede zondag van de maand De toegang tot het museum en activiteiten is gratis. Meer informatie, aanmeldingen en reserveringen op www.militaireluchtvaartmuseum.nl. Reguliere openingstijden: dinsdag tot en met vrijdag van 10.00 tot 16.30 uur, en zondag van 12.00 tot 16.30 uur. Gesloten op maandag, zaterdag, Nieuwjaarsdag, beide kerstdagen, Eerste Paasdag, Eerste Pinksterdag en Koninginnedag. Bezoekadres: Kampweg 120, 3769 DJ Soesterberg, telefoon 0346-356000. E-mail: info@militaireluchtvaartmuseum.nl.

Drie veteranen poseren op het platform van Eindhoven voor één van de twee Dakota’s. Foto: Martin Tennekes

DE VLIEGENDE HOLLANDER 38

39 DE VLIEGENDE HOLLANDER

You're Reading a Free Preview

Download
scribd
/*********** DO NOT ALTER ANYTHING BELOW THIS LINE ! ************/ var s_code=s.t();if(s_code)document.write(s_code)//-->