P. 1
Samenvatting M. Mönch - Behandeling

Samenvatting M. Mönch - Behandeling

|Views: 4|Likes:
Published by Stuvia.com

More info:

Published by: Stuvia.com on Jul 19, 2013
Copyright:Traditional Copyright: All rights reserved
List Price: $6.55 Buy Now

Availability:

Read on Scribd mobile: iPhone, iPad and Android.
See more
See less

06/25/2014

$6.55

USD

pdf

Sections

  • Topic 1 Week 1
  • Topic 2 Week 1
  • Topic 6 Week 1
  • Topic 5 Week 2
  • Hoofdstuk 4 Week 4
  • Hoofdstuk 6 Week 4
  • Hoofdstuk 7 Week 4
  • Hoofdstuk 9 Week 4
  • Topic 7 Week 4
  • Topic 8 Week 4
  • Dosen Hoofdstuk 7: Behandeling Week 5
  • Hoofdstuk 5 Week 6
  • Hoofdstuk 8 Week 6
  • Topic 3 Week 6

Samenvatting M.

Mönch Behandeling
by

rsdelepper

The Marketplace to Buy and Sell your Study Material
Buy and sell all your summaries, notes, theses, essays, papers, cases, manuals, researches, and many more..

www.stuvia.com

Stuvia.com - The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch

Topic 1

Week 1

Model van psychopathologie: een bundel van assumpties aangaande de rol van biologische, psychologische, sociale en andere factoren die bijdragen aan de ontwikkeling van psychopatologie. Psychopathologie omvat het conceptuele en theoretische kader dat gebruikt wordt om informatie aangaande de patiënt en het abnormale gedrag te ordenen. Het medische model Representeert het biologische perspectief in psychopathologie. Psychologische problemen reflecteren mentaal ziek zijn, dat is gekarakteriseerd door een specifiek set van symptomen. Factoren kunnen te maken hebben met genetische factoren, het effect van vroege neurologische problemen, het effect van gifstoffen, biochemisch onbalans, het effect van dieet, etc. Assessment Assessment procedures zijn ontworpen om vast te stellen in hoeverre het kind kenmerken laat zien die gelijk zijn aan kernmerken van een vorm van spychopathologie en om mogelijke biologische factoren die aan het probleem gerelateerd kunnen zijn vast te stellen. Informatie moet gevonden worden vanaf de zwangerschap (zwangerschap, bevalling, etc tot aan huidige leeftijd). Assessment kan gedaan worden met behulp van MRI, CAT-scan, EEG, etc. Behandeling Behandeling wordt gedaan door middel van farmaceutische middelen. Het psychodynamische model Dit model is een combinatie van het medische model en de basisbeginselen van de psychoanalytische theorie zoals die door Freud (1933) is gepostuleerd. De theorie is ontwikkelingsgericht, in dat hij veronderstelt dat het kind succesvol verschillende fasen van de ontwikkeling moet doorlopen die essentieel zijn voor het ultieme sociaal emotioneel welzijn van een persoon. De fasen staan bekend als de ‘psychoseksuele fasen’ en bestaan uit: ‘orale’, ‘anale’, ‘fallische’ en de ‘genitale fase’. Tevens wordt er in de psychoanalystische theorie gesproken over verschillende ‘persoonlijkheidsconstructen’, welke bekend zijn als ‘Id’, ‘Ego’, ‘Superego’. Het ‘Id’ is de fundamentele biologische energie en de bron van de instinctieve pogingen. Het kan niet redeneren en zijn enige functie is bevrediging van de biologische behoeften en impulsen. Het ‘Ego’ is een rationele structuur die probeert te mediëren of een balans te vinden tussen de eisen van het ‘Id’ en die van de omgeving. Hoewel het ‘Id’ biologische van aard is, ontwikkeld het ‘Ego’ zich door ervaringsgerichte interacties van het individu met zijn omgeving. Het ‘Superego’ ontwikkeld zich ook op deze manier. Het is de vertegenwoordiger van morele kwesties of van het geweten en weerspiegelt de internalisering van de morele codes van personen. Het ‘Ego’ medieert tevens tussen de eisen van het ‘Id’ en die van het ‘Superego’. Het psychodynamische model postuleert dat conflicten geuit worden op een bewust en een onbewust niveau en dat conflicten op een onbewust niveau de meeste problemen of bedreigingen voor het emotioneel welzijn van een persoon en zijn algemene aanpassingen opleveren. Optimale aanpassing en persoonlijk functioneren ontstaat als er een dynamische balans is tussen het ‘Id’, ‘Ego’ en ‘Superego’. Er moet opgemerkt worden dat het psychodynamisch model zijn basis vindt in het medisch model. In tegenstelling tot een meer algemeen medisch model wordt er in dit model geen onderliggende fysieke oorzaken genoemd, er wordt veronderstelt dat de ‘ziekteprocessen' psychologisch van aard zijn. Assessment Het meest wordt er gebruik gemaakt van psychologische testen die ontwikkeld zijn om onbewuste conflicten aan het licht te brengen evenals persoonlijkheidsdynamieken die mogelijk bijdragen aan de problemen. De meeste aandacht wordt waarschijnlijk gegeven aan gebeurtenissen tijdens de specifieke fasen van de psychoseksuele ontwikkeling en of er zich problemen voordeden gedurende de specifieke fasen. Test instrumenten zijn er in gestructureerde en ongestructureerde varianten en in projectiematerialen zoals de ‘Rorschach Inkblot Test’, ‘Draw-a-Person Test’. Naar aanleiding van de tests wordt het gedrag van het kind als reflectie van indirecte en dynamische onderliggende problemen gezien. Behandeling De focus ligt waarschijnlijk op het ontwikkelen van een bewustzijn van de onbewuste factoren die gezien
1

Stuvia.com - The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch

worden als de onderliggende oorzaak van de problemen. Dit wordt door direct verbale instructies van de therapeut gedaan of soms minder direct door bijvoorbeeld spel. Omdat dit model uitgaat van de onderliggende processen, richt de therapeut zich niet op de zichtbare symptomen, er vanuit gaande dat deze een gevolg zijn van de onderliggende psychologische stoornis. Psychotherapie bij kinderen kan in verschillende vormen worden aangeboden, zoals individuele therapie bij oudere kinderen, speltherapie bij jongere kinderen en groepstherapie die verbaal of spelgeoriënteerd is. Het gedragsmodel Hierbij wordt als eerste de nadruk gelegd op de externe omgevingsfactoren van gedrag in plaats van op de onderliggende (biologisch, intra-psychisch) factoren zoals door het medische en psychodynamische model wordt gedaan. De focus ligt meestal op het zichtbare gedrag en psychopathologie wordt meestal gezien in termen van gedragssturingsexcessies (uitzonderlijk gedrag), in termen van tekorten of van gedrag dat zich voordoet in een ongepaste context. Het probleemgedrag van het kind wordt gezien als het primaire probleem in plaats van een uiting van onderliggende problemen. Of gedrag nou wordt gezien in termen van zichtbare responsen, in termen van cognities of in termen van fysiologische responsen, er wordt veronderstelt dat veel van dit abnormale gedrag is geleerd door dezelfde principes die tevens kunnen zorgen voor aangepast gedrag zoals ‘klassiek conditioneren’, ‘operante conditionering’ en ‘leren door observatie’. Assessment De focus ligt op het vaststellen van het gedrag dat ervoor gezorgd heeft dat het kind gezien wordt als onaangepast en welke omgevingsfactoren het gedrag ontlokken, eraan bijdragen en/of zorgen voor de in stand houding van het gedrag. Een interview is een typisch startpunt in het beoordelen van gedrag. Een aantal auteurs hebben gesuggereerd dat de basale informatie die nodig is voor een adequaat gedragsmatige beoordeling, verkregen kan worden door het acroniem S-O-R-C. ‘S’ staat voor ‘stimuli’ of ‘situaties’ in het kind zijn omgeving die het onaangepaste gedrag ontlokken of die het vóórkomen ervan controleren (is altijd aanwezig als het gedrag zich voordoet). ‘O’ staat voor de ‘organismische variabelen’ (fysieke factoren, cognities etc.) die het gedrag kunnen beïnvloeden. De ‘R’ staat voor ‘respons’ en verwijst naar het problematische gedrag dat een kind vertoond en geeft de noodzaak aan om te bepalen welke gedragingen het grootste probleem zijn en dient als parameter van dit gedrag (frequentie, duur, intensiteit). De laatste letter ‘C’ verwijst naar de ‘consequenties’ van het kind zijn gedrag (wat levert het gedrag het kind op? (C) Of wat is het resultaat van het gedrag? (R)). Aan ouders en/of leerkrachten kan gevraagd worden een probleemgedrag checklist in te vullen die een indicatie geeft van het bereik van het probleemgedrag. Behandeling Is gebaseerd op de aanname dat het abnormale gedrag meestal aangeleerd is en dat het gemodificeerd kan worden door middel van systematische toepassing van leerprincipes of andere empirisch verkregen methoden voor gedragsverandering. Gedragstherapie voor kinderen bestaat uit benaderingen zoals systematische desensibilisatie, ‘modeling’, operante conditionering en cognitieve gedragstherapie. De cliënt centraal (cliënt-centered model) Is vooral gebaseerd op het werk van Carl Rogers (volwassenen) en Virginia Axline (kinderen). Uitgangspunt is het geloof dat individuen zelf de capaciteit hebben voor persoonlijke groei en aangepast functioneren. Psychopathologie ontstaat als gevolg van sociale of omgevingscondities, opgelegd aan het individu, die de persoonlijke groei blokkeren of bemoeilijken. Als gevolg hiervan, begint het individu zich te gedragen op een manier die niet bijdraagt aan zelfverbetering. Eigenwaarde en een gevoel van emotioneel welbevinden raakt verloren of vermindert aanzienlijk en gedrag wordt disfunctioneler. Assessment Is ontworpen om informatie in te winnen over wat ‘fout’ gaat bij de cliënt. Het wordt vaak gezien als subjectief en strookt niet met het beeld dat de cliënt centraal staat. Er is het uitgangspunt dat de therapie grotendeels bepaald moet worden door de cliënt en niet door de informatie uit de assessment. Behandeling Therapie bij jonge kinderen bestaat vaak uit speltherapie en verschuift dan later naar verbale interactie met oudere kinderen. De therapeut probeert zoveel mogelijk aansluiting te vinden bij het kind door empathisch te communiceren en begrip te tonen voor het kind zijn situatie. De therapeut is onvoorwaardelijk, niet
2

Stuvia.com - The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch

veroordelend en accepteert het kind oprecht zoals hij is. In plaats van het interpreteren van het spel van het kind of zijn verbale gedrag, zoals in het psychoanalytische raamwerk, wordt er primair aandacht gegeven aan de relationele factoren en aan de emoties van het kind om die door middel van reflectie te verhelderen. ‘Reflectie’ verwijst naar de pogingen van de therapeut om te reageren op wat het kind zegt en voelt op een manier zodat het kind leert zijn eigen emoties te begrijpen en om de congruentie van emoties en gedrag te bevorderen. Het gezinsmodel Er zijn verschillende gezinsmodellen die verschillende factoren als oorzaak van psychopathologie noemen. Sommige richten zich bijna alleen op gezinsgerelateerde variabelen zoals transacties tussen gezinsleden en gezinssubsystemen. Anderen richten zich meer op de rol van individuele psychodynamica zoals deze zich verhoudt tot het gezinsfunctioneren en op de rol van peers en andere systemen buiten het gezin zoals de school van het kind, het werk van de ouders en overige systemen. Ondanks de verschillen, hebben deze modellen allen gemeen dat zij de nadruk niet leggen op alleen de cliënt maar op variabelen die aanwezig zijn in de omgeving van de cliënt. Het gezin wordt doorgaans gezien als een complex en dynamisch sociaal systeem waar het gedrag van ieder gezinlid druk uitoefent binnen het systeem. De symptomen van een kind worden vaak NIET gezien als uitingen van het kind zijn psychopathologie, maar als gevolg van een meer algemeen disfunctioneren van het gezin. Ondanks dat het kind als ‘cliënt’ wordt aangemerkt, wordt het gezin ‘als geheel’ genomen bij de interventie. Assessment Er wordt vaak gebruik gemaakt van verschillende observatiemethoden bij het beoordelen van disfunctionele gezinssystemen. Echter kan er ook gebruik gemaakt worden van zelfrapportage. Ondanks de bruikbaarheid in onderzoek, zijn de meeste observatiemethoden niet geschikt voor het gebruik in de klinische praktijk, als gevolg van de complexe metingen en moeilijkheden in het verkrijgen van goed getrainde observatoren. Een uitzondering vormt de Dyadic Parent-Child Interaction Coding System (DPICS-II), welke speciaal ontworpen voor het gebruik in de klinische praktijk. Behandeling Het richt zich op de therapeut, een eventuele cotherapeut, die interacteren met het hele gezin of een subset van gezinsleden. Een multisystematische aanpak bij welke de focus ligt op niet alleen het gezinssysteem, maar zich ook richt op de invloed van overige systemen (peer groep, school, sociale netwerken). Models, Assessment, and Treatment Geen enkel model alleen kan een adequate verklaring geven voor de grote verscheidenheid aan kinderlijke psychopathologie. Deze onderkenning heeft ertoe geleid dat verschillende clinici een meer eclectische benadering hanteren met betrekking tot causale factoren die mogelijk ten grondslag liggen aan de psychopathologie en de assessment en behandeling. Zoals Schaefer (1988) suggereerde, is de essentie van een eclectische benadering het selecteren van een nuttige toelichting en klinische methoden van diverse theoretische oriëntaties, wat beter is dan alleen te vertrouwen op één specifieke theorie of behandeling. Alhoewel een eclectische benadering een variëteit aan vormen heeft, de voornaamste kenmerken lijken zowel conceptueel als methodologische flexibiliteit te zijn aan de kant van de clinicus in zijn poging problemen in de kindertijd te begrijpen en behandelen. The Value of an Eclectic Approach In plaats uit te gaan van één perspectief bij klinische problemen, moet geprobeerd worden een reeks aan mogelijke ‘bijdragers’ van de problemen te vinden, zoals relevante biologische factoren, gezinsvariabelen, psychologische (intra-psychisch) conflicten en sociale omgevingsvariabelen die mogelijk het kind zijn gedrag ontlokken en/of in stand houden. Deze benadering vereist een assessment van de mogelijke rol van de totale reeks aan variabelen die mogelijk bijdragen aan de problemen van het kind. Vanuit dit perspectief wordt een optimale behandeling bepaalt aan de hand van de gegevens uit de assessment. De behandeling wordt niet gebaseerd op één enkele theoretische oriëntatie maar dient ook te bestaan uit de combinatie van elementen uit verschillende reeksen van behandelingen. Voor de behandeling moet er gekeken worden vanuit het breedst mogelijke perspectief en moet het zich richten op de factoren die gezien worden als de oorzaak van de huidige problemen. De benaderingen die geselecteerd zijn als componenten van de totale behandeling
3

Stuvia.com - The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch

moeten bestaan uit effectief bewezen empirische behandelingen. Op deze manier wordt er optimaal gebruik gemaakt van de interventies die er zijn. Prevailing Orientations and Patterns of Clinical Utilization Het is opmerkelijk dat ondanks de reeksen van specifieke benaderingen die bekrachtigd zijn als bruikbaar binnen de behandeling van kinderen, het onderzoek van Kazdin, Siegel en Bass (1990) suggereert dat 72.6% van de respondenten (psychologen, psychiaters) rapporteerden dat een eclectische benadering bij behandeling het meest bruikbaar was. Deze gegevens lijken te suggereren dat de meeste clinici gebruik maken van multisystematische methode. Samenvatting De modellen van psychopathologie kunnen gezien worden als manieren om complexe klinische fenomenen te begrijpen (of bij het organiseren van gedachten erover). Verschillende modellen zijn het medisch model, psychodynamisch model, gedragsmodel, cliënt centraal model en het gezinsmodel. Het medische model veronderstelt dat psychopathologie het gevolg is van onderliggende biologische factoren. De zichtbare uitingen van de problemen van het kind zijn worden gezien als symptomen van een onderliggende ziekte of van fysiologisch disfunctioneren. Het psychodynamische model, zoals het medische model, veronderstelt dat abnormaal gedrag het resultaat is van een onderliggende oorzaak, maar de oorzaak wordt veronderstelt psychologisch van aard te zijn in plaats van biologisch. Vanuit het gedragsmatige model, wordt het probleemgedrag van een kind gezien als gevolg van leerervaringen, waarbij er sprake van beloning en in stand houding door de omgeving is. Bij het model waar de cliënt centraal staat wordt afwijkend gedrag gezien als gevolg van verschillende aspecten uit het kind zijn sociale/psychologische omgeving die persoonlijke, emotionele groei en ontwikkeling belemmeren. Het gezinsmodel is gebaseerd op de aanname dat het probleemgedrag van het kind symptomen zijn van een disfunctioneel gezinssysteem en dat de gezinsunit, in plaats van het individuele kind, de beste focus bij interventie is.

Topic 2

Week 1

Er is geen eenduidige definitie voor psychotherapie In ieder geval primair niet biologisch georiënteerde methode voor behandeling van psychologische problemen Inter-persoonlijk proces waarbij verbaal en non-verbaal uitwisseling plaatsvindt tussen degene met psychische problemen en een professional. Children versus adults in psychotherapy Speciale zorgen in psychotherapie bij kinderen Basisprincipes hetzelfde maar  Aansluiten bij cognitieve en sociaal emotionele ontwikkelingsniveau van kinderen  Kinderen zijn meer concreet, o Zijn verbaal minder competent o Minder reflectievermogen o Zien zichzelf minder probleemveroorzakend o Zien minder de waarde van praten over problemen o Vaak minder gemotiveerd doordat anderen meer problemen ervaren en de therapie hebben geïndiceerd, delen daardoor vaak niet de doelen die zijn gesteld. twee zaken zijn van belang  Cognitieve en emotionele ontwikkelingsniveau van het kind  Mate van afhankelijkheid van ouders Vaak speltherapie geïndiceerd door beperkte verbale en cognitieve vermogens Door afhankelijkheid heeft behandelaar vaak ook met anderen/ouders te maken Ouder zoekt vaak de hulp kan ook iets zeggen over tolerantieniveau van de ouder of over ouderschapscompetenties ipv of ook kindproblemen Slagen van behandeling ook afhankelijk van  Relatie van ouders met behandelaar
4

The intervention process: from referral to termination Diagnostiek is vereiste voor behandeling Ouderinterview  Duur van problemen  Aard van problemen  Situaties problemen zich voor doen  Hoe anderen reageren op problemen  Eerdere pogingen om om te gaan met kind’s problemen  Eerdere hulpverlening  Ontwikkelingsanamese  Schoolvorderingen  Vrienden  Familierelaties  Assessment van ouders verwachtingen  Opvoedingsstijl  Invloed ouders op probleem In combinatie met kindinterview of observatie van spel Afweging of kind behandeling moet krijgen of dat juist omgeving behandeld moet worden of combinatie Psychotherapie soms geïndiceerd. Setting Meestal speelkamer omdat spel goed middel is om te communiceren. 5 . niet oordelend.Stuvia. Specifieke factoren:  Vragen stellen  Bevestiging (hmm.com . omgevings en familie variabelen die bijdragen aan problemen. Dat is basis om via leerprincipes aangepast gedrag te leren. openheid eerlijkheid en authenciteit. ouderproblemen Elements of change in child psychotherapy 2 algemene doelen Oplossen van probleemgedrag Verandering in persoonsstructuur zodat kind zich verder zonder problemen kan ontwikkelen Hoe helpt behandeling daarbij?  Algemene factoren  Over problemen kunnen praten  Acceptatie van problemen  Bekrachtiging van adequaat gedrag tijdens de behandeling  Positieve verwachting van verandering van problemen Kenmerken van behandelaar: empathie. Van belang is goede diagnosestelling die gebaseerd is op intrapsychische. hmm.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch  Vaardigheden van ouders  Of ouders nut van behandeling zien  Of mate snelheid waarmee gedrag van kind veranderd overeenkomt met verwachtingen van ouder Behandelen van kind complexer omdat het vaak gelijk opgaat met gezins-. ik begrijp wat je bedoeld)  Confronteren  Verhelderen  Geven van gevoelsreflecties  Interpretatie Timing is essentieel bij interpretatie andere factoren zijn voorbereidend voor interpreteren Door bovenstaande factoren te gebruiken is kind beter in staat om zicht te krijgen op zijn gevoelens en inzicht in oorzaak van problemen. warmte. Middel ongestructureerd materiaal en gestructureerd materiaal Helpt om kind gedachten gevoelens en emoties te laten uiten. echtheid. biologische. Aanmelding voor behandeling altijd gebaseerd op kijk van volwassene op abnormaal gedrag.

Kinderen komen via ouders voor behandeling----. Het kind ervaart meestal geen probleem Wanneer heeft kind recht om behandeling te weigeren: Afhankelijk van de leeftijd Afhankelijk van cognitieve vermogens van het kind Afhankelijk van ernst van de problemen voor kind/ ouders Afhankelijk van inschatting van de behandelaar Competentie van kind in behandeling Als het uitgangspunt is dat kind niet capabel is om beslissing te nemen dan heeft dat vaak weerstand als gevolg Vertrouwelijkheid Alleen informatie uitwisselen met toestemming van cliënt of wettelijk vertegenwoordiger Behandelaar moet grenzen van de vertrouwelijkheid aangeven (bv. Ook maatschappelijke invloeden waarbij kortdurende therapie wordt gepromoot. Veiligheid van kind) Kind heeft recht op privacy. ernst en type problemen. Child psychotherapy: The issue of effectiveness Effectiviteit van psychotherapie 6 . Het is wel mogelijk om ouders op algemene wijze op de hoogte te houden.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Fasen van psychotherapie Beginfase van therapie  Informatie  Overeenstemming doelen  Afspraken rol therapeut en kind en ouders  Vertrouwelijkheid van informatie en beperkingen daarin  Continuering van diagnose fase  Relatieopbouw kind en ouders  Structurering van therapie waarin kind ook grenzen van zijn gedrag leert binnen de therapie /regels De middenfase Op basis van diagnostische gegevens en cliënt/therapeut relatie veranderingen bevorderen bij cliënt.> rechten van kinderen Issue van competentie Is therapeut competent op gebied van vak en kinderen Veel therapieën voor volwassenen zijn niet zomaar toe te passen bij kinderen gezien ontwikkelingsniveau en andere uitingsvormen van problemen. en ander soort problemen Wie is de cliënt Ouders zijn vaak de aanmelders en ook degene die betalen. De eindfase  Doelen vorderen  Vragen stellen zijn er gedurende proces andere zaken omhoog gekomen  Kijken naar specifieke criteria welke beëindigen valideren  Hoe afronden vorm te geven  Bewust zijn het tactisch af te ronden waaruit geen afwijzing van kind mag blijken  Timing van belang  Afronden als kind toegerust is op toekomstige problemen  Afbouwen in interval bijeenkomsten  Beschikbaar zijn voor toekomstige problemen Time – limited approaches to child treatment Duur van behandeling afhankelijk van aard van problematiek.com . Dit faciliteit de behandeling. Ethische kwesties.Stuvia. Wijze waarop is afhankelijk van visie en gestelde doelen en kenmerken cliënt en therapeut.

Theorie Rhodes dat er een storing plaatsvindt in het ecosysteem. Richtlijnen hiervoor zijn om de best mogelijke behandeling aanbieden en klinische en theoretische kennis blijven volgen. De verklaring voor probleemgedrag van kinderen zit volgens Bronfenbrenner in het interactief proces tussen de omgeving en het kind wat niet op een normale manier verloopt. wet) Ecologische assessment technieken Een goede assessment:  Omgeving omschrijven  Luisteren naar de vragen van het kind en anderen in de omgeving  De vaardigheden en gedragingen onderzoeken die succesvol zouden zijn in de omgeving van het kind  Testen: er zijn verschillende testen voor verschillende respondenten in verschillende ecologische systemen. Centrale vraag: Welk type therapie heeft welk soort effect met welk soort cliënten met welk soort problemen aangeboden door welk soort therapeut onder welk soort omstandigheden Ethische vraag is mag je een behandeling aanbieden als effectiviteit niet is bewezen. Voor een oplossing wordt gekeken naar wat elkaar beinvloedt. waarden. Er is weinig onderzoek gedaan en binnen de studies veel methodologische verschillen dus lastig te vergelijken. Er zijn verschillende uitkomsten van effectiviteit gevonden in verschillende studies. Kinderen en omgeving zijn beiden veroorzakers van het probleemgedrag.com .  Aantal variabelen lijken geen invloed te hebben  Wel/geen speltherapie  Ouders wel of niet focus hebben op therapie  Sexe en ervaring van therapeut Kritiek op onderzoek: de kinderen die geselecteerd zijn hebben specifieke problemen en therapeuten zijn getraind voor onderzoek in specifieke technieken. The Family System 7 . leraren. eerder dan dat een kind problemen veroorzaakt. normen. Uit een onderzoek blijkt therapieën bij kinderen met agressie en withdrawn lijken minder effectief dan therapieen voor ADHD en fobieen.Stuvia. en waar aan gewerkt moet worden. Het is dus niet het kind die storend is maar er is een storing in de interactie tussen mensen. In praktijk vaak veel gecompliceerdere problemen. Het doel van systeemtherapie: verminderen van discrepantie tussen verwachtingen uit de omgeving naar het kind toe en de capaciteiten van het kind om aan deze verwachtingen te voldoen. vrienden)  Exo: Settings die niet direct interacteren met het kind (bijv. Hij heeft hiervoor een ecologisch model gemaakt. Er is minder onderzoek gedaan naar psychotherapie dan naar cognitieve en gedragstherapie. werkplaats van ouders)  Macro: de leefwereld waarin het kind zit (bijv.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Effectiviteit van psychotherapie niet aangetoond.  Micro: directe omgeving (bijvoorbeeld ouders)  Meso: Mensen die interacteren met microsysteem (bijv. Topic 6 Week 1 Basisidee In ecologisch/systemisch oogpunt ligt het afwijkende gedrag in de interactie tussen een individu en de omgeving. Het is daarom zinloos om de problemen van een individu zonder de context waarin de problemen zich uiten aan te pakken. De storing ligt vaak in de verwachtingen van gedrag van degenen die met het kind interacteren. Conclusie van Schwartz en Johnson is dat sommige vormen van therapie is voor sommige personen met bepaalde problemen effectief! Hiermee wordt mythe van uniformiteit van therapeut en de mythe van uniformiteit van client ontkracht. en ecosystemen zijn weer direct beinvloed door de cultuur waarin ze staan.

2) monitoren van de activiteiten van het kind. 2) Autoritaire opvoedingsstijl: gehoorzaamheid en inschikkelijkheid met normen die vaak gebaseerd zijn op religieuze of politieke geloven zijn van groot belang. huwelijksconflicten. om deze reden moeten ouders en leraren samenwerken. terwijl educators moeten leren consultanten te zijn naar de ouders toe. Deze opvoedingsstijlen worden gelinkt aan het daarop volgend gedrag van kinderen. nietvragende opvoedingsstijl. Behandeling binnen de systeembenadering kan gezinstherapie zijn. Van belang is ook de consistentie tussen het gezin en de school.  Flexibiliteit in het zich aanpassen aan zowel normale ontwikkelingsveranderingen als crisissen. Leraren moeten zich hierbij realiseren dat de communicatie met ouders soms niet makkelijk verloopt. Kinderen die streng (lichamelijk) gestraft worden in hun opvoeding. door de nadruk te leggen op bijvoorbeeld inadequate discipline binnen het gezin. Genoemd moet worden dat ouderlijke persoonlijkheidskenmerken de gedragspathologie van het kind niet veroorzaken.  Effectieve opvoedings. 1) eerlijke.Stuvia. Wanneer dit straffen gepaard gaat met ouderlijke afwijzing. consistent bekrachtigd. Patterson identificeert een aantal opvoedingspraktijken die gelinkt worden aan een positieve sociale ontwikkeling van kinderen.en huwelijkspraktijken. 3) Autoritatieve opvoedingsstijl: nadruk op gehoorzaamheid én expressie van individualiteit. Ouders moeten altijd erkend worden als experts over hun kinderen. Vele andere factoren dragen hieraan bij. 4) betrokkenheid van de ouders in het dagelijks leven van het kind.  Een set doelen waarmee elk gezinslid werkt. 3) positieve en steunende gedragsmanagementtechnieken. consistente discipline. Van belang is de wederkerigheid van de ouder-kind interactie. Permissieve ouders stellen geen grenzen en straffen nauwelijks. duidelijke grenzen. de mogelijkheid om emoties te uiten. de kinderen een goede sociale aanpassing en een hoge zelfwaardering laten zien. 59 procent van alle kinderen heeft in een eenoudergezin gewoond voor zijn 18e. 1) Permissieve opvoedingsstijl: vrije. ziekte. A Systems Approach to Families In de systeembenadering wordt het functioneren van het gezin als een eenheid bestudeerd. Research on parenting Baumrind onderscheidt in zijn onderzoek drie opvoedingsstijlen. consistent opvoedingsgedrag.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Een succesvolle interventie hangt voor een groot deel af van ouderlijke betrokkenheid. Guilt-blame cycle: de interactie tussen ouders en leraren wordt vaak ondermijnd door gevoelens van schuld en verwijten. Dit soort veranderingen zijn bijvoorbeeld: scheiding.  Een regelsysteem. Hiertegenover staat dat wanneer de opvoeding gekenmerkt wordt door warmte. de systeembenadering is.  Stabiel.com . Ouders verschillen in de mate waarin ze participeren in de educatieprogramma’s voor hun kinderen. Ouders moeten gezien worden als individuen. Niet alleen de ouders beïnvloeden het kind. Eenoudergezinnen ervaren vaak moeilijkheden. Educational Application: Strategies for Parent Involvement Wanneer speciale educators leraar-ouder relaties bewerkstelligen. laten meer agressie en delinquentie zien dan andere kinderen. Ook gedeelde rollen en verantwoordelijkheid. Ouders voelen zich vaak schuldig over de problemen van hun kind. Een permissieve opvoedingsstijl is gelinkt aan agressieve kinderen met een lage impulscontrole. het hebben van sociale relaties buiten het gezin en duidelijke en heldere communicatie binnen het gezin zijn karakteristieken van een “gezond” gezin. is deze relatie nog groter. moeten zij twee leerstellingen respecteren en in acht nemen: Hun rol met de ouders is een consultatieve rol. Special Considerations for Nontraditional and Multicultural Families Eenoudergezinnen zijn tegenwoordig geen uitzondering meer. Triadisch perspectief: benadrukt dat vele complexe factoren de ouder-kind relatie beïnvloeden. veel professionals concluderen dat de meest effectieve benadering om studenten met emotionele en/of gedragproblemen te behandelen. niet als een homogene groep. Leraren verergeren dit soort gevoelens. zoals het gebrek aan 8 . dood en baanverlies. Becvar en Becvar (1988) identificeren zes karakteristieken van gezonde gezinnen:  Een legitieme bron van autoriteit. respect voor privacy. het kind beïnvloedt ook de ouders. maar ook het betrekken van de ouders in scholingsprogramma’s. vastgesteld en gesteund over de tijd. Tot slot. Het verschijnen van gedragssymptomen bij het kind is meestal gerelateerd aan een verandering in het gezinssysteem dat de balans van het dagelijkse gezinsfunctioneren verstoort. 5) probleemoplossing die laat zien hoe er op een goede manier omgegaan kan worden met conflicten en crisis.

Andere niet-tradionele gezinsconfiguraties die steeds normaler worden. Zij kunnen dan worden 9 . Een barrière voor reïntegratie is dat studenten met emotionele en gedragsstoornissen worden gezien als het minst geaccepteerd en het meest negatieve gestereotypeerd. ouders moeten worden betrokken in het educatieprogramma van hun kind op een systematische manier. Ouders hebben het gevoel geen controle meer te hebben over het kind. omdat het dagelijks leven hier voor een groot deel door beïnvloed wordt. Ouders hebben het in de tijd van de leraar (thuis of op school) steeds meer over persoonlijke problemen. Het kind is gewoonlijk in problemen met de jeugdige autoriteiten. Educational groups: opgericht met het doel om informatie te geven of om specifieke vaardigheden aan te leren aan de ouders.  Van segregatie naar integratie. Staying in Touch Leraren kunnen ouderlijke betrokkenheid op verschillende manier aanmoedigen. Het werken met gezinnen van verschillende etnische of culturele afkomst vraagt ook speciale aandacht. Speciale educatie trainers moeten dus het potentieel van elke student vaststellen. An Educational Application: Reintegration Het grootste doel is het zeker zijn van het feit dat elke individuele student met emotionele en gedragsstoornissen kan functioneren in de setting die het minst beperkend is voor hem of haar. huwelijksproblemen of andere emotionele ontreddering. Ouders hebben chronisch last van een hoge mate van stress. support groups of counseling. Kinderen komen hiermee in aanraking nadat er sprake is geweest van misbruik of verwaarlozing. Parent groups: Georganiseerde oudergroepen zijn meestal één van de volgende types: Support groups: opgericht voor ouders om steun te vinden bij lotgenoten. Belangrijk is dat men begrijpt dat communicatie vaak verschilt van cultuur tot cultuur. Individuele of gezinscounseling kan dan een oplossing zijn. The Education System Het educatiesysteem is het op een na belangrijkste systeem in het leven van studenten met emotionele en gedragsstoornissen. Belangrijk bij het contact houden is dat dit routine wordt.Stuvia. Montgomery (1982) heeft een aantal richtlijnen vastgesteld voor leraren wiens doel het is studenten in een minder beperkende setting te reïntegreren:  Van rigide naar flexibele schema’s  Van externe naar interne controle. Ouders laten constant gevoelens van hopeloosheid of depressie zien. Parent Counseling Veel ouders hebben meer steun nodig dan de steun die wordt aangeboden door empatische leraren of oudergroepen. Signalen die indiceren dat er mogelijk behoefte is aan professionele counseling zijn: Ouders maken een periode mee van ongebruikelijke financiële moeilijkheden. het jeugd (straf)recht systeem en het systeem van de geestelijke gezondheid. bijvoorbeeld door het opzetten van educatiegroepen voor ouders. Indien nodig kan het voorkomen dat een kind uit huis geplaatst wordt.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch emotionele steun van een partner voor de overgebleven ouder.com . de afwezigheid van een rolmodel voor kinderen van hetzelfde geslacht en financiële stress. zijn gezinnen waarin beide ouders werken. Vooral nonverbale gedragingen en de betekenis hiervan moeten hierbij in acht worden genomen. Gevoeligheid voor de speciale issues in deze niet-tradionele gezinnen is van groot belang. Social-Welfare system Het systeem van het maatschappelijk werk bestaat uit een variëteit sociale services waarmee een gezin geholpen kan worden.  Van korte termijn-doelen naar lange termijn-doelen. Deze systemen zijn het systeem van het maatschappelijke werk. en gezinnen waarin de grootouders hun kleinkinderen opvoeden. Social Systems Naast het gezin systeem en het school systeem zijn er nog drie andere systemen die het leven van een jongere met emotionele of gedragsproblemen kunnen beïnvloeden. Ook kinderen met emotionele en gedragsstoornissen kunnen met dit systeem te maken krijgen.

kreeg nationale aandacht. Mental Health System Binnen het systeem van de geestelijke gezondheidszorg zijn het vaak psychologen of psychiaters die verantwoordelijk zijn voor de diagnose van emotionele of gedragsstoornis. in vergelijking met 13 % van de kinderen zonder problemen. Ook privé foundations hebben zich hierbij aangemeld. Deze caseworkers werken vaak samen met de leerkracht van deze kinderen omdat de informatie van de leerkracht belangrijk kan zijn voor het totaal plaatje. Ook leraren worden met deze benadering begeleid en leren hoe ze het beste met kinderen met EBD om kunnen gaan. Deze benadering produceert plannen die meer inhouden dan een schooldag en omvat veel levensdomeinen (bijvoorbeeld familiefactoren. Training. Ook leren ze hoe ze kinderen die een risico hebben om EBD te ontwikkelen kunnen herkennen. System of Care: The Child and Adolescents Service System Program (CASSP) De noodzaak om de systemen te veranderen. Junevile Justice System Het systeem van de jeugdstrafrecht krijgt te maken met steeds meer criminaliteit onder jongeren. Ook al hebben de specialisten de leiding in handen. De CASSP is gebaseerd op de volgende principes:  het systeem van zorg moet kindgecentreerd zijn en door de familie gestuurd worden  diensten moeten gebaseerd zijn op de gemeenschap en gelinkt zijn aan bureaus  echte coördinatie en samenwerking van bureaus zijn essentieel  diensten moeten cultureel gevoelig zijn en individueel  de jongeren met de meest hevige vorm van EBD moeten geholpen worden  er moet een balans zijn van de meest strenge en minst strenge opties  advocatuur en management moeten gepromoot worden De CASSP promoot vroege identificatie en preventie en pakt de obstakels aan die eerder genoemd zijn. sociale. zullen de verschillende systemen hun manier van handelen moeten veranderen. Jongeren met een dergelijke stoornis kunnen binnen dit systeem behandeld worden door middel van individuele en groepstherapie. is in vele staten uitgevoerd en in overeenstemming met de CASSP principes. 35 % van de kinderen met emotionele of gedragsproblemen zijn in aanraking geweest met de politie. In de jaren ’80 is er begonnen met veranderingen voor de kinderen en jongeren met de meest hevige vormen van EBD. in de manier waarop de diensten een beeld vormen en uitgevoerd worden. In 1984 werd daarom. technische assistentie en onderzoek zijn componenten van de meeste ‘wraparound’ modellen. Ook bevatten de plannen niet-traditionele supports. door de National Institute of Mental Health (NIMH). de opvoeders zijn 10 . Veel kinderen met emotionele en gedragsstoornissen worden uit huis geplaatst en krijgen medicatie. Figuur 8.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch ondersteund door zogenaamde social caseworkers. jeugd rechtvaardigheid en mentale gezondheid systemen die diensten die gerelateerd zijn aan kinderen en jongeren met EBD verhinderd:  Diensten zijn niet aangepast aan de benodigdheden van de cliënt  Slechte werkrelaties tussen bureaus  Geen goede definitie van mentale gezondheid Om deze diensten te verbeteren. Het is meer een benadering dan een programma en veronderstelt een houding van creativiteit ten opzichte van het mengen van de diensten. die gebaseerd is op ‘wrapping services’ voor kinderen in nood. Vandaar dat er door de specialist wordt samengewerkt met de ouders en leraren van de kinderen. Een één op één behandeling zijn qua kosten niet effectief en er zijn hiervoor niet genoeg specialisten.4 op blz 96 illustreert de kindgecentreerde. The Wraparound Model Een overlegmodel. En andere verandering die moest plaatsvinden is een effectiever gebruik van middelen. sociale contacten. zoals communicatiementoren en ouderpartners. Verschillende onderzoeken wijzen aan dat CASSP een uitvoerbaar programma model is voor de mentale gezondheid van kinderen.Stuvia. multisysteme CASSP methode. Er wordt echter een steeds groter belang gehecht een het systeem waarin de kinderen opgroeien. de CASSP ontwikkeld om de systemen om te zetten in mentale gezondheidservice voor kinderen. Het doel van dit systeem is dan ook om deze kinderen zo veel mogelijk in hun eigen thuisomgeving te behandelen en uit huis plaatsing zoveel mogelijk te voorkomen. transport). Systems changes Er zijn verschillende obstakels verbonden met de educatie.com .

en 2) behandeling ziet als een verantwoordelijkheid die gedeeld moeten worden met kinderen en de omgeving. Het cognitief model is niet hetzelfde als de cognitieve ontwikkelingstheorie. Studenten zullen meer voordeel hebben wanneer een leraar een perceptie van geloofwaardigheid heeft en betrokken blijft bij andere systeempartners:  wees bewust van politieke realiteiten. maar er zal nog steeds verbetering moeten komen in mentale gezondheidsdiensten. maar ook door de manier waarop mensen gebeurtenissen ontleden. Er is een wederkerige relatie tussen denken. voelen en gedrag. Ze zijn niet geïnteresseerd in waarom personen emotionele stoornissen hebben. maar het gedrag heeft ook invloed op gedachten en percepties. want de manier waarop mensen hier over denken beïnvloedt de beliefs. Teacher as Part of a Social System Bij het wraparound model en andere zorgmodellen voor kinderen is het educatiesysteem en met name de leraar erg belangrijk. Door gedachten en beliefs te veranderen. Woodruff en collega’s (1999) hebben verschillende suggesties gedaan voor school-based systemen:  zorg voor steun en handhaaf flexibiliteit  bouw strategisch voort op mogelijkheden  heb een systeem van gecoördineerd leiderschap  verstrek continuïteit van schoolpersoneel  betrek en bemachtig ouders  zorg voor preventie. Deze ziet intellectuele ontwikkeling bij kinderen als een product van biologische motivatie en fysieke en sociale interacties. Het cognitieve model gaat over heimelijke menselijke processen die de hoofdoorzaak zijn van stoornissen.  Creëer een’ underdogmanship’  Vermijdt taalbarrières  Neem de verantwoordelijkheid om contact met andere bureaus/instellingen te creëren en handhaven  Verduidelijk de rollen en verantwoordelijkheden van elke instelling/partner schriftelijk Samenvatting Samengevat kan gezegd worden dat in mentale gezondheiddiensten voor kinderen en jongeren met EBD een systeembenadering nodig is. heeft dit invloed op het gedrag. Oorzaken van disfunctionele gevoelens zijn gedachten die zich baseren op:  negatief zelfbeeld  onoverkomelijke obstakels in het leven  een hopeloze toekomst 11 . Definition and Basic View Gedachten en percepties hebben invloed op het gedrag. Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 Topic 4 Week 2 Week 2 Week 2 Week 2 Orientation Stoornissen ontstaan door verkeerde cognities. De behandeling is mensen anders te laten denken of het aanleren van cognitieve vaardigheden en strategieën. Er zijn een aantal studies met positieve resultaten.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch de kernspelers.com . Beïnvloeding gebeurt niet alleen door externe omstandigheden.Stuvia. Externe gebeurtenissen zijn ook belangrijk.en interventieprogramma’s  biedt een niet-traditionele leeromgeving aan  verzeker institutionalisering van het programma Voor leraren hebben Nelson (1983) en Eber en collega’s (1997) een aantal suggesties voor effectieve samenwerking buiten school om. Dit zal een benadering moeten zijn die 1) emotionele/gedragsstoornissen ziet als een verantwoordelijkheid die gedeeld moet worden met kinderen en de omgeving.

zoals aandacht voor een taak. Attributiestijl bepaalt of iemand geneigd is om stoornissen te ontwikkelen. Er zijn verschillende cogntieve restructureringstechnieken. zelfbeeldtraining en probleem-oplossingstherapie CBT (cognitive behavioral therapy): combi van nieuw functioneel gedrag aanleren en veranderen van denkpatroon. etc) lange termijn onbewuste cognitieve processen (belief-systeem dat het korte termijn proces beïnvloedt. Bandura’s 2 soorten verwachtingen:  uitkomstverwachtingen: anticipaties dat gedrag zal leiden tot bepaalde uitkomsten  doeltreffende verwachtingen: het geloof dat iemand in staat is om op een bepaalde manier te presteren (door responsen). Moedigt zelf-management en zelfregulatie aan ipv het restructureren van gedachten. Long-term cognitive processes REBT (rational emotive behavioral theory): omzetten van een foutief belief systeem als behandeling van stoornissen. Daarna cognitieve restructurering.Stuvia. Volgens Beck zijn cognitieve aannames die iemand ontvankelijk maakt voor negatieve appraisals en depressie:  om gelukkig te zijn moet ik succesvol zijn  om gelukkig te zijn moet ik altijd door iedereen geaccepteerd worden  mijn waarde als persoon hangt af van wat anderen van mij denken  als ik een fout maak ben ik ongeschikt Attributie: iemands concept over waarop dingen je zijn gebeurd. Hier moet met de behandeling rekening mee worden gehouden. Mist hier tussen een deel??? H6 vanaf het kopje ‘self-monitoring’ (blz. Ze verwachten nare dingen en geloven dat ze er niets aan kunnen doen. In scholen blijkt het leergedrag. Angstige mensen verwachten dat er iets onwenselijks zal gebeuren. positieve voorstellingen procedures. Short-term cognitive processes Korte termijn processen kunnen invloed hebben op de ontwikkeling van angst. Irrationele beliefs: leiden tot conflicten met andere en de maatschappij. Bandura: wederkerig determinisme: iemands gedrag beïnvloedt de omgeving en de omgeving beïnvloedt iemands gedrag en ontwikkeling. Self-monitoring Self-monitoring is een proces waarbij studenten hun eigen gedrag moeten observeren en noteren wanneer zich ongepast gedrag voordoet. globaal of specifiek. Gedragsveranderingen als resultaat van self-monitoring kunnen verklaard worden vanuit twee verschillende theoretische modellen:  Cognitieve psychologen: verklaren het veranderde gedrag als functie van het feit dat als iemand naar zijn eigen gedrag kijkt. depressie en andere stoornissen. een taak afmaken. wat weer leidt tot zelf-regulatie. Appraisals zijn evaluaties van wat er met ons gebeurt en wat we doen. 177). Verder neemt ongepast gedrag af. ontspanningstraining. Volgens Bandura is systematische desensitisatie hiervoor een goede interventie. aanmoedigingen. Negatieve uitkomsten en doeltreffende verwachtingen komen voor bij angst en fobieën. Aangeleerde hulpeloosheid: combi van problematische verwachtingen en attributie.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Etiology and Development of Disorders Er zijn 2 categorieën cognitieve processen: korte termijn bewuste processen (verwachtingen. waaronder aanpakken van automatische gedachten. Rationele beliefs: verantwoordelijkheid tegenover jezelf en de maatschappij. schrijven en wiskundige strategieen te verbeteren door self-monitoring. Ze kunnen intern of extern zijn. lezen. 12 .com . ABC-model: A (event)  B (belief)  C (consequence) Cognitive interventions Eerst een externe locus of control uitsluiten. reverse role play and reframing thoughts. reattributie-training. corrective self-talk and instruction. stabiel of onstabiel. dit leidt bewustzijn van gedrag.

Setting. vocabulaire. omdat met het gedrag een gewenst doel wordt bereikt. Zo ja.  Webber en collega’s beweren een toename van de aandacht voor een taak. Effectiviteit van self-monitoring:  Betere academische ‘performance’ en gedrag in de klas. oefening en feedback.  Letter strategieen -> worden gebruikt bij het helpen onthouden van lijsten of categorieen en/of stappen in een procedure. Het werkt omdat studenten nadenken over hun eigen denken en flexibel en automatisch leren denken. 13  . Zelf-evaluatie procedures in klaslokalen leren studenten het volgende:  Observeren en evalueren van gedrag relatief gezien aan criteria  Het matchen van zelf-evaluatie van een kind aan de externe evaluatie van een leraar  Bepalen van consequenties voor goede en gepaste responses  Werken met minder externe begeleiding en minder externe beloningen Zelf-evaluatie activiteiten belonen goed gedrag. Cognitive Strategy Instruction Dit is een overkoepeling van zelf-instructie. lezen.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Gedragspsychologen: verklaren de veranderingen in gedrag doordat leerligen herkennen dat het gedrag verklaard wordt door externe consequenties. de CAST methode voor het schrijven van een boek (Character. vaak door middel van een hele negatieve beoordeling of het negeren van bepaald gedrag. Zo nee. Studenten met beperkingen laten verbeteringen zien door deze strategie op het gebied van begrijpend lezen.. onthouden. door middel van zelf-evaluatie kan dit veranderen. wiskunde en wetenschap.  Toename in academische productie is ook gezien in meer recente studies. emoties en gedrag. om te onthouden dat de ‘Nineteent Amendment’ vrouwen recht gaf om te stemmen. Het doel van zelf-evaluatie ligt in de motivatie van de student om zijn/haar gedrag te veranderen. Cognitieve strategieen zijn ontwikkeld voor studeren. Individuen met emotionele en gedragsproblemen hebben een drang om hun eigen gedrag verkeert te evalueren. zelf-monitoring en zelf-evaluatie. dan moeten de leerlingen zich er bewust van worden dat ze zich anders moeten gaan gedragen om een bepaald doel te bereiken. een verbetering veroorzaakt in begrijpend lezen. Effectiviteit van zelf-regulatie: Verbetering van een gezonde cognitie. schrijven. Bijv.  Ook hebben veel studies laten zien dat cognitieve strategie instructie (waar vaak ook self-monitoring bij hoort). wat hun assisteert bij het leren. spelling. wiskunde en het onthouden en terughalen van informatie. Bijv. Mastroperi en Scruggs beschrijven 3 srategieen voor het linken van onbekende aan bekende informatie. met als doel het onthouden van nieuwe informatie:  ‘Key word methode’ (voor het onthouden van informatie) -> de leraar vindt sleutelwoorden in een naam en gebruikt foto’s voor het onthouden van deze informatie. enz. De personen moeten nagaan of het doel wat ze hebben wordt bereikt met dit bepaalde geobserveerde gedrag. Bijv. Self-evaluation Zelf-evaluatie gaat over het observeren van iemands eigen gedrag en dit gedrag vervolgens zelf beoordelen aan de hand van een doel. ook voor studenten met EBD.  ‘Pegwords’ -> nummers of kleuren aan nieuwe informatie te linken.com . Action. Cognitieve strategieen zijn bijvoorbeeld: het maken van een lijst en de taken die gedaan zijn afkruisen of het onthouden van een wiskunderegel. meer tijdsbesteding aan een taak en ook generalisatie van goed gedrag naar andere settings. om te onthouden dat ‘Thomas Pain’ het boek ‘Common Sense’ schreef kan een foto van een man die schrijft gebruikt worden: onthouden moet worden dat hij ‘pain’ heeft van het schrijven en een vrouw die zegt: ‘if you had ‘common sense’ you would stop writing’.Stuvia. ook al is er meer onderzoek nodig. kan nummer 19 onthouden worden. Verder blijkt zelf-evaluatie beter te werken voor het verbeteren van sociale interactie bij kinderen met interne problemen dan bij kinderen met externe problemen. Self-monitoring wordt aangeleerd door directe instructie met ‘modelling’. dan wordt dit gedrag in de toekomst herhaald. als gevolg van self-monitoring. The end). schrijven. luisteren.

fout of onvolmaakt denken leidt op deze manier tot ongezonde emoties. Onvolmaakt denken wordt gezien als cognitieve processen die nog geleerd moeten worden.b. negatieve beoordelingen en irrationeel geloof. Laat de student de leiding nemen bij het aanleren. Kinderen leren anders te denken heeft de ontwikkeling van verschillende cognitieve restructurering gestimuleerd en ook cognitieve strategietraining programma’s. blijken erg effectief te zijn voor speciaal onderwijs studenten voor het verbeteren van gedrag en leren. Het gaat om observeerbaar gedrag. Etiology and Development of Disordered Behavior Respondent (Classical) Conditioning 1902.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Harris en Graham hebben een ‘framework’ ontwikkeld voor hoe een leraar het beste cognitieve str ategieen aan leerlingen kan aanleren:  Ontwikkel de achtergrondkennis en vereiste vaardigheden bij studenten  Bespreek de strategie met de student en bespreek hoe het geleerd gaat worden. Konijn waar hij bang voor was + lekker eten  niet meer bang voor konijnen. vooral in combinatie met andere interventies en behandelingen. Jones: Peter. Het model is het tegenovergestelde van het psychodynamische model. 2.com .Stuvia. Zelfregulatie werkt door het restructureren van cognities en/of door het trainen op het aanleren van nieuwe cognitieve vaardigheden. Cognitieve gedragstherapie combineert het denken van een persoon met gedragprincipes. dit helpt  Doe de strategie voor  ‘Memorize’ de strategie  Begleid de leerlingen in groepjes en help de studenten totdat ze het zelf kunnen  Sta onafhankelijke oefening toe Summary Cognitieve psychologen geloven dat verstoord gedrag resulteert uit een relatie tussen cognitie en affectie. emoties en gedrag. Fout denken wordt gezien als negatieve verwachtingen. 1924. 1920.t. het behavioristisch model: 1. Gedrag kan veranderen door belonen en straffen. Sommige cognitieve benaderingen. Gedrag kan geobserveerd. Alle gedrag is aangeleerd. Veel programma’s dus voor het voorkomen van verstoord gedrag. 3. dat is aangeleerd. Eerst alleen bang voor hard geluid  altijd dan ook een rat  wordt ook bang voor een rat en andere dieren. voor het doel van zelf-regulatie en zelf-controle. Pavlov: hondje. Een stimulus (geluid van een bel) wordt geassocieerd met de respons (voedsel). Operant Conditioning 14 . Personen gedragen zich door externe variabelen. Aannames m. en niet het veranderen van externe variabelen voor gedragsverandering. 4. Conclusions De behandelingfocus van het cognitieve model is het leren van zelf-management of zelf-regulatie van gedachten. geanalyseerd en gemeten worden. Topic 5 Week 2 Overview Behavioristisch model = verstoord gedrag komt door omgevingsinvloeden. Cognitieve technieken werken voor kinderen met EBD. Definition and Basic View Verstoord gedrag wordt zo ervaren door anderen. Watson en Raynor: Little Albert. vooral zelf-monitoring en cognitieve strategie instructie.

2). Verkorte FA is effectiever. iets krijgen 2. Het gunstige van antecedenten veranderen.v. Twee voorbeelden: Motivation Assessment Scale en Problem Behavior Questionnaire. Checklists and Behavior Rating Scales Checklists zijn objectief. Gedrag blijft als het beloond wordt en neemt af bij straffen of negeren. onderwijsassistenten en soms student zelf over frequenties. Discussie is gaande over de invloed van tv kijken op het gedrag. FBA = data wordt verzameld dat linkt aan het probleemgedrag. Evaluatie. iets juist niet krijgen 3. Jonge kinderen worden beïnvloedt door het zien van geweld. 3 doelen: 1. Componenten: 1. gebruik van gedragskenmerken 2. Observaties vaak d. Evaluation Procedures Leerkracht speelt een belangrijke rol bij het behavioristisch model. individuele instructies. om gedrag te verbeteren 3. in de situatie waarin het onaangepast gedrag voorkomt (vaak school). Frequentie en duur zijn belangrijk. medicatie. Voor special education. scatterplot (zie fig.m. Meten van niveau: curriculum-based assessment 3. Ruwe scores worden omgezet in standaardscores en dan vergeleken met een normgroep. A= antecent. Timesampling of event-sampling. het continueren van positief gedrag = self-reinforcement. Belangrijk doel van FBA is genoeg data verzamelen over het doel van het gedrag. maar ook om probleemgedrag te verminderen.v. modeling enz. Angsten. Bij sociaal leren gaat het ook om interne processen. Monitoring.t. verkrijgen van zintuiglijke stimulatie.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Thorndike & Skinner. En relatie met omgevingsfactoren. Nadruk ligt op gevolgen van het gedrag. 7. wat zegt het gedrag en mogelijk versterkers. ABC-schema’s. Interventies worden hierop gebaseerd. 2. Voorbeeld: Devereux Scales of Mental Disorders. rollenspel. Voor verkrijgen van FBA = interviews. Discussie over de externe validiteit en toepasbaarheid van FBA. Educational Applications Gedragsinterventies zijn de meest gebruikt interventies voor studenten met EBD.com . 7. Daar worden de volgende vijf technieken voor gebruikt: 1. intensiteit. Functional Behavioral Assessment and Analysis (FBA) Verstoord gedrag heeft een functie voor het individu.b. 15 . B = behavior. Planning door de leerkracht. C= consequense of d. Taakanalyses 4. Gedrag van anderen imiteren. Directe instructie. Interviews met ouders. Sociale vaardigheidstraining belangrijk bij behavioristisch model. 5. Behavior Management and Behavioral Principles Het behaviorisme is niet alleen bedoeld om nieuw gedrag aan te leren. Social Learning (Modeling) Bandura. Behavior Recording Gedragsobservatie en vastleggen. fobieën en agressief gedrag kan “vicariously” (?) worden aangeleerd. Het gaat om gedragsverandering. Applied Behavioral Analysis = gebaseerd op het model van Skinner: 1. gedrag waarvoor anderen voor beloond / gestraft worden. onder welke omstandigheden. Extented-Functional Analyses is niet toepasbaar in de schoolsituaties. behandeling vereist evaluatie.& eetpatronen. Er zijn vragen over de effectiviteit.m. Setting: leerkracht geeft de instructie en bepaalt wat de student moet leren. observaties (topografische analyses) en experimentele analyses. leerkracht.Stuvia. 6. Belangrijk dat er transfer is van het geleerde. slaap. gevolgen op het gedrag. Eigen gedachten over gedrag zijn ook belangrijk m.

Belangrijk dat dit voor de individu is! Voor studenten met EBD is dit vaak een procedure in de vorm van een fining systeem 16 . Positief is weer onder te verdelen in eerste en tweede klasse. De meeste levelsystemen bevatten ook een strafgedeelte. Vooral de reinforcers van de tweede klasse worden op scholen gebruikt. activiteiten). Dit kan zowel positief als negatief zijn. 205 voor een overzicht. Bij iedere student werken reinforcers anders. Reinforcement is de toepassing van de reinforcer. blz. hetgeen moet vaak procedureel vastgelegd zijn en verantwoord kunnen worden. Contingency Contracting Dit is een vorm van instructies en gedragsmanagement door een als…dan contract. Positief is wanneer iets als een consequentie gepresenteerd wordt en gedrag verminderd. 4. Methods for Decreasing Behavior Differential Reinforcement Differential Reinforcement. 210. Methods for Increasing Behaviors Reinforcement (versterking) Reinforcement is een consequentie van het doelgedrag dat resulteert in bevordering van het gedrag. 2. 1. Het systeem kan per leeftijd verschillen.2. Gedrag verminderen door wederkerige contrasten met ongepast gedrag. een level terugzakken. Voorbeeld: Box 7. zie box 7. 206.p. De interventie vanuit het behaviorisme moet bewaakt en geëvalueerd worden. Straffen alleen als dat noodzakelijk is! 5. het moet een educatieve functie hebben. blz.com .Stuvia. Zie tabel 7. Tokens spelen dezelfde rol als geld in de maatschappij. ook dient men de tijd goed in de gaten te houden. een mooie kaart. Dit contract is verbaal.1. wat hij wel moet doen. Gebaseerd op de Premack principes van oma´s wet: ´Eerst aardappelen eten. Tijdsperioden inbouwen.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 2. bijv. bij voorkeur vervangend. Tokens zijn bijv. Er is een hiërarchie in verwacht gedrag en de corresponderende reinforcers.v. Punishment Straffen wordt gedefinieerd als consequentie van ongewenst gedrag. Voordelen hiervan zijn de flexibiliteit en bruikbaarheid in vele settings. De meest gebruikte straffen staan hieronder uitgelegd. Tweede reinforcers zijn nodig bij oudere studenten met mildere beperkingen en hebben een waarde (bijv. eten). Er zijn meerdere vormen hiervan. Level Systems In een klas met veel EBD studenten zijn token systemen vaak georganiseerd in meerdere levels. gedrag. voornamelijk omdat het kind leert wat hij niet moet doen i. Het straffen wordt door vele redenen afgeraden. Er is discussie mogelijk over de legaliteit van de straffen. alleen gebruiken in noodzaak en de oorzaak is van belang). Token Economies Dit wordt vaak gebruikt in de klas om sociale en academische vaardigheden te verbeteren. bijv. Docenten dienen rekening te houden met een historie van falen en straffen van studenten en nu dienen ze dus geprezen te worden voor het goede. Alternatief. Bij scholen wordt vaak gestraft als discipline. 3. blz. bekend als een positief verminderende techniek. Response-cost Het beëindigen van een reinforcer resulteert in het verminderen van het gedrag. 3. dan krijg je je toetje´. fishes die de student kan verdienen en later iets voor kan kopen. Positieve reinforcers zijn contingency contracting en token economies. het moet verantwoord worden. Yell heeft zes principes opgesteld voor straffen (niet gewelddadig naar procesrechten en schoolrechten. Straffen werkt alleen als de straf ook zorgt voor vermindering van het gedrag. Het wordt succesvol gebruikt in scholen en klinieken. gebruikt bewuste reinforcement van sommige gedragingen om ander gedrag te verminderen.1. Reinforce lagere schalen van ongepast gedrag. De effectiviteit en wettigheid roept nogal wat vragen op. De eerste reinforcers zijn nodig bij jonge studenten met veel beperkingen en zijn biologische behoeften aan de individu (bijv. Bestaande consequenties veranderen zodat gewenst gedrag bevorderd wordt en ongewenst gedrag niet. maar het kan ook op papier. Negatief is als iets verwijderd wordt.

Twee effectief bewezen behandelingen voor specifieke fobieën: 1. Summary. Vaak wordt de time-out te vaak ingezet. 209. Corporal punishment Lichamelijke straffen zijn verboden volgens de wet. Zie evt. Physical restraint Hier gaat het om kracht zetten om de individu zijn beweging te kunnen beïnvloeden. Veel van deze behavioristische interventies komen van andere modellen. bijv. Conclusions Het gestoorde gedrag begrijpen vanuit het behaviorisme staat leerkrachten toe om de variëteit van succesvolle interventies in de klas toe te passen. Er zijn verschillende varianten. Meer hierover in hoofdstuk 12. Daarnaast hebben ze wel eens een planning of crises klas. bijbehorend tabel 7. 2. Het gaat o. De separatie is nodig bij studenten die psychisch gescheiden moeten worden van hun leeftijdsgenoten om hun emoties en gedrag te kunnen controleren. Het is typisch voor medici. Dit model is bekend als PBS. huiswerk afgemaakt en een plan gemaakt om terug te kunnen keren in de klas. De time-out op de plek waar alles gebeurd.com . 214 van het boek. bijv. maar lijken irrelevant. Er mag niet gepraat worden. heeft dit geleid tot ernstige verwondingen of zelfs dood bij studenten. Om te dwingen naar onvoorziene omstandigheden. In-school suspension Dit is een soort time-out. lees zelf blz. Er zijn ethische discussies hierover.a. Vaak worden de jongeren geschorst voor bepaalde tijd. Die standaarden zijn helaas niet overal in gebruik. blijkt uit een onderzoek. Met het beperken van straffen. pinching en shaking. slapping. maar het is niet goed om juist deze jongeren zonder supervisie op straat rond te laten lopen. vandaar deze programma´s. vooral over elektrische schokken. dat ze geen punten meer kunnen verdienen. procedures en monitoring. Dit lijkt niet altijd op straffen. Er zijn twee vormen. wordt gedrag toch gewenst door een steunende context en het gebruik van FBA data voor planning van discipline. psychiatrie en scholen om preventief te werken. Het is goed om time-outs voor een korte tijd te geven. maar meestal bevind het zich in een gebouw apart van de reguliere campus. Door te weinig personeelstraining.3. De leerlingen worden uit de klas gezet en moeten naar een speciale klas waar een leerkracht ze in de gaten houdt. maar dan binnen school. Het programma is populair vanwege het feit dat de leerling uit de klas gezet wordt en anderen dus niet langer tot last kan zijn. Er zijn zes dingen die je hierbij zeker moet toepassen. Time-out Dit is het beëindigen van de kans om een reinforcement te ontvangen. Interim Alternative Education Programs (IAEP) Dit is voor studenten die extreme storend zijn of drugs of wapens gebruiken. omdat er teveel gestraft wordt. En een voorbeeld van een casus en bijbehorende grafieken met het behavioristische model is te lezen in Box 7. Hier wordt gediscussieerd over problemen. 70 Procent blijkt deze methode te gebruiken. Response-cost is de geprefereerde straf bij de meesten. Hoofdstuk 4 Week 4 Mediatherapie: het behandelen van een cliënt via anderen in de natuurlijke omgeving van de cliënt. De student beschermen tegen zichzelf of anderen. Children´s Health Act of 2000 heeft nationale standaarden gemaakt voor het gebruik van physical restraint. Ze blijven tijdelijk in dat programma totdat ze weer terugkunnen naar school. naar de time-out slepen. Positive Behavioral Supports (PBS) Onderzoekers hebben een ABA model gemaakt. of de time-out waarbij de individu op een rustige afzonderlijke plek gezet wordt. Participant Modeling 17 . Dit is niet hetzelfde als speciale educatie service (SPED)! De IAEP zijn echt straffen en bedoeld om ongewenst gedrag te verminderen.2.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch met token of levels. blz. Twee condities waarbij dit gebruikt wordt: 1. gebaseerd op disciplines en proactieve en preventieve benaderingen. om spanking. maar is het wel.Stuvia.

Reinforced practice Twee effectief bewezen behandelingen voor ADHD: 1. Laat de ouders duidelijk vaststellen wat zij willen: het toenemen of afnemen van bepaald gedrag.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 2. 10. en daardoor een goede keuze uit de volgende maatregelen: 8. Moeder leert tijdens therapie nog meer (basisprincipes en algemene aanpak van kinderproblemen). Geleerde basisvaardigheden:  Prijzen en affectie geven  Belonen en privileges geven  Differentiële aandacht geven  Negeren  Time-out toepassen  Belonen en privileges ontzeggen  Fyzieke straf geven  Gehoorzaamheid trainen 4. beschrijven in observeerbare termen. 5.1. Minder kans op terugval na een geslaagde behandeling. Gecomineerde cursus: twaalf avonden. Mediatietherepie kan in groepen of per gezien. Behandelt het zeflbeeld en de gedragsbeïnvloeding. 7. 9. Hierna wordt samen met de ouders een ABC-schema (antecedents-behaviors-consequents) gemaakt. Laat de ouders de algemene doelstellingen en klachten terugbrengen tot een aantal afzonderlijke gedragingen dat een toename of afname vereist (vijf die ze willen laten toenemen en vijf die ze willen laten afnemen). Laat de ouders de situatie bespreken waarin het gewenste gedrag zou moeten optreden (discriminerende stimuli voor het gewenste gedrag vaststellen). 1. 11. 3. 4. 18 . op behandelingsinstelling of aan huis. want kind en ouders veranderen beiden. waarop zij zich willen concentreren. Laat de ouders bespreken wat de kinderen ontzegd zou kunnen worden. Behandelt naast bovengenoemde ook de gespreksvaardigheden en het gezonde denken. 2. 4. Laat de ouders bespreken hoe zij het uiteindelijke gedrag stap voor stap kunnen gaan bereiken.com .2 Advisering van de ouders volgens Holland Volgorde van gesprekspunten: 1. Laat de ouders evenzo de situatie bespreken waarin het ongewenste gedrag niet mag voorkomen. 4. Laat de ouders evenzo het gedrag dat zij wel wensen beschrijven. Social lerning parent training 4. Laat de ouders nauwkeurig dit gedrag zoals dat op het moment voorkomt. Gemaakte ABC-observaties maken meestal een goede functionele analyse mogelijk. of beiden.1 De oudercursus van Van London Pure gedragscursus: vijf avonden. Geen generalisatieprobleem (nieuwe gedrag wordt direct aangeleerd) 3. Aanpak begint bij de ouders (angsten wegnemen en adviezen geven) 2. 6. Laat de ouders uit de door hen opgestelde lijst een enkel gedragsprobleem kiezen. Operant classroom management Twee effectief bewezen behandelingen voor oppositionele gedragsproblemen: 1.1. Laat de ouders een lijst opstellen van mogelijke positieve en negatieve versterkers.Stuvia. Ouders algemene doeleinden en klachten laten vaststellen. Behavioral parent training 2. maar is wel gemotiveerd en in staat om die te verwegen.1 Mediatietherapie met ouders Ouders missen de kennis en vaardigheden die nodig zijn voor gedragsverandering. Videotape modeling parent training 2.

Een lijst van dingen die het kind graag wil. Laat de ouders bespreken hoe zij gewenst gedrag kunnen doen toenemen door het onmiddellijk geven van een positieve versterker volgend op het gedrag. 3. Een lijst van gedragingen waarvan iedereen wil dat het kind ze vertoont 2.1. kan de therapeut de ouders van jongere kindere naan huis trainen in het anders omgaan met hun kind. Training van de moeder (met handgebaren de moeder trainen.4 Training aan huis volgens Hawkins Als rollenspel niet voldoende is. Een lijst van gedragingen waarvan iedereen wil dat het kind ze niet vertoont 3. 3. leren empathie en begrip tonen). Hawkin’s Pionierscasus: 1. Niet te snel naar tokens (beloningen) grijpen. 16. Het is makkelijker negatieve gedragingen te formuleren dan positieve 2. Delen van gevoelens (aanmoedigen van affectieve afstemming op positieve en negatiefe emoties van het kind. Sensitieve keten (signaal van het kind – respons ouder – reactie kind.1.3 Token-programma’s volgens Coe Drie lijstjes die gemaakt worden bij het token-programma: 1. Opstellen van het token-programma 6. 19 . Time-out als disciplinering). Laat de ouders bespreken hoe zij ongewenst gedrag kunnen doen afnemen door een positieve versterker af te nemen. Opstellen van een baseline (bepaling frequenties van gedrag) 4. B = kind naar zijn kamer brengen. Uitleggen wat de bedoelingen zijn van het token-programma 5.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 12. 4. Het gebruik van vage formuleringen. Thema’s die behandeld worden: 1. Uitleggen welke reacties nodig zijn van ouders). maar nog niet mag Indicatie voor een token-aanpak (iets krijgen voor goed gedrag en iets moeten inleveren voor slecht gedrag):  Ouders komen met gedragsklachten die zij zeggen niet te kunnen veranderen  Als hanteringsmethode gebruiken de ouders alleen straf en onthouden van privileges  Het kind voelt zich ingeperkt en ziet zijn zelfstandigheid belemmerd door zijn ouders  De gezinsinteracties demonsteren het bovenstaande Problemen die zich voor kunnen doen met het opstellen van lijsten: 1. Exporatie versus geheidheidsgedrag (laten zien van contactzoekend gedrag en spel van het kind. Spreken voor het kind (stimuleren van nauwkeurige waarneming van signalen van het kind door gezichtsuitdrukking en non-verbale communicatie. Observatie van moeder en kind aan huis. Kern van de aanpak: geven van positieve feedback op video=opnames van itneracties ouder-kind in thuissituatie. Afsluiting van het programma 8. Controleren en bijsturen van het programma 7. 15. Laat de ouders de situatie bedenken waarin de kans het grootst is dat een bepaalde vorm of een bepaald gedeelte van het gewenste gedrag optreedt.5 Videofeedbackinterventie Videofeedbackinterventie is gericht op ouders van kinderen 1-3jr met lastig gedrag. Nameting Tegenwoordig is training aan huis meer in de vorm van videohometraining. of kind de kamer uitzetten). 13. Laat de ouders bespreken hoe zij ongewenst gedrag van hun kind kunnen doen afnemen door versterkers die erop volgden weg te laten. Positieve bekrachtiging als disciplinering). 4. alles moet concreet 3.Stuvia. 2. A = kind laten stoppen met gedrag. 2.1. 4. 4. Gebaseerd op gehechtheidstheorie (Bowlby en Ainsworth) & coercion-theorie (Patterson). 17.com . C = kind aanraken en prijzen). Laat de ouders bespreken hoe zij ongewenst gedrag kunnen doen afnemen door vijf minuten timeout (negeren van het kind. 14. Laat de ouders bespreken hoe zij gewenst gedrag kunnen doen toenemen door een negatieve situatie na het gedrag meteen te stoppen.

4. De sessies: 1.1. Positief betrokken zijn Kinderen moeten gedeeltelijk thuis wonen met minimaal één vaste verzorger. oefening en afsluiting (ouder wordt in therapeutrol geplaatst in rollenspel om te kijken wat de ouder allemaal geleerd heeft). Aandacht geven en gepland negeren 5. 4.8 Parent Management Training volgens Kazdin Training van twaalf sessies en duur van zes maanden. afname vragenlijst voor ernst gedragsproblemen en stressniveau van ouders te bepalen. 20 . Positieve berkachtiging. Gezinsinterventies bij ernstige gedragsproblemen Er wordt gebruik gemaakt van zeventien opvoedstrategieën. Positief contact bevorderen: tijd en aandacht geven. Kinderen t/m 16jr met externaliserende of internaliserende problemen. Voorlichting en informatie via de media 2. Grenzen stellen 3. 4-12jr met externaliserende gedragsproblemen. met kinderen praten.1. Week daarna belt therapeut 3x om te kijken of resultaten van PDR zich nog steeds voordoen. Oudes worden getraind in kindgerichte interacties. Zicht en toezicht houden 4. boeiende activiteiten ondernemen.7 Parent Management Training Oregon (PMTO) Van Patterson. Ouder wordt gecoacht via oortelefoontje. Vaardigheden.9 Triple P Staat voor: Positief Pedagogische Programma.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 4. Terugblik en probleem oplossen 7. Advies bij specifieke zorgen 4. Training in opvoedingsvaardigheden bij gedragsproblemen 5.com . terugblik. 2. Reprimandes (effectieve berisping combineert een clame verbale uiting van afkeuring met nonverbale frons) 10. Ouder-kindinteractie in drie situaties: kindgericht spel. Compromissen 2 (oefenen met een yypothetisch probleem en daarna met een echt probleem) 12.6 Ouder-kindinteractietherapie (PCIT) Ouders en kinderen 2-7jr met gedragsproblemen. in te delen in vier groepen: 1. Samen problemen oplossen 5. Gezinsbijeenkomst (eerste sessie waarbij kind ook aanwezig is) 8. 4. Gewenst gedrag bevorderen: prijzen en complimentjes geven. Vijf niveaus: 1. TRF. NOSI) en afname Paraint Daily Report. 10-30 sessies leren ouders vijf groepen vaardigheden door rollenspel: 1. genegenheid tonen. Na assessment startbijeenkomst om met ouders doelen op te stellen en behandelplan bedenken. Assessment door interview met ouders.1. observeren en noteren van gedrag 2. Compromissen 1 (stappen en regels voor het maken van compromissen) 11. Drie fases: 1. reageren op medewerking of verzet en time-out gebruiken. Shaping en schoolprogramma 6. Duurt 9-20wkn en 15 bijeenkomsten. Laag frequent wangedrag 9.1. positieve aandacht schenken. 2. Korte individuele voorlichtingsgesprekken 3. puntenprogramma en prijzen 3. Stimuleren door aanmoediging 2. 3. Definiëren. Ouder leert positieve aandachtsvaardigheden en mild verstorend gedrag negeren. Ouder en kind worden wekelijks in spelkamer getraind. Oudergecithe fase waarin ze leren opdrachten geven. Assessment: afname vragenlijsten (CBCL. oudergericht spel en opruimen. Time-out from reinforcement 4. Alles wordt gevideotaped.Stuvia.

Behandel je kind zoals je een vriend zou behandelen. 9. Oplossingsgericht ouderschap (sterke en zwakke punten vinden). Problemen oplossen: je bent competent om het geleerde te vertalen naar thuis en buitenshuis.1. Realistische verwachtingen hebben. 2. Maken van plannen om het gleerd hebben te gaan vieren. Voor jezelf zorgen als ouder door op tijd rust te nemen. 1.10 Kids’ Skills (van Ben Furman) Ontwikkeld vanuit oplossingsgerichte gedragstherapie. Mik op kleine veranderingen 3. 4. Bij voorbaat geheugensteuntjes bedenken (hoe wil het kind eraan herinnerd worden?). spontane leermomenten gebruiken. Een veilige en uitdagende omgeving creëren 2. gepast negeren. Zelfredzaamheid: vertrouwen op je eigen oordeel en je vermogen om zelf problemen op te lossen. 12. Steun mobiliseren door middel van totem figuur. 14. 2. waar en wanneer). time-out toepassen. 13. 8. 4. Vijf basisprincipes van positief opvoeden: 1. Een methode waarmee kinderen op een positieve manier problemen overwinnen. 5. Bestaat uit 15 stappen: 1. Als het niet werkt. Een relatie vanuit je hart 4. een pauze. Oefenen van de vaardigheid (afspreken hoe. Omgeving stimuleert het kind. 3. logische consequenteis trekken. 4. 10. 4. Leiding geven: zelf doelen en strategieën kiezen en je succescriteria. Steun mobiliseren door middel van het kind zelfvertrouwen geven. Doorgeven van geleerde vaardigheden aan anderen. doe wat anders 21 . 3. Ouders moeten een vriendelijke houding en benadering gebruiken in plaats van reageren om de controle te behouden. Een aansprekende discipline hanteren met consistente en voorspelbare regels 4. Kind treedt met oefenplan naar buiten. Vertalen van het probleem in termen van een ontbrekende vaardigheid. 11. vaardigheidsoefeningen. Verdergaan naar de volgende vaardigheid. 2. Steun mobiliseren door middel van supporters. Vieren dat het gelukt is.11 Oplossingsgerichte oudercursus van Metcalf Ouders moeten ovoedingsvaardigheden uit probleemgerichte cursussen leren die aansluiten op hun persoonlijkheid. Als het werkt. 4. 15. 4. 6.1. Persoonlijke effectiviteit: succeservaringen zien als resultaat van eigen inspanningen. reflectie en huiswerkexperimenten. een oppas te regelen en goed voor jezelf te zorgen Zelfregulatie (bij ouders) omvat vijf aspecten bij Triple P: 1. stilzitten. vragen vertellen en voordoen. Men moet het eens worden over de vaardigheid die geleerd moet worden.12 Oplossingsgerichte oudercursus van Selekman Acht bijeenkomsten van anderhalf uur met acht ouders.Stuvia. Ouders met kinderen 4-12jr. Een naam bedenken voor de vaardigheid. gedragskaarten gebruiken. De vaardigheid in videotermen omschirjven (kind zelf vertellen en uitleggen hoe het zich zal gedragen en wanener het de vaardigheid beheerst).1. 5. Ongewenst gedrag hanteren: overdragen van bsisregels. Voordelen van de vaardigheid worden onderzocht. het schenken van aandacht aan emotionele behoeften en verminderen de weerstand en rebellie. door nieuwe vaardigheden aan te leren. 7. duidelijke instructies geven. Nieuwe vaardigheden aanleren: voorbeeld geven. met korte didactische presentaties. passend bij de leeftijd 5. Zelfsturing: een realistische inschatting kunnen maken van je eigen aandeel en dat van je kind.com . en dat kunnen reflecteren op je aanpak. met aanmoediging om nieuwe vaardigheden te ontwikkelen 3. Zorgen voor een ositieve leeromgeving.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 3. direct aanspreken. ga ermee door 5.

en schoolsituatie. 22 .2 Aanmeldingsprocedure Aanmelding vindt plaats door ouder of verzorger van het kind. Schalen 6. De break 7. 7. Is er een cliënt en een hulpvraag? 2. Mogelijke scenario’s met betrekking tot de vraag “wie is de cliënt?”: – – Leerling X X X – X – – – – Ouders X – X X X – – Leerkracht X X – X – X X = er is wél een hulpvraag.Stuvia. Is er een werkbare hulpvraag? 3. Wondervraag (na 21 minuten) 4. Bij selectie van de kinderen die aan de training meedoen. Het is van belang wie het initiatief heeft genomen voor de aanmelding.Individuele therapie met adolescenten kent een aantal verschillende stappen: 1. omdat niemand een hulpvraag heeft.1.1. Vervolggesprek met nieuwe boodschap (afhankelijk van hoe gesprek loopt) Hoofdstuk 7 Week 4 7. – : is er géén hulpvraag. Doel onderhandeling 3. Child Behavioral Checklist (CBCL) geeft snel indicatie van de ernst van het probleemgedrag.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 6.13 Oplossingsgerichte oudercursus van Furman Oudercursus moet kort en leuk zijn. Pionier met nieuwe ouderschapstips (hulp van andere ouders krijgen) 8. Stappen tot mogelijke interventie: 1. Onderwerpen:  Waardering geven  Kritiek als wensen formulieren  Met je partner op de goede manier over je kind praten  Kinderen vaardigheden en verantwoordelijkheid leren 4.1 Inleiding Groepstherapie wordt toegepast bij kinderen die problemen ervaren in het contact maken en onderhouden met hun omgeving. Miniwondertjes 5. In laatste scenario hoeft er geen interventie te volgen.com . wordt ook naar de groepssamenstelling gekeken.1 Algemene informatie over groepstherapie met kinderen Actief betrekken van de ouders en leerkrachten bij de behandeling vergroot de kans op generalistaite van geleerde vaardigheden en cognities naar de thuis.2 Mediatietherapie op school Kan probleemgericht of oplossingsgericht gedaan worden. 7. Het vieren van succes 4. Zijn passende capaciteiten aanwezig om het probleem op te lossen? Hoofdstuk 6 Week 4 Bij individuele therapie met adolescenten moet er veel gebruik gemaakt worden van non-verbale aspecten en stiltes/aarzelingen. Samenwerken aan succes in grotere systemen 7. De boodschap 8. Kennismaking 2.

Nadelen van oudergroepen:  Niet alle ouders passen bij elkaar. 7. Voordelen van oudergroepen:  Tijdbesparend in vergelijking met individuele oudergesprekken of mediategesprekken.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 7. Algemene doelen: basisvaardigheden om het gorepsfunctioneren mogelijk te maken. 7.  Eerste bijeenkomst: bevordert saamhorigheid tussen de ouders.  Ouders leren van elkaar door onderlinge steun en bekrachtiging. Oudergroep wordt gezien als een voorlichtend met een algemeen informatief karakter. maar dan eens in de drie weken.  Er kunnen ook negatieve groepseffecten optreden.  Ouders die zich onttrekken van wachtkamereffect. Fases in groepsbehandeling:  Eerste fase: nadruk is gelegd op het bereiken van de groepsdoelen (door middel van rollenspel e. Steun van ouder is van groot belang hierbij.  Ouderbegeleiding kost veel overlegtijd tussen ouderbegeleider en groepstherapeuten kinderen. 2. kan ertoe lijden dat het thuis niet zo goed gaat met hun kind als ze vertellen in de oudergroep.  Eindfase (afbouwfase): herhalen van groepsdoelen en individuele doelen na een aantal weken geen behandeling. Sociaalfunctioneringsformulier helpt de therapeut om systematisch samen met de ouders en het kind de leerdoelen voor de bhenadeling met socialecompetentietraining te selecteren.  Ouders kunnen vaardigheden bespreken of oefenen met elkaar (modeling. als ze door de therapeut goed op de hoogte worden gehouden over de vorderingen.  Andere bijeenkomsten vinden tegelijkertijd plaats met kinderbijeenkomsten.  Tweede fase (midden fase): het werken aan eigen problemen.1.com . en drinken meestal gezamenlijk koffie om informeel voortgang van uun kinderen te overleggen (heet het “wachtkamereffect”).3 Intakegesprek met ouders en aangemeld kind Manier waarop ouders en kind samen over sociale problemen praten is een belangrijke bron van informatie voor het bepalen welk probleemgedrag moet worden aangepakt.4 Fases in de groepsbehandeling kindergroep Twee soorten leerdoelen bij groepsbehandeling: 1. 7. Ouders blijken veel baat te hebben bij pkratische training van de operante principes om gewenst gedrag te versterken en ongewenst gedrag af te zwakken.1.  Ouders zien elkaar ook in de woonkamer. Individuele leerdoelen: het probleemgedrag van ieder kind afzonderlijk.).d.Stuvia.5 De oudergroep Kinderen kunnen het nieuw geleerde gedrag van hun kind thuis stimuleren.1.6 Modificatietechnieken Technieken waarmee de therapeut het meeste mee werkt:  Modeling  Prompting  Shaping  Behavior rehersal  Feedback geven  Individuele en groepscontingenties 23 .  Saamhorigheidsgevoel en groepscohesie wordt verhoogd doordat ouders merken dat ze niet alleen staan.  Herkennen zich in verhalen van anderen. de basis waarop de kindertraining steunt.  Er kan soms verdeeldheid onstaan tussen ouderbegeleider en ouders vs groepstherapeut en kinderen.1. In een oudergroep kunnen ouders verhalen uitwisselen.

Er wordt rekening gehouden met: géén sekseverdeling!!!  Teruggetrokken kinderen vs op de voorgrond tredend. hyperactiviteit of gedragsproblemen.3 Indicatiestelling Bronnen van informatie:  SCVT door kind ingevuld  Lijst met assertieve situaties door kind ingevuld  Oplossingsindicatieschaal door kind ingevuld  Herziene sociaal functioneringsformulier door kind ingevuld  CBCL ouders  Sociaal functioneringsformulier door ouders ingevuld  CBCL leerkracht Functies vragenlijsten:  Aanvulling interview  Evaluatieve: vergelijking scores met nameting  welk gedrag is hoe veranderd?  informatie over signalen die kunnen wijzen op het voorkomen van concentratieproblemen. Algemeen kenmerk van deelnemers is een gebrek aan gevarieerde sociale cognities en vaardigheden.2. 7. Om te kunnen generaliseren moet gedrag zoveel mogelijk geoefend worden (dus ook in verschillende situaties. Operant en cognitief programma. Ook starten er twee groepen: grote groep (6 kinderen) en kleine groep (3 kinderen). Intakeprocedure: interview met ouders en kind (sociaal functioneringsformulier is leidraad). daarom is betrekking ouder/leerkracht zo belangrijk). 7.4 Samenstelling van de groep Er is maar een beperkte mate van heterogeniteit. Daarnaast nog individuele training. De start van elke sessie: het kringgesprek: kinderen vertellen wat ze afgelopen week hebben gedaan of mee gemaakt 2.com . Diversiteit is belangrijk: herkenning van problemen.2. Aanmeldingen kunnen via drie kanalen:  kinderen die de therapeut zelf in aanmerking vindt komen  via collega’s van het team waarin de therapeut werkt  verwezen worden vanaf andere instellingen Afstemmen oudertraining op groepstraining van het kind is erg belangrijk.2.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch   Videobanden Samenwerken in een groep 7.2 Socialevaardigheidstraining in een groep 7.2. maar ook leren hoe iets anders kan. Video-opnames worden gemaakt zodat kinderen kunnen terugzien wat hun vooruitgang is.2.5 Draaiboek Draaiboek bestaat bij ekle bijeenkomst uit vijf vaste onderdelen: 1. leerproblemen. Ouders en/of leerkracht moet betrokken zijn bij kindergroepstraining.2 Werving en intakeprocedure  Sociale Vaardigheidstraining (SOVA) heeft twee startmomenten: na de zomer en na de kerst. 7.1 Inleiding Kinderen 8-12jr die dagelijks problemen ondervinden in omgang met leeftijdgenoten. De groepsthermometer: groepsverrassing als alle kinderen stickervel vol hebben door middel van opdrachten waarmee ze naar de groep moeten komen 24 . aandachttrekkende kinderen (mengeling van beiden is goed)  Leeftijd (verschil is hooguit drie jaar)  Cognitieve niveau van een kind  Schoolachtergrond 7.Stuvia.

Stevig staan b. 4. 2. 6. Oplossingsgerichte vragen: 1. a. 3. 8. Klus bespreken voor de volgende keer: klussenblad meekrijgen. Wat is je beste vak op school? Waar ben je goed in? Met wie vind je het leuk om om te gaan? Wat zijn je hobby’s? Wat vind je lekker om te eten? Welke computerspelletjes speel je graag? Met wie kun je goed praten en luistert naar jou? Welke vrienden/vriendinnen heb je? Hoe is het je gelukt om deze te maken? Wat doen je ouders/leerkrachten om je te helpen? Wat wil je dat ze doen.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 3.6 Het sociaal functioneringsformulier Deel I: Vijftien vragen om de spanning bij het kind en de ouders t verlagen en de werkrelatie soepel op te bouwen. 4. Hoe wij denken. 12. 11.com . 10 = maximaal resultaat. algemene voorwaarden om specifieke vaardigheden uit te voeren. 15. De eerste twee stappen: V-R 5. Dan komt er een doe-opdracht voor de volgende keer. 9. 1 = geen resultaat. Deel III: leerpunten voor de groep. Op tienpuntsschaal aangeven in hoeverre ze denken/willen dat dat punt een doel is. uitgedaagd worden. dus beloon jezelf D: DOE je oefeningen. 2 nabijeenkomsten (1 mnd & 3 mnd). Leren een moeilijke situatie op te delen en te komen tot een stappenplan (probleem-oplossingsplan): a. 10. vragen stellen.3 Vrienden voor het leven Vrienden voor het leven: meest bewezen succesvolle en kosteneffectief programma tegen angst en depressie. etc). wat doen tegen pesters en plagers. Hierop staat waar de bijeenkomst over ging en wat er gedaan/geleerd is. 14. zoals spelletjes spelen. De vierde stap: E 7. ontspan I: IN jezelf denken E: EIGEN plan N: NETJES gedaan. 5. dat ze nu niet doen? Welk verschil zou dat maken tussen jullie? Wat zou je beste vriend(in) noemen waar je goed in bent? Wat vindt je moeder (vader. 7. ouders moeten aangeven hoe sterk het is door middel van bovenstaande schaal.Stuvia. De ander aankijken c. Wat is het probleem? 25 . etc) leuk aan jou? Waar zijn ze trots op? Welk dier lijkt het meeste op jou wanneer het goed met je gaat? Wat doet dat dier dan? Deel II: probleemgedrag inventariseren en werkdoelen SOVA-training te concretiseren: 0 = item levert geen problemen op ? = er is geen informatie bekend over dit item 1 = er is een licht probleem op dit gebied 2 = er is een ernstig probleem op dit gebied Zinnen met drie mogelijke antwoorden. Het werkgedeelte: in het begin oefenen standaardsituaties (zoals complimenteren. 5. Gevoelens en zelfwaardering 3. Kort en bondig leren vertellen Na oefenen beginnen met moeilijkere deel: invoegen in groep spelende kinderen. Onderlinge kennismaking en uitleg over de doelen en gedachtegang 2. bepaalt hoe we ons voelen en gedragen 4. 7. niet vergeten EN: EN rustig blijven Bijeenkomsten zijn als volgt opgebouwd: 1. 13.2. 7. nee zeggen. 10 wekelijkse bijeenkomsten. Korte en lange vragen stellen e. De derde stap: I 6. Afsluiting: ontspanningsmogelijkheid voor kinderen. Luid en duidelijk praten d. oplossingen bedenken voor problemen. Stappen: V: hoe VOEL ik me R: RELAX. leerkracht.

Negatieve groepscultuur wordt omgebogen naar een cultuur van elkaar helpen en rekingen met elkaar houden. Werkte het goed genoeg of moet ik terug naar stap 2? 8. hoe zou je jezelf zien als slachtoffer of overlever. k. h. Maak van het misbruik een puntje/stipje ergens in de cirkel. c. Wat kan ik er allemaal aan doen? c. i.5 Equip Voor delinquente jongeren in justitiële jeugdinrichtingen. Egocentrisme Anderen de schuld geven Goed praten Uitgaan van het ergste Negatief zelfbeeld hebben Geen rekening houden met jezelf Geen rekening houden met anderen Problemen met autoriteit hebben Snel beledigd zijn Anderen uitlokken Anderen misleiden Goedgelovig zijn Alcohol-en drugsproblemen hebben Stelen Liegen Baldadig zijn 3.1 De club van overlevers Voor overwinnen van seksueelmisbruik. Wederzijdse hulpbijeenkomsten: delen levensverhalen 5.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch b. 1.en pubergroepen 7. sociale vaardigheden en morele keuzesituaties. e.  Spiegeltje spiegeltje aan de wand: stel je voor hoe je over een maand zou willen leven. hoe los ik het op 3.  Tijdlijnoefening: lijn van geboorte tot dood. Introductiebijeenkomst: de vier denkfouten a. d. Eerst de vragen “waarom overkomt mij dit” daarna zoeken naar momenten waarop het goed ging. Cognitieve vaardigheidstraining: stop. Gebeurtenissen in de juiste kolom plaatsen. b. Laten zien dat het een moment was in een zee van miljoenen momenten. 10 = goede woedebeheersing)  waar zit je? 26 . c. en wat er dan anders was. Wederzijdse hulpbijeenkomsten: elkaar helpen bij opstellen individueel prestatieplan 6. a.Stuvia.  Cirkeloefening: cirkel met alle minuten van je leven. j.6.6. Welke gevolgen zou elke mogelijke oplossing hebben? d.com .2 De woedegroep Situaties waarin de woede het van mij wint vs situaties waarin ik het van de woede win. Dit doordat jongeren in bijeenkomsten over hun problemen praten en elkaar aanspreken op mogelijke denkfouten. en een kruisje zetten bij moment van mishandeling: “de bom”. 7. Socialevaardigheidstraining: samen denken en doen 2. g. b. Schaal van 1 – 10 om woedebeheersing aan te geven (1 = totaal niet. 7. Voer de beste oplossing uit f. d. 7. Kies de beste oplossing e. Hoe afstand creeëren van de bom. De zesde en zevende stap: D-EN 10. met welke beschrijving bereik je je doel. l. Training in het omgaan met kwaadheid.4 Groepen voor kinderen met ontwikkelingsproblematiek Behandelend Trainen van van Rijn en Vermeyden bespreekt drie vaardigheidstrainingen toegespits op kinderen met PDD-NOS of ADHD (8-13jr): 1. Introductiebijeenkomst: achtergrond en afspraken 2. t/m 10. 7. De vijfde stap: N 9. Helpen inzien dat het geleerde bruikbaar is in het echte elven en afsluiten met een feestje. Agressieregulatietraining: hoe word ik boos Bevat ook ouderbijeenkomsten en ondersteuningsbrieven (voorafgaand en na kindergroepen). Introductiebijeenkomst: de twaal probleemnamen 4.6 Oplossingsgerichte kinder. f.

volwassenen zijn oneerlijk.1 Life space crisis intervention Life space: een grotere nabijheid tot de natuurlijke omgeving dan gebruikelijk bij klinische interviews. en langzaam op zoek gaan naar positieve punten in het leven. Gebaseerd op oplossingsgerichte methode. 4. Nieuwe vaardigheden: leer de benodigde nieuwe vaardigheden 6. 9.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 7. CD). anonieme. 10 = goede reputatie). LSCI: geschikt voor kinderen 6-20jr die lichtgeraakt zijn. de betrokkene een begrepen en gerespecteerd gevoel geven. Voor kinderen van 12-23jr. Crisis: verminder emoties door gevoelens van jongere te erkennen 2. Rode vlag: help jongeren inzien dat zijn boosheid op de verkeerde manier geuit wordt met ongewenst resultaat Werkelijkheidsconfrontatie: organiseer de werkelijkheid cq tijdlijn zo dat de schuldgevende jongere ziet hoe hij zijn probleem vergroot Symptoomvervreemding: maak het pestpatroon ongemakkelijk voor de pester die plezier haalt uit andersmans pijn. Basis is integratei van psychoginamische principes. situatie bekijken vanaf kant betrokkene.6. waar professionele mensen achter de chat zitten. b. Transfer: bereid de jongere voor op terugkeer in del eefsituatie 9. Ongepaste gedrag windt de volwassene op. Richt zich op het gebrek aan zelfcontrole van delinquente en agressieve kinderen en jeugdigen. Vooral voor depressief. Negatieve reacties volwassene verhogen stress jongere en doen conflict escaleren tot vruchteloze machtsstrijd. die maken dat hij gaat schreeuwen. Inzicht en doel: help de jongere zijn niet-werkende patroon te herkennen en veranderen 5.com . Waarden: geef de impulsieve jongere die zich achteraf schuldig voelt waarden om zijn zelfcontrole te vergroten. Ideeën triggeren zijn gevoelens. die zijn gevoelens overneemt en zijn gedrag gaat speigelen door terug te schreeuwen of dreigen. f. ontwikkelinstheorie en principes uit sociale leertheorie en cognitieve gedragstherapie. ze bieden kostenloze. 4. c. hun emoties in stressvolle situaties niet kunnen beheersen en bij wie sprake is van gedragsstoornissen (ADHD. ODD. Gereedschappen: leer sociale vaardigheden aan jongeren die de juiste houding en doelen hebben.Stuvia. Subdoelen: versterken motivatei voor gedragsverandering en vergroten van vertrouwen in volwassenen en zichzelf. 3. dreigen en weigert te praten. Hoofdstuk 9 Week 4 9. maar verkeerd gedrag. Stadia LSCI: 1. Stressvol incident vindt plaats dat irrationele ideeën van jongere activeert (ik maak nooit iets goeds mee. angstig of gespannen. laagdrempelige professionele hulp.3 Suïcide-interview In interview jeugdige met zelfmoordneigingen het verhaal laten vertellen. etc). Hoe zou je willen dat het voor jou op school was? Schaal 1 – 10 voor reputatie op school (1 = hele slechte reputatie. zodat zij je anders kunnen gaan zien. Crisistrainingsprogramma’s richten zich op veiligheid van de stafleden ipv crisis gebruiken om betrokkene inzicht en verantwoordelijkheid bij te brengen. 2. e. Bepaal het centrale onderwerp en kies de juiste LSCI-strategie: a.2 PratenOnline Praten helpt. Het is een online hulpprogramma. Manipulatie: verduidelijk de exploitatie voor de jongere die zhc door anderen laat manipuleren. Hoofddoel: leren alternatieven voor zelfvernietigend denkpatroon en vaardigheden bijbrengen om eigen gedrag effectief en bevredigend te reguleren. Conflictcirkel volgens LSCI: 1. Als de therapeut argumenten gaat 27 . LSCI maakt mogelijke explosieve situatie onschadelijk: stoom afblazen. Tijdlijn: ontdek wat er achteeenvolgens gebeurde vanuit zijn gezichtspunt 3. En die positieve aspecten benadrukken.3 De schoolgroep Praten over hoe je respect ka nrkijgen voor bepaalde mensen op school. d.

The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch geven om in leven te blijven. gaat de jongere argumenten geven voor de dood. 367 in het boek) Over de prevalentie zijn veel verschillende getallen gepubliceerd. Dit komt voornamelijk tot uiting door geïrriteerd gedrag. bestaande uit drie factoren: temperament. in een tijd waarin steeds veel meer gescheiden en alleenstaande ouders bestaan is het niet altijd gemakkelijk deze kindertijd zonder problemen door te komen. verveling. Maar als de therapeut worstcase-vragen gaat stellen. hulpeloos en ontmoedigt. omdat de symptomen ervan veel op elkaar en andere stoornissen als ADHD en CD lijken. hoe ernstiger de depressie. Een negatief zelfbeeld komt maar liefst bij 97% van de depressieve kinderen voor. gaat de jongere zelf redenen geven om door te gaan. Bij kinderen zijn de meest voorkomende symptomen:  verandering in eetlust of gewicht  slapeloosheid of teveel slaap  psychomotorische onrustigheid of achteruitgang  verlies van interesse of plezier in de normale activiteiten  verlies van energie  gevoelens van waardeloosheid/ overmatige of ongepaste schuldgevoelens  problemen met concentratie  herhaaldelijke gedachten over de dood Depressie komt vaak voor in combinatie met externaliserende problemen. Daarnaast hebben ze vaak een zeer negatief beeld van zichzelf en voelen ze zich hierdoor hopeloos. Ook is het aantal meisjes dat hiermee te maken krijgt bijna dubbel zo groot als het aantal jongens.com . wat vervolgens weer leidt tot een positieve sociaal-emotionele aanpassing. Bij optimale condities heeft het kind een gelijkmatig temperament. zijn de ouders responsief en sensitief naar de behoeften van het kind en zijn er geen grote stressfactoren binnen het gezin aanwezig tijdens de jonge jaren van het kind. Motivatie: kinderen met een depressie hebben vaak de neiging zich sociaal terug te trekken en kunnen ideeën krijgen over zelfmoord. In dit hoofdstuk komen de internaliserende problemen aan bod. nader onderzoek zal hier meer informatie over moeten geven. Characteristics and Symptoms Emotioneel: bij jonge mensen gaat het hierbij vooral om het verlies aan interesse voor activiteiten. A Developmental Framework for Internalizing Disorders Rubin en Mills (1991) maakte een model over de ontwikkeling van internaliserende problemen. Depression Definition and prevalence Depressie wordt gedefinieerd als ‘een syndroom waarbij abnormaal teneergeslagen buien aanhoudend (persistent over tijd) voorkomen en die interfereren met het dagelijks functioneren’. wat bij zich bij volwassenen voornamelijk uit in gevoelens van bedroefdheid. Wel is duidelijk dat het aantal kinderen met depressie sterk stijgt van vroege adolescentie tot het middelpunt van de adolescentie. Topic 7 Week 4 Orientation and overview De kindertijd hoort een vrolijke en zorgenloze periode te zijn van het menselijk leven. 28 .Stuvia. Het is daarom soms moeilijk te onderscheiden of het geïrriteerde gedrag wordt veroorzaakt door depressie of een externaliserende stoornis. Echter. irritatie en frustatie. een eerder vaak ondergewaardeerd gebied in vergelijking met externaliserende problematiek. Depressie en angststoornissen zijn het meest voorkomend op het gebied van internaliserende problemen. Dit leidt tot een goede hechting. (zie tabel blz. Hoe meer en hoe vaker/langer verschillende gevoelens iemand ervaart. Daarnaast is het moeilijk de verschillende soorten depressies te onderscheiden bij kinderen. ervaringen wat betreft de socialisatie van het kind (ouder-kind interactie) en omgevingsfactoren die het gezin beïnvloeden. Cognitief: depressieve kinderen hebben vaak moeite zich te concentreren en letten minder goed op op school. De symptomen bij volwassenen en kinderen verschillen enigszins.

Erfelijkheid blijkt namelijk een grote rol te spelen in de ontwikkeling van depressie bij deze doelgroep. Deze blokkeren de heropname van de neurotransmitter serotonine in de hersenen. ontspanningstherapie en sociale vaardigheden. de causale relatie van dit model is echter nog niet vastgesteld. Schoolgebaseerde interventies. omdat het individu passiever wordt binnen relaties wat kan resulteren in een dysforische staat. ook kan de depressie hierdoor ernstiger zijn. De kans is dan groot dat er binnen de vijf jaar daarna nog een periode zal komen waarin depressie voorkomt. Biopshysical Model: Binnen dit model komen theorieën aan bod betreft biochemie en erfelijkheid. De meest voorkomende bijwerkingen bij de medicatie zijn misselijkheid. cognitieve herstructurering. Bij volwassenen met een milde depressie is gebleken dat deze therapie beter helpt dan welke andere therapie dan ook (ook medicatie). Intervention and Treatment Psychotherapie versus medicatie. Cognitive Models: Seligman formuleerde een causale theorie met betrekking tot depressie op basis van concepten van geleerde hulpeloosheid en toeschrijvingen. een negatieve ervaring van de omgeving en het zien van een hopeloze toekomst. Dit betekent dat het individu eerst negatieve gedachten krijgt over zichzelf. Related disorders + Etiology and development Voorkomende problemen naast het bestaan van depressie zijn CD. dit heeft invloed op de ernst van de depressie. Dit alles leidt tot onderzelfwaardering. Dit betekent namelijk tevens dat het individu moeite heeft met de vaardigheden sociale interacties uit te lokken.com . Dit zijn vaak twee types interventies: gefocust op het individuele kind of interventies die verschillende groepstechnieken gebruiken. In beide gevallen wordt er zowel counseling gegeven als aandacht besteed aan het aanleren van oplossingsstrategieën. nervositeit en slapeloosheid.Stuvia. waarbij depressie niet erfelijk is. de kans op depressie is groter wanneer een ouder hier ook mee te kampen heeft gehad. Onderzoek heeft laten zien dat de relatie tussen dit model en depressie bestaat. Wanneer het echter gaat om een ernstigere vorm van depressie wordt verwezen naar medicatie. Het gaat daarbij om toeschrijven van hulpeloosheid aan zichzelf (chronisch). Depressie zou ontstaan doordat het individu incorrect reageert op oncontroleerbare gevolgen. Over psychotherapie bij mensen bij depressie zijn de meningen nog verdeeld. Deze laatste factor is voornamelijk van belang bij onderzoek over depressie bij kinderen. Voor kinderen met een milde depressie. Angststoornissen 29 . zoals vriendschappen door blijven zitten of opname. dit geldt vooral wanneer het kind voor zijn/haar pubertijd al in aanraking komt met depressie. hoofdpijn. Een tweede cognitief model komt van Beck en is gebaseerd op drie gerelateerde concepten: cognitieve triade. geldt dit ook. eetproblemen. De meest gebruikte medicatie bij depressie en gerelateerde stoornissen zijn SSRI’s. waarna deze gedachten stabieler worden (schemata’s) en vervolgens schrijft het individu zich onrechtmatig nieuwe negatieve schema’s toe.  een eerste depressie geeft aan dat er meerdere depressieve periodes kunnen komen. de wereld en de omgeving. Behavioral Model: Binnen dit model wordt gezegd dat depressie ontstaat wanneer een individu er niet in slaagt positieve bekrachtiging te krijgen binnen sociale interacties.  de leeftijd waarop de depressie is ontstaan. Comprehensive Model: Uit onderzoek is gebleken dat de bovenstaande modellen het best samen kunnen worden genomen voor de behandeling. Factoren die een rol spelen in het ontstaan van depressie zijn de volgende:  familiegeschiedenis. Dit heeft een mogelijke causale relatie met depressie. Wanneer een jong kind te maken krijgt met depressie moet hij/zij vaak veel opgeven. middelengebruik en angststoornissen. negatieve schemata’s en cognitieve verdraaiing. Bij kinderen zou volgens onderzoek alleen de opname van fluoxetine (Prozac) iets opleveren. Ook problemen bij het slapen en eten zijn veel voorkomend. buikpijn en andere pijnen. Deze is hieronder beschreven.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Lichamelijk: deze meest gemakkelijk te observeren symptomen bestaan veelal uit chronische vermoeidheid. Dit sluit echter niet uit dat de omgeving hier ook van belang bij is. hoofdpijn.

Neurobiologische theorie: Eysenck stelt dat ieder individu een eigen niveau van corticale arousement heeft en een eigen reactiviteit van zijn autonome zenuwstelsel. De theorieën die zich bezighouden met de verklaring van angsstoornissen zijn de neurobiologische theorie. Prevalentie De prevalentie van angsstoornissen onder jongeren is onderzocht en de resultaten verschilden afhankelijk van de groep waaruit de steekproef genomen is. geisoleerde. Posttraumatische stresstoornis: kan tot stand komen door een enkele traumatische gebeurtenis of na een trauma wat zich in een periode steeds herhaalt zoals bv psychisch of sexueel misbruik. En angst is een resultaat van de interactie tussen deze beide dingen. 30 . Behavioristische en cognitieve theorieën: Volgens de operante conditionering wordt gedrag gevormd door positieve respons op het gedrag. Omgevingsfactoren hebben ook invloed: door angstige kinderen en adolescenten worden vaker negatieve life-events gerapporteerd. specifieke fobie en scheidingsangst. Etiologie van angstig gedrag Men weet niet precies wat angststoornissen veroorzaakt. Één of meer cognitieve errors zijn verantwoordelijk voor deze onrealistische percepties:  Overschatting van de waarschijnlijkheid van het zich voordoen van een event waarvoor men bang is  Overschatting van de ernst van het event waarvoor men bang is. doelgerichte gedragingen en rituelen). gegeneraliseerde angststoornis: overmatige angst die niet op een specifiek object of situatie gericht is en die ook niet te verklaren valt door een recente gebeurtenis. Obsessief-complusieve stoornis: worden gekarakteriseerd door obsessies ( aanhoudende gedachten die als opdringerig en nutteloos worden ervaren) en compulsies (zich herhalende.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Net als met depressie wordt angst bij kinderen pas recent gezien als een klinisch syndroom dat behandeling behoeft. (coping resources)  Onderschatting van wat anderen er aan kunnen doen. Sommige onderzoekers denken dat een conditionering door stress in de omgeving een oorzaak is voor angststoornissen. De meest voorkomende stoornissen zijn gegeneraliseerde angststoornis. (redding factoren). angst.Stuvia. Beck heeft een model ontwikkeld dat pathologische angst van onrealistische percepties van gevaar verklaart. Over het algemeen wordt angst bij kinderen als normaal en van voorbijgaande aard beschouwt. Kenmerken zijn slapeloosheid. Ook sociaal leren heeft invloed. terwijl studies waarbij gegevens van community based onderzoek een lagere prevalentie opleverden. Definitie en prevalentie Angst kan gedefinieerd worden als een aversieve of onplezierige staat waarbij een subjectieve beoordeling en een psychologische opwinding van een diffuse soort zijn betrokken. Dus als een kind bang is en het dan veel sympathie krijgt of de taak niet uit hoeft te voeren. Paniekstoornis: discrete paniekaanvallen die onverwachts optreden en gekenmerkt worden door somatische en psychosomatische symptomen. gedragstheorie en cognitieve theorie. Uit veel studies blijkt dat angsstoornissen meer bij meisjes dan bij jongens voorkomt. De belangrijkste kenmerken van de stoornissen die worden besproken zijn: Scheidingsangst: overmatige angst om van ouders of andere personen waaraan men gehecht is te scheiden Angst en specifieke fobieën: specifieke. Bij groepen die klinisch doorverwezen waren is de prevalentie voor angststoornissen hoog. Wanneer een kind bv een ander kind gebeten ziet worden door een hond kan dit kind een excessieve angst voor honden ontwikkelen. waardoor het de aandacht van professionals nodig heeft. aanhoudende angst voor een bepaalde stimulus. maar onderzoek heeft uitgewezen dat genetischeen omgevingsfactoren een rol spelen. Genetische en omgevingsstressoren Kinderen van ouders met angsstoornissen hebben vaker zelf last van een angststoornis. nachtmerries en flashbacks.  Onderschatting van wat men er aan kan doen. zich niet goed kunnen concentreren. maar het kan intens en aanhoudend zijn.com . Angst wordt vaak gekarakteriseerd als een staat of een karaktertrek. dan zal het kind dit gedrag vaker vertonen.

cogitieve gedragstherapie en gezins angst management. hoger ses en in de pubertijd). omgevings en cognitieve factoren ook een rol spelen. Degenen met scheidingsangst (meestal meisjes. leert men ermee om te gaan. ontspanningstraining.Stuvia. (voor veelvoorkomende fobieen lees tabel 9. 3. 386) Interventie Bij de behandeling wordt gebruik gemaakt van systematische desensibilisatie. Interventie Bij behandeling wordt gebruik gemaakt van desensibilisatie. De duur van de angst (meer dan 2 jaar) en de intensiteit spelen een rol bij het onderscheid maken tussen gewone angst en angst die klinische aandacht nodig heeft. lichamelijke activiteiten. Angsten en specifieke fobieen Karakteristieken De hoofdcomponent is dat er sprake is van een specifieke en aanhoudende angst voor een bepaalde stimulus. Het leren van ontspanningstechnieken. Angst is een onderdeel van de normale ontwikkeling van kinderen en kunnen dus van tijdelijke aard zijn en een doel hebben.com . School-gerelateerde angsten en fobieen Karakteristieken Wanneer angsten intens. rollenspel. Interventie Bij de behandeling wordt gebruik gemaakt van modeling. het veranderen van weer en dieren op weg naar school. 1 Het maken van een hierarchie van de angsten. Conclusie: Ondanks dat conditioneringsprincipes bijdragen aan het ontwikkelen van angsten en fobieen. Het koppelen van het ontspannen zijn aan de angsten in die hierarchie. Het verschil kun je zien door te letten van het aanwezig zijn van een stimulus die angst veroorzaakt of het verband houden met een persoon waaraan het kind gehecht is. Hier moet echter nog meer onderzoek naar worden gedaan.8 op blz. chronisch en het functioneren belemmeren is dat een probleem en kinderen die in een educatieve setting angst ervaren lopen het risico op een academische en sociale achterstand. waarbij het kind ouders is dan de leeftijd waarop dit nog als normaal gezien wordt. Schoolfobie Karakteristieken 31 . het doen van toetsen (meest voorkomend). voor pubertijd) en degenen met schoolfobie (meestal jongens. luide geluiden. cognitieve gedragstherapie ism met modeling. Hierdoor kan men steeds aan een engere denken en toch ontspannen blijven.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Deze percepties van gevaar worden omgezet in een ‘angst programma’ en cognitieve gedragstherapie kan gebruikt worden om dit weer te veranderen. cognitieve gedragstherapie en ontspanningstraining. geloven onderzoekers ook dat genetische-. Systematische desensibilisatie heeft 3 stappen. Het verschilt van andere angsstoornissen aangezien de angst alleen op de scheiding gericht is en het verschilt van schoolfobie omdat het om alle scheidingsmomenten gaat. Vaak begint het rond de leeftijd van 9 jaar en er zijn meer kinderen dan adolescenten die gediagnosticeerd worden. Schoolfobie vs scheidingsangst In angst op school bestaan twee groepen. 2. Dit gaat samen met een actieve vermijding van deze stimulus. lager ses. Door ontspannen te zijn wanneer men aan de minst enge denkt. Schoolgerelateerde angsten kunnen zijn”: spreken voor publek. toiletten. Scheidingsangst Karakteristieken Het hoofdonderdeel van deze stoornis is het hebben van overmatige angst om van ouders of andere personen waaraan men gehecht is te scheiden. (Voor uitleg van de behandelingen lees blz 385). Verder is er sprake van onrealistische bezorgheid en een aanhoudende nerveuze staat. exposure en ontspanningstraining.

Vergeleken met scheidingsangst is de gegeneraliseerde angstoornis zwaarder. Somatische klachten komen veel voor en uiten zich vooral ’s ochtends voordat het kind naar school moet gaan. De meest voorkomende obsessies zijn angst voor besmetting. Obsessief-complusieve stoornis Karakteristieken Deze stoornis wordt gekarakteriseerd door obsessies ( aanhoudende gedachten die als opdringerig en nutteloos worden ervaren) en compulsies (zich herhalende. nachtmerries. Uit een onderzoek is gebleken dat het beste resultaat bereikt wordt wanneer voor elk kind individueel bekeken wordt wat de beste aanpak voor diegene is. aangezien zij nog niet de vaardigheden hiervoor hebben. Dit werd vroeger gedaan maar men weet nog niet of dit daadwerkelijk helpt. Kinderen denken vaak dat zij zichzelf en anderen beschermen door dit te doen. Toekomstig onderzoek moet uitwijzen of dit een interventie kan zijn. Interventie Farmacologisch en cognitieve gedragstherapie Men is bezorgd dat kinderen te jong zijn om aan cognitieve gedragstherapie deel te nemen. slechte concentratie. vermijding en lusteloosheid. gewelddadige gedachten en somatische klachten.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Het hoofdkenmerk is dat het kind weigert om naar school te gaan en gaat samen met angst wanneer het aan school denkt. De operante theorie stelt dat het thuisblijven van school zowel een positieve als negatieve bekrachtiging oplevert voor het kind (bv tv kijken en aandacht van ouders (positief) weg mogen blijven uit de klas (negatief) ) Interventie De interventies vallen in 2 categorieen. Het wordt door zowel de klassieke conditionering als door de operant conditioneringtheorie verklaard. flashbacks. duurt langer en er is minder kans op herstel. De helft van de volwassen met deze stoornis rapporteert het begin ervan in de kindheid of adolescentie. modeling. Symptomen bij kinderen zijn: slapeloosheid. Deze gebeurtenissen moeten buiten de normale ervaringen voor een mens vallen (bv mishandeling of misbruik. angst. dingen controleren. De klassieke conditionering zegt dat de angst ontstaat door een geconditioneerde respons op een stimulus op school of het scheiden van een ouder. Farmacologisch: Antidepressiva. 32 . gezins angstmanagement. Kinderen met deze angststoornis zijn over het algemeen ouder dan kinderen met scheidingsangst.com . Bij misbruik is er een verband tussen hoe dicht de dader bij het slachtoffer staat tov het ontwikkelen van ptst. Interventie Cognitieve gdragstherapie. Behavioristisch en farmacologisch.Stuvia. De meest voorkomende compulsies zijn wassen en schoonmaken. (functionele aanpak) Gegeneraliseerde angststoornis Karakteristieken De hoofdcomponent is een overmatige angst die niet op een specifiek object of situatie gericht is en die ook niet te verklaren valt door een recente gebeurtenis. ordenen en herhalen. doelgerichte gedragingen en rituelen). Posttraumatische stressstoornis Karakteristieken De hoofdcomponent is aanhoudende angstsymptomen en inbreukmakende flashbacks van een eenmalig traumatische gebeurtenis of herhaalde traumatische gebeurtenissen. Behavioristisch: klassiek conditioneren (systematische desensibilisering en flooding). angst om zichzelf of iemand anders iets aan te doen. Ook sociaal leren (modeling) en cognitieve gedragstherapie wordt gebruikt maar vooral in samenwerking met een andere therapie. Interventie Een cognitieve gedragstherapie ism met blootstelling aan de herinnering van het trauma. blootstelling en ontspannings-therapie. operant conditioneren. Onrealistische bezorgdheid voor de toekomst is een veelvoorkomende angst. (narrative exposure). getuige zijn van geweld).

impulsiviteit en hyperactiviteit.Stuvia. Attention-Deficit Hyperactivity Disorder (ADHD) Prevalentie ADHD wordt gekenmerkt door aandachtstekort. Het type met hyperactiviteid/gecombineert wordt verklaard door behavioral disinhibition. Comorbiditeit Bij kinderen en adolescenten met angststoornissen is er vaak sprake van meerdere angststoornissen en ook van een comorbiditeit met stoornissen zoals depressie (meestvoorkomend). waarbij een reële schatting ligt op 3-5%. De leeftijd waarop het begin zich voordoet ligt tussen de 15 en 19. Er zijn nog geen causale verbanden bewezen tussen deze comorbiditeit. maar hier zijn wel vaak beperkingen in. alcoholmisbruik en conduct disorder. waarbij afleidbaarheid. Deze gedragingen worden vaak geassocieerd met hyperactiviteit en conduct disorders. Hieronder enkele subgebieden Attending: Bij ADHD is er problemen in het selectieve en (sustained) continue aandacht. Characteristics and symptoms Er is geen criteria voor het schoolsfunctioneren. Wanneer een kind zowel een angststoornis als een depressie heeft zijn de symptomen bij beide stoornissen ernstiger dan wanneer het kind slechts één van deze stoornissen heeft. onverantwoordelijkheid en onnauwkeurigheid als gevolg kunnen optreden. Deze kinderen hebben vaak autoriteitsconflicten. De symptomen zijn niet passend bij ontwikkelingsfase van kind en enkele moeten al zichtbaar zijn voor het 7e jaar. Topic 8 Week 4 Introductie Het gedrag van kinderen met conduct disorders varieert van zorgelijk acting-out gedrag tot antisociaal en wetsovertredend gedrag. namelijk 6:1 in klinische settings en 3:1 in de maatschappij. Farmacologische therapie en cognitieve gedragstherapie wordt bij volwassenen ingezet. ADHD komt vaker voor bij jongens. Op blz 395 staat een tabel waar alle stoornissen en de mogelijke behandeling in staan.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Paniekstoornis karakteristieken Discrete paniekaanvallen die onverwachts optreden en gekenmerkt worden door somatische en psychosomatische symptomen. De prevalentie wordt geschat op 20%. waarbij de symptomen voor langer dan 6 mnd voorkomen en een significant disfunctioneren in tenminste 2 settings veroorzaakt. Afleiding kan een externe of interne oorzaak hebben. Voor de DSM-IV diagnose moet er aan 6 criteria voor aandachtstekort of 6 voor hyperactiviteit/impulsiviteit worden voldaan. Interventie Er is weinig informatie over de behandeling voor kinderen. namelijk het aandachtstekorttype. Men is er nog niet uit of kinderen ook deze stoornis kunnen hebben. gedachten en emotie). Bij het diagnosticeren van ADHD is het belangrijk om meerdere informanten/settings te gebruiken en te controleren voor co-morbide stoornissen. Slechte schoolresultaten zijn te wijden aan onderprestatie door een 33 . Het hebben van familie met een paniekstoornis is een risicofactor voor het krijgen ervan.com . het hyperactief-impulsieve type en het gecombineerde type. wat verklaard wordt door problemen in de executive functies (zelfreguleren van gedrag. die zich spontaan of onverwacht voordoen en zich kenmerken door intense angst of onbehagen. Dit gedrag vindt in meerdere settings plaats en valt vooral op tijdens activiteiten waarbij aandacht/concentratie nodig is. Er worden drie subtypen onderscheiden.

Vervolgens worden enkele specifieke gedragingen geselecteerd en nauwkeuriger gescoord op frequentie en situatie van voorkomen. niet op je beurt kunnen wachten enz). 3) observeer wanneer het wel/niet voordoet. Tevens is er vaak sprake van een co-morbide stoornis. 34 . Hoff en collega’s (2002) stellen voor assessment: 1) zoek wat de grootste zorg is van de omgeving. 3) observaties en scoring van gedrag. Toch zit 43-47% van deze kinderen in een klas voor EBD problematiek.com . Hyperactiviteit: Vaak is er sprake van verhoogde motor hyperactivity. Er worden ook onderzoeken op cognitief/neurologisch gebied uitgevoerd (bv. bv bij geliefde activiteiten. ADHD is geen speciale onderwijsgroep gezien het feit dat deze niet aan de IDEA criteria voldoen en geen intensieve begeleiding nodig hebben.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch gebrek aan intrinsieke controle. Etiology: environmental agents Hierbij wordt gedacht aan giftige stoffen en allergieën voor voedsel. Dit leidt tot problemen zowel op school als thuis. Etiology: Brain-related factors Het meeste onderzoek is gedaan naar hersenstructuren. Het is onduidelijk wat de oorzaak daar van is. Tevens worden aandacht in impulsiviteit vaak beïnvloed door omgevingsfactoren (bv. situatie en duur. alertness en motor activity). maar vooral ook binnen interpersoonlijke relaties (onderbreken. op generieke taken. Ook is er een mogelijkheid dat zij niet goed in staat zijn om aangepaste reacties uit te voeren. 5) zoek unieke aspecten van de casus en kijk welke docent/kind/ouder variabelen de behandeling beïnvloeden. Social interaction: Er blijkt sprake te zijn van problemen in de sociale vaardigheden. Het is van belang oog te hebben op de ontwikkelingsgeschiedenis omdat veel factoren (laag geboortegewicht. EEG). Etiology De etiologie van ADHD wordt bekeken vanuit 1) hersenfactoren en genetische factoren. Bij klein percentage van hyperactieve kinderen is er duidelijk neurologische schade zichtbaar. alcoholisme en opvoedingsvaardigheden (mogelijk ook gevolg van ADHD ipv oorzaak). Tot slot bepaalde familie variabelen (erfelijkheid 70%) vb: familiair antisociaal gedrag. Mogelijk lijdt loodvergiftiging tot hyperactiviteit (25-35%). IQ meting. Een typisch feit is echter dat soms de aandacht wel goed is. 4) zoek uit wat de functie van het gedrag is inclusief adequaat gedrag. Deze kan dan een checklist over het zichtbare gedrag invullen. vooral die waarvoor repeteren en aandacht nodig zijn. familiegeschiedenis van leerproblemen) hiervan zeer vaak samengaan met ADHD. groepsgrootte).Stuvia. Op hersengebied lijken ten eerste vooral verstoringen te zijn binnen neurotransmitters (bv. niet-meewerkend gedrag en altijd in discussie gaan. Tot slot kunnen medische problemen (waaronder tijdens de zwangerschap) van invloed zijn op het ontstaan van hyperactiviteit. Kinderen met ADHD hebben niet noodzakelijker wijs speciaal onderwijs nodig. Er wordt om getwist of ADHD nu een stoornis is of gewoon het uiterste punt op een glijdende schaal waarbij dit gedrag maatschappelijk wordt afgekeurd. namelijk 1) ontwikkelingsgeschiedenis. Voor suikers en kleurstoffen bestaat geen bewijs dat deze hyperactiviteit veroorzaken. Ten vierde verminderd volume bepaalde hersendelen. omgang met leeftijdsgenoten. Het is hiernaast belangrijk om gegevens van de docent te verkrijgen aangezien deze het kind vaak ziet op momenten waarbij concentratie en stilzitten gevraagd wordt. Ten tweede verminderde activiteit in de voorste kwabben (hypofrontality). Academic performance: Schoolproblemen zijn het onderpresteren gezien het verstandelijk niveau. 2) klinische onderzoeken. Impulsivity: Doen zonder eerst te denken. Ten derde is er mogelijk een vertraagde ontwikkeling van de voorste kwabben (welke aandacht en concentratie reguleren). 2) omgevingsfactoren. waarschijnlijk door de disinhibitie (intentional motor inhibition). aangezien er vaak sprake is van een subjectieve beoordeling van gedrag. 2) defineer specifiek gedrag en beoordeel frequentie. Voorheen werd ADHD ‘minimal brain injury’ genoemd. waarbij school en thuis. Assessment procedures Er worden drie types assessment gedaan. dopamine: beïnvloedt aroual. Het is zeer lastig om ADHD te diagnosticeren. Wel wordt er veronderstelt een negative attributional bias te bestaan waarbij kinderen met ADHD sneller geneigd zijn onschuldige signalen als vijandig op te vatten. Hierbij is diagnosticeren tot slot ook nog lastig omdat de symptomen en manifestatie per individu verschillend zijn.

waarvan de meeste na een paar weken verdwijnen. Tevens kan een kind psychologisch afhankelijk raken van medicatie en denken zichzelf niet te kunnen controleren wanneer de medicatie is vergeten. vermindering van de impulsiviteit en het vergroten van juist gedrag in de klas.2 voor een voorbeeld – blz. hierover zijn echter geen betrouwbare onderzoeksgegevens bekend. Over leerproblemen (80%) is echter niet duidelijk of deze een zelfde oorzaak hebben of het gevolg zijn van ADHD. zonder af te hangen van constante feedback van de leerkracht. Combination of Treatments De meest voorkomende combinatie is het gebruik van stimulante medicatie met een vorm van gedragsmanagement. De effectiviteit is bewezen voor programma’s die gebruik maken van positeve bekrachtiging en procedures om gedrag te verminderen. De voornaamste is Methylphenidate (Ritalin). de leerkracht te ondersteunen en versterken in zijn gedragsmanagement en instructievaardigheden (zie box 10. Tegenwoordig zijn er ook skinpatches voor personen die niet therapietrouw zijn. Om leekrachten te motiveren is het behavioral consultation. ontwikkeld. De leraar kan de kinderen helpen effectiever te funtioneren door meer duidelijkheid en orde in de omgeving aan te brengen. Intervention and treatment Bij behandeling kan worden gedacht aan medicatie. Een laatste zorg is dat het gewend zijn aan medicatiegebruik de kans op drugsmisbruik vergroot. Een lagere dosis is echter vaak niet voldoende om het gedrag te controleren. Wat betreft de conduct disorders is er een relatie tussen ADHD en verbale/fysieke agressie. Een gevolg hiervan is dat het academisch functioneren wordt bevorderd. De resultaten over de toegevoegde waarde van een combinatie van behandelingen is wisselend. en vooral beter dan enkel psychosociale behandeling. Tot op heden zijn de werkzame mechanismen van medicatie nog onduidelijk. Er is bijvoorbeeld nog geen toestemming om kinderen onder de 5 jaar Ritalin voor te schrijven omdat dit mogelijk kan leiden tot abnormale hersenontwikkeling. het is niet duidelijk of deze stoornissen een gezamelijke oorzakelijke factor hebben of dat het een het andere veroorzaakt. gedragsmanagement en cognitieve-gedrags therapieën Medicatie Medicatie vindt plaats in de vorm van stimulantia. Verder hebben kinderen met ADHD structuur en routine nodig. Dit kan het gevolg zijn van verminderde zelfcontrole.Stuvia. zelf-monitoring en probleemoplossing. Medicatie heeft uiteraard bijwerkingen. vaardigheidstraining of een cognitieve gedragstechniek. Tot slot zijn er ook nog andere redenen om terughoudend te zijn met medicatie. Ook hierbij. Dit kan komen door het verlies van interesse door de leerkracht om het programma voort te zetten. welke de symptomen verminderen bij 70% (1990) tot zelfs 75-90% (2002). Desondanks wordt het in de praktijk vaak gedaan. Uit onderzoek bleek dat medicatie alléén. Dit is een interventiemodel om naast het verbeteren van het gedrag van de leerling. Behavior Management Strategies Veel gedragsstrategiën zijn effectief in de behandeling van ADHD. Stimulantia hebben korte termijn effecten zoals continue aandacht. inadequaatheden in het programma design en/of de gewenning van de bekrachtigers door de kinderen. Een hogere dosis vergroot het classroom behavior maar verkleint het leerpotentieel. 35 . beter werkt dan een combinatie van psychosociale hulpverlening met medicatie. 303). Met strikte criteria voor de diagnose van leerproblemen heeft nog maar 10-20% van de kinderen met ADHD deze.com . Tot slot heeft 30-50% van de kinderen met ADHD een bijkomende angst of stemmingsstoornis. Het doel van een dergelijk systeem is om het kind er in te trainen uiteindelijk zijn eigen gedrag te monitoren en bekrachtignen. Deze technieken worden vaak niet gegeneraliseerd naar andere situaties en verdwijnen over de tijd.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Related conditons Vooral conduct disorders en leerproblemen zijn geassocieerd met ADHD. Echter blijken de effecten te verschillen per dosis en per ‘target’ gedrag. Hoewel veel programma’s oorspronkelijk effect laten zien worden deze niet altijd behouden. Cognitive-Behavioral Interventions Deze interventies zijn gebaseerd op een combinatie van zelfspraak. Bij kinderen met ADHD worden deze technieken vaak gebruikt om de aandacht te laten toenemen en de impulsiviteit te laten afnemen.

De leerkracht kan het leeftijdsongepaste gedrag als eerste signaleren. Ze zijn niet zich niet bewust van en hebben een klein besef van goed en fout. Openlijk: agressief gedrag en anderen tot slachtoffer maken (vechten) 3. In verschillende contexten worden verschillende namen voor de stoornis gebruikt waaronder conduct disorder. checklists invullen.com . Ook worden leerkrachten veel betrokken bij de behandeling van kinderen met ADHD. treffend en onmiddelijk zijn  Respons cost bekrachtigingssystemen zijn bijzonder effectief  Er is constante feedback van de leerkracht nodig  Kleine verstoringen moeten genegeerd worden  Taken zullen interessant zijn en een betekenisvolle opbrengst hebben  Academische instructie en materialen zullen met de mogelijkheden van het kind moeten worden gematched  Er moet een goede supervisie op leswisselingen zijn  Ouders en leerkrachten moeten nauw contact onderhouden (vooral in de lagere klassen)  De verwachtingen van de leerkrachten moeten aangepast zijn op de gedrags. verzoeken van volwassenen weigeren. socially maladjusted en delinquent. Voorbeelden van oppositioneel opstandig gedrag zijn ruzie maken met volwassenen. frequent. zoals stelen en liegen. als van verdoken. observeren. Definition and Prevalence Conduct Disorder kan het best begrepen worden als een apart patroon van antisociaal gedrag dat de rechten van anderen schendt. met een voorspelbaar dagprogramma. Er is een subgroep die als ongesocialiseerd of gebrek aan sociale hechting aan familie en vrienden kan worden beschreven. Antisociale kinderen en jeugdigen volgen één of meer van de drie afzonderlijke paden in de ontwikkeling van conduct disorders: 1. Er kunnen verschillende subgroepen binnen de conduct disorder worden onderscheiden. Voor deze individuen hebben autoriteit en reciproque relaties met anderen weinig betekenis. agressieve en antisociale gedragingen. bijwerkingen van de medicatie in de gaten houden en aangeven of het kind de goede dosering van mediacatie ontvangt.Stuvia. Goldstein geeft richtlijnen voor leerkrachten:  Klaslokalen moeten georganiseerd en gestructureerd zijn. normen en standaards van gepast gedrag richting anderen. stelen) of zichzelf (middelenmisbruik) 2. Leerkrachten vinden the respons cost strategy voor ongepast gedrag het meest geaccepteerd in de klas. Kinderen die voor hun 10de jaar een conduct disorder ontwikkeld hebben (life-course persistent) een grotere kans de gedragingen in volwassenheid ook te blijven vertonen dan individuen die de conduct disorder in de adolescentie ontwikkelen (adolescence-limited). Verdoken: verborgen en gericht op eigendommen (vandalisme. Ongehoorzaamheid: oppositioneel gedrag (ongehoorzaamheid) 36 . zoals vechten en vernielen. Verder kunnen ze beschreven worden als werkend op een laag niveau van morele ontwikkeling.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Implications for Teachers ADHD veroorzaakt in de klas de meeste problemen (in vergelijking met andere omgevingen).en academische vaardigheden van het kind  Leerkrachten zullen onderwezen moeten zijn in ADHD en een gepast repertoire van interventies moeten ontwikkelen Conduct Disorders and Aggression Conduct Disorder is een verzamelnaam voor tal van ‘acting-out’. De leerkrachten moeten dan ook meer betrokken zijn bij de assessment en remediëring van ADHD dan bij andere internaliserende en externaliserende stoornissen. Oppositioneel opstandig gedrag is minder serieus dan conduct disorder in dat ze de belangrijke normen van andere mensen minder schaden. Het grootste probleem bij deze groep is het gebrek aan internalisatie van sociale regels. Er kan zowel sprake zijn van openlijk agressief gedrag. woedeaanvallen. anderen de schuld geven voor hun fouten en andere irriteren. duidelijke regels en gescheiden tafels  Beloningen moeten consistent.

Wahler geloofd dat positieve bekrachtiging ook een rol kan spelen in de ontwikkeling van conductdisorderd gedrag. perinatale factoren. televisie en ouders (vooral die fysieke straffen gebruiken) zijn. Ondanks dat er minder onderzoek gedaan is naar conduct-disordered gedrag op school kunnen dezelfde principes zich in de leekracht-leerlingen interacties voordoen in de klas. Als het agressieve gedrag van het kind thuis beloond wordt is het moeilijk om het op school anders te doen 3. Buurtkarakteristieken kunnen zowel risicofactoren als beschermende factoren zijn. Agressieve kinderen nemen cues anders weer en maken andere attributies dan andere agressieve kinderen. Ouders die falen in het bekrachtigen van gepast sociaal gedrag en/of blijven reageren op de coercion bevelen wordt er een intensiever coercion patroon van gedragingen en reacties in het werk gesteld. Behandelingen moeten zich dan ook richten op het veranderen van cognities en de probleemoplossingvaardigheden vergroten. Agressieve kinderen bedenken meer ‘actie-oplossingen’ dan verbale oplossingen. Cognitief perspectief: Boze reacties worden uitgelegd in termen van externe cues. Over de tijd ontstaat er een escalerend coercion patroon tussen de ouder en het kind die uiteindelijk de manier van interactie tussen het kind en anderen bepaald.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Het specifieke pad kan om een andere behandelingsaanpak vragen. Deze kinderen hebben agressieve methodes ontwikkeld om met problemen en confrontaties om te gaan en zullen deze gedragspatronen ook ergens anders laten zien 2. Als kinderen ouder worden leert het grootste deel andere manieren om hun behoeften te laten vervullen. interne arousal.Stuvia. cognities over de arousal en een gedragsreactie. Etiology Theories of etiology of conduct disorders Patterson heeft de coercion hypothesis ontwikkeld over de ontwikkeling en instandhouding van gedrag dat tot conduct disorders leidt. Biophysical factors: Gesloten hoofdletsel. Deze invloed is indirect via cohesie en de mate van monitoring en supervisie van adolescenten door volwassenen. Het agressieve en coercive gedrag zal het schoolpersoneel verleiden hier ook in mee te gaan Theories of development of aggression Social learning: Jonge kinderen leren agressief gedrag door imitatie van agressieve modellen. Verder hebben ze problemen met cognitieve probleemoplossingvaardigheden zoals perspectief nemen en het identificeren van alternatieve oplossingen voor interpersoonlijke problemen. brengt verbale of fysieke aandacht van de ouder teweeg. computer of videogames. Beschadiging van de hersenen (verworven). Externe cues en gebeurtenissen spelen alleen een indirecte rol omdat de cognities en interne arousal uiteindelijk altijd betalen of een individu boos wordt. Redenen waarom kinderen die thuis agressief en coercive gedrag vertonen geneigd zijn hetzelfde gedrag op school te vertonen: 1. Boze arousal doet dan te waarschijnlijkheid op een agressieve reactie toenemen. Hierdoor wordt het gedrag onwillekeurig beloond. Comprehensive Models: Cognitieve vertekeningen en defecten in sociale probleemoplossing interacteren om agressieve reacties aan te moedigen. vooral de frontale kwab. Deze modellen kunnen vrienden. beïnvloed de ontwikkeling van CD directer. Sociale factoren: Conduct disorders worden geassocieerd met armoede en buurtkarakteristieken. Volgens Patterson hebben kleine kinderen een repertoire aan coercion gedragingen die zeer functioneel zijn in het shapen van de reacties van de ouders (bijvoorbeeld huilen als ze honger hebben). Andere kenmerken van conduct disorders zijn slechte inter-persoonlijke relaties en academische problemen.com . Volgens deze hypothese. individuen in een film. Types of aggression 37 . loodvergiftiging en roken tijdens de zwangerschap zijn factoren die waarschijnlijk bijdragen aan de ontwikkeling van CD.

De meeste kinderen zullen voor de niet-deelnemende positie kiezen de kinderen met gedragsproblemen nemen vaak de positie in van de pester. Overaroused: agressie als een bijwerking van een staat van verhoogde arousal en activiteiten level (wordt o. gebrek aan anticipatie. en dat dit resulteert in het zoeken naar fysische spanningen (thrillseeking). Related conditions ADHD. Affective: veroorzaakt door boosheid en woede (wordt o. Het slachtoffer. Het is handig om te weten welk specifiek type agressie een kind vertoont om verdere interventies te kiezen. Walker en collega’s onderscheiden 3 rollen in de pester-slachtoffer-interactie. 38 . Instrumental: het gebruik van agressieve technieken om misbruik (advantage) van anderen te maken of om de iemands zin te kregen. Een onderschatte factor die gerelateerd is aan agressie en gedragproblemen is pesten. en . gezien bij misbruikte kinderen) Gewelddadige periodes kunnen gevaarlijk en/of destructief zijn. 4. temperament en bindingproblemen. Ouderlijk gedrag en reacties naar het kind toe. affiliatie met drugs gebruikende en deviante vrienden gedurende adolescentie. depressie en angst zijn gekoppeld aan gedragsproblemen. vroeg gebruik van drugs.a. De relatie tussen leerproblemen en zelfgerapporteerde delinquentie is significant. Impulsive: heeft een neurologische basis. impulsiviteit) een directe invloed hebben op de ontwikkeling van delinquent gedrag. Andere verklaringen zijn gebaseerd op erfelijke factoren. De incidentie van leerproblemen onder delinquenten is hoog. Veel onderzoekers stellen dat individuen met gedragsproblemen een lage spanning van het autonome zenuwstelsel hebben (underarousal of the autonomic nervous system).het zit vaak in de familie Andere factoren die bijdragen aan het ontwikkelen van de stoornis zijn. Predisposing factors Twee onweerlegbare feiten in de studie naar gedragsproblemen . Volgens de DSM-TR-IV is een moeilijk temperament een voorspellende factor voor de ontwikkeling van gedragsproblemen. is onvoorspelbaar en uit zich vaak in korte periodes 3. Patterson’s coercive behavior model. leerproblemen. de patronen van familie-interactie wordt een routine en worden overgedragen van de ene generatie naar de volgende als er geen interventie plaats vindt. . Temperament is een aangeboren gedragsstijl die ook wordt beïnvloedt door de omgeving. Temperament en bindingsproblemen in de babytijd zijn geassocieerd met latere gedragsproblemen.de stoornis is stabiel over tijd. Pennington stelt dat juist lage autonome spanning geassocieerd is met antisociaal gedrag bij kinderen en volwassenen.Stuvia.com . Studies hebben aangetoond dat antisociaal gedrag in de kindertijd een goede voorspeller is voor antisociaal gedrag in het nageslacht. de niet-deelnemer en de pester. Predatory: gerelateerd aan gedachtestoornissen waarbij paranoia een rol speelt 5.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Door Walker worden vijf verschillende types agressie onderscheiden: 1.a.school failure theorie: stelt dat met leerproblemen een kettingreactie in werking wordt gesteld: leerproblemen leiden tot falen op school wat een motivatie is voor delinquent gedrag. Er zijn twee theorieën over: . Antisociaal gedrag bij grootouders is vaak een voorspeller is voor dit gedrag bij kleinkinderen.Susceptibility (gevoeligheid) theorie: stelt dat correlaten van leerproblemen (gebrek aan impulscontrole. gezien bij kinderen als ADHD) 2. Leerproblemen zijn erg voorkomend bij kinderen met gedragsproblemen. De meeste interventies zijn gericht op het verminderen van alle types agressie. slechte hechting met de ouders. voornamelijk die van de moeder worden beïnvloedt door het temperament van het kind. en dit gedrag is een kans om de maatschappij voor het schoolfalen aan te pakken. Het wordt gebruikt om andere te intimideren en dwingen. Deze contradictie kan veroorzaakt worden door het feit dat de temperamentstudies gekoppeld zijn aan problemen in gedrag maar niet door gedragsproblemen an sich.

er zijn 5 opvoedfactoren die in combinatie met andere factoren een voorspeller kunnen zijn voor gedragproblemen. Scholen moeten meer het functionele gedragstaxatie en positieve gedragsinterventies accentueren. het onderhandelen in het stellen van compromissen en het gebruik van milde straffen. Parenting training in management skills Deze zijn gericht op het doorbreken van de cirkel van dwingende opvoedstijl en interacties tussen ouder en kind. Parent involvement program Een vroege interventie die de gezins-school relatie aanpakt. deze omvat meestal het volgende:  functionele gedragstaxaties  de verandering van thuis. inconsistente consequenties en ineffectieve straffen. Dit is een notie van het in hoofdstuk 7 al genoemde positieve gedragssteun (positive behavioral supports.  het inleiden en handhaven van positieve interacties door een variëteit van thuis-school communicantoren  gebruik maken van een geschreven probleemoplossende reeks om zo coöperatief oplossingen van problemen te vinden  het instellen van thuis-school kaarten en contracten  het helpen van ouders met disciplineren en managementstrategieën thuis School-based programming Velen stellen dat school en grote medewerker is van antiscoiaal gedrag omdat zij een dwingende en straffende omgeving scheppen voor de kinderen. Funtional family therapy Ook deze vorm van behandeling betrekt de hele familie.Stuvia. Het doel is om de familieleden te laten begrijpen wat hun interactie onder elkaar betekenen en welk gedrag zij veroorzaken en om deze te veranderen in meer passende manieren om met elkaar te communiceren.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Intervention and treatment De complexiteit van factoren die bijdragen aan de ontwikkeling en de instandhouding van de gedragproblemen vraagt om een evenzo complexe behandeling ervan. heeft een step-by-step aanpak geformuleerd om ouders te betrekken bij het schoolprogramma van hun kind met gedragproblemen. en docent variabelen gebaseerd op de resultaten van de taxaties  heldere en duidelijke verwachtingen en routine  vaardighedentraining voor alternatief gedrag  precorrectie om fouten te voorkomen  differentiële bekrachtiging voor de promotie van goed gedrag  datagebaseerde beslissingen  straffen alleen wanneer dat nodig is 39 . Deze vaardigheden moeten worden toegepast in onder andere het stellen van heldere en duidelijke regels. Walker et al. Ouders moeten prosociale gedragingen aanleren. gebruik maken van positieve bekrachtiging. Parent training is effectief gebleken in vergelijking tot andere behandelingen. Er is nog geen effectieve interventie gevonden die heldere en zekere implicaties heeft voor veranderingen van gedragproblemen op de lange termijn. Het is gebaseerd op een familie-systeem-aanpak die stelt dat het probleemgedrag van het kind een functie heeft in de familie en veroorzaakt wordt door de familie.  strenge en inconsistente discipline  niet weten waar het kind zich bevindt  weinig of geen interesse hebben in het leven van het kind  geen gebruik maken van positieve management strategieën  de onbekwaamheid om conflicten in de familie juist op te lossen Interventies met ouders moeten onder andere hierop gericht zijn.com . PBS). zonder heldere regels. Veelomvattende interventies moeten een groot aantal mensen omvatten die regelmatig interacteren met het kind met gedragproblemen in verschillende situaties en settings. Families moeten hierin een grote rol spelen. school.

Dosen Hoofdstuk 7: Behandeling Week 5 Inleiding Volgorde vragen bij behandeling:  Wie? De persoon met zijn specifieke eigenschappen  Waarom? De diagnose van de stoornis en de indicatie  Wat? Welk aspect van de stoornis wordt behandeld  Hoe? Met welke methode wordt behandeld Behandeling: een specifieke benadering met als doelstelling om het algehele functioneren of bepaalde psychosociale functies en gedrag te beïnvloeden. Docenten kunnen ook sociale vaardighedentraining toepassen die gericht is op de docent. ervaringen die leiden tot zelfverzekerdheid en zelfstandigheid 4. positieve inter-persoonlijke relatievaardigheden 5. een stabiele emotionele relatie met tenminste één volwassene 6. de moeilijkheden in de generalisatie en handhaving van nieuwe sociale vaardigheden is vastgesteld.en vrienden-gerelateerde vaardigheden een component is vor de omvattende behandeling van deze populatie. educatief klimaat en een positief ouderlijk model van copingstrategieën 7. 4. anderen dan in het gezin of familie Medication Er is geen medicinale oplossing voor gedragsstoornissen maar wel voor de vaakvoorkomende comorbide stoornissen: ADHD. een open. Implications foor teachers Het is duidelijk dat docenten primair gericht moeten zijn op het lesgeven van zijn/haar leerlingen. het leert alternatieve manieren om met mensen om te gaan dan de dwingende manier die ze hun hele leven al toepassen. Need for early intervention Een vroege interventie bij gedragproblemen of een gedragsstoornis kan essentieel zijn. 2. zullen deze programma’s geen effect hebben totdat de negatieve onstuimigheid eerst gedaald is. steunende. een gemiddeld niveau van intelligentie 3. Buurten waar de spanning hoog is en de middelen nagenoeg niet aanwezig zijn.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch   applicaties van de school. depressie en angsten. er moet dus dagelijks geoefend worden. sociale steun van volwassenen.Stuvia. Garbarino ans Kostelny identificeren 7 factoren die leiden tot het individu’s gezonde aanpassingsvermogen: 1. Neighborhood-Based programming Ook de wijk waarin iemand opgroeit heeft een invloed op het kind. Gresham heeft vastgesteld dat sociale vaardighedentraining niet altijd een goed effect heeft. sociale vaardigheden zijn een belangrijke aanvulling om gedragproblemen te reduceren. Voorwaarden: 40 .en peergerelateerde vaardigheden en het betrekken van peers in zowel de training als in reinforcement activities. klaslokaal en individuele niveaus strategieën voor de betrokkenheid van ouders bij de school Social skills training Studenten met gedragproblemen hebben meestal slechte vrienden en docenten relaties. sociale rejectie door leeftijdgenoten en docenten is een erg krachtige medewerker aan het proces waar antisociaal gedrag ontwikkeld in een gedragsstoornis 3. actief proberen om de spanning en stress te reduceren ipv erop te reageren 2. Deze training beklemtoont dat docent.com . 1. Maar docenten kunnen ook een grote rol spelen in het gedrag van kinderen.

2. Doelstelling: zorgen dat de stoornis verdwijnt.1 Hulpvraag Hulpvraag is afhankelijk van het ontwikkelingsniveau van de persoonlijkheid van de betrokken persoon (zijn basale behoeften).1. Er wordt aandacht besteed aan zowel de persoon als aan de omgeving. Bepalen behandelingsstrategie en behandelingsmethode ( strategie wordt bepaald door integratieve diagnose). zoals de hulpverlener die vanuit zijn onderzoek en de diagnose beoordeelt (hulp aan de persoon in zijn totaliteit). alsook van de aard van de psychische stoornis en het gedragsprobleem van de betrokkene. Uiteindelijke doelstelling: het bereiken van een psychisch gezonde toestand van de betrokken persoon en een maximaal mogelijk kwalitatief leven. personen en tijd.  Strategie wordt bepaald door integratieve diagnose ( keuze van methodes is afhankelijk van de strategie).1 Strategie van de behandeling Guidelines van AAMR stellen dat hulp aan de omgeving van de betrokken persoon en de interventies bij interactieproblemen tussen de persoon en zijn omgeving ruime aandacht krijgen.  De therapie van bepaalde afwijkingen: een duidelijke indicatie op basis van een diagnose van de stoornis.  Nabijheid: grootte van fysieke afstand tussen behandelaar en behandelde. zodanig dat het doel van de hulpvraag bereikt kan worden. Methodes:  De simulatie van de ontwikkeling: adequate prikkeling en ondersteuning van het gewone ontwikkelingsproces van de persoon (geen tijdsbestek). een therapeutische methode en een tijdsbestek waarin het doel bereikt moet worden. Hulpverlener moet aandacht besteden aan de reulatie van de essentiële vitale aspecten (fysiologische functies en basale psychosociale behoeften). Hulpvraag: de behoefte aan hulp bij de betrokken persoon.  De training van bepaalde functies: oefening van bepaalde functies (geen tijdsbestek). Vijf soorten hulpvragen:  Homeostase versus disregulatie: op het niveau van psychofysiologische homeostase of bij stoornissen die kenmerken vertonen van aantasting van deze laag. 7. Interactionele aspecten zijn een richtlijn in het omgaan van de behandelaar met de betrokken persoon. Een specialistische therapeutische aanpak van de stoornis. Drie niveaus van aanpak individu (worden vaak tegelijkertijd aangepakt): 1. Integratieve behandeling van de stoornis: de manier van de therapeutische aanpak van de stoornis. Aanpak omgeving is erop gericht de voorwaarden in het leefmileu van de persoon te creëren die noodzakelijk zijn voor de geplande behandeling van de persoon.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Voorbereiding en organisatie van omgeving.  Affectiviteit: een positief affect van de behandelaar ten pzichte van de behandelde persoon.  Autonomie versus afhankelijkheid: op het niveau van zefl-ander differentiatie of bij stoornissen in deze fase van emotionele ontwikkeling.  Confrontatie: pas mogelijk als de persoon tot inzicht is gekomen hoe hij zich anders zou meoten en kunnen gedragen.  Vertrouwen versus wantrouwen: op het niveau van hechting en bij stoornissen die zijn ontstaan op grond van verstoring van de emotionele ontwikkeling in de fase van socialisatie.com . 41   . Behandelaar besteedt aandacht aan de stimulatie en begeleiding van de psychogosciel processen die nodig zijn voor een adequate ontwikkeling van persoonlijkheid en voor een adequaat psychisch functioneren.  Zelfvertrouwen versus minderwaardigheid: op het niveau van ontwikkeling van het morele ego of bij stoornissen ontstaan op dit niveau van de emotionele ontwikkeling.  Verandering van gedrag: nodig voor sociale interactie en voor zinvolle communcatie.  Initiatief versus geremdheid: op het niveau van het impulsieve ego of bij stoornissen van emotionele ontwikkeling in desbetreffende fase.  Individuele benadering: een persoonlijke interactie met de hulpvragende. 3. 7. een doelstelling.Stuvia.

denken. Oorzaken liggen vaak in het aanleren en bekrachtigen van maladaptief gedrag. sociale. en op de begeleiding van het gezin en de bredere omgeving van het kind.  Psychotherapie: zoeken naar emotionele conflicten van de patiënt  Ontwikkelingsdynamische relatietherapie: inhaken op de actuele ervaringen van de cliënt in de situatie van het hier en nu o Eerste fase: werken aan de aanpassing van de cliënt.  Cognitieve therapieën en trainingen (leertheoretisch): ontwikkeling van inzichten betreffende zichzelf. sociale en motisiche activiteiten: komt pas in aanmerking in gevallen waarin de persoon niet meer of moeilijk sensorische prikkels kan verwerken of moeite heeft om zijn sociale en motirische activiteiten onder controle te houden. Milieu is omgeving (ouderlijk huis.1 Stimulatie en training Verstandelijke handicap: een ontwikkelingsfenomeen dat op verschillende manieren vanuit de omgeving in verschillende opzichten te beïnvloeden is. psychologische en ontwikkelingsdimensie.2 Behandelingsmethoden 7. Doel: persoon tot rust brengen. Hierdoor is adequate stimulatie van buitenaf i nbepaalde levensperiodes van wezenlijk belang voor de ontwikkeling van de functies van de hersenen.com .1.2 Integratieve behandeling van de stoornis Integratieve diagnose stelt indicatie voor nodige behandeling van psychopathologische processen. 42   . werkomgeving.  Milieutherapie: informeren.2.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Stimulering: prikkels geven met als doel het bereiken van een hoger niveau van functioneren. positief gedrag aan te leren. willen en handelen.  Begrenzing van sensorische. zodanig dat de betrokken persoon een meer adequaat besef over zichzelf en de werkelijke wereld krijgt. psycho-educatie en systeem therapie.  Verantwoordelijkheid: kan gehanteerd worden als de persoon op het niveau van persoonlijkheidsontwikkeling funcioneert waarop morele en gewetensaspecten een rol spelen.Stuvia. etc). o Tweede fase: opbouwen van een affectief positieve relatie tussen de therapeut en cliënt. maar ook in afwijkende motivaties. eigen meningen en overtuigingen. ruimte. Integratieve behandeling kent een vierdimensioneel model: biologische.2 Therapie Bij therapie gaat het er om om veranderingen te verwezenlijken in het voelen. op training van controle van boosheid en worde en leren van technieken van relaxatie. Therapie heeft als doel het herstellen van bepaalde psychische functies en van de psychische toestand. 7. Men heeft een gevoelige periode voor ontvangkelijkheid van specifieke sensorische prikkels van bepaalde gebieden in de hersenen. Behandelaar: de persoon die binnen de behandelingssituatie deskundige hulp aan de betrokken persoon biedt.  Medicamenteuze therapie (biomedisch): vermindering van gedragsproblemen en voor behandeling van psychische stoornissen. Hulp wordt gericht op de stimulatie van de ontwikkeling van het kind met een verstandelijke handicap. personen en tijd o Optimalisering van intensiteit en frequentie van stimulatie o Geleidelijkheid van ontwikkeling  Gedragstherapieën: geïsoleerde gedragsproblematiek behandelen. 7. Stimulatie en training van hersengebieden wordt vooral bekeken vanuit leertheoretische of behavioristische invalshoek. Principes bij ontwikkelingsdynamische relatietherapie: o Strutuur. adviseren. 7. Uitbreiding van gedragsrepertoire: leren om andere gedragingen in de interactie met de behandelaar en omgeving te gebruiken. o Derde fase: therapeut wordt actiever. trachtend op grond van de positieve en vertrouwelijke relatie het gefixeerde gedrag los te weken en nieuw. aan de omgeving en aan de therapeut. sociaal. Binnen deze gevoelige periode onstaat differentiatie en specialisatie van een bepaald hersengebied.2. eigen emoties.

Samenleven = omgang. flat. sociaal-cultureel) vormen samen de gewone opvoedingsomgeving.en zitgedeelte. Opvoeden: een gheeel van functionele omgang en intentionele ontwikkeling.3 Orthopedagogische behandeling Inleiding Orthopedagogische begeleiding: als er accenten worden gelegd op bepaalde aspecten van de gewone opvoeding.1 Geschiedenis Week 6 43 . huiskamer met eet. dat gericht is op de ontwikkeling van het handelen van de jonge mens.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 7. Drie omgevingen (fysiek.1 Opvoeding en begeleiding Fysieke omgeving kent drie niveaus:  Micro-omgeving (huis.com .Stuvia. Deze behandeling vindt plaats in een speciale groep in een instituut. Sociaal-culturele omgeving: het samenleven met personen in de fysieke omgeving en de invloed die deze personen bedoeld of onbedoeld uitoefenen op het kind of de jeugdige.3. Opvoeden is hier een intentioneel (doelgericht) handelen van de opvoeder. Orthopedagogische behandeling: als er behoefte is aan een verdere accentuering van de gewone opvoeding en begeleiding. Samen handelen = ontwikkeling. samenstelling niet te wisselend  Sociale netwerk: wederopbouw van een sociaal netwerk van de bewoners is belangrijk voor behandeling Sociaal-culturele omgeving:  Relatie: vaak een intensieve relatie  Sfeer: gezellig.2 Orthopedagogische behandeling Bij orthopedagogische behandeling volgt meestal uithuisplaatsing van wege de ernst van de problemen. 7. Hierbij zijn de drie omgevingen anders: Fysieke omgeving  Locatie: gewoon mogelijke locatie  Ruimte: voldoende ruimte  Eigen kamer: eigen zitplaats  Indeling: keuken. stad.3. bevestigend en stimulerend is niet in alle gevallen goed Hoofdstuk 5 5. speelkamer en berging  Inrichting: kleuren moeten rust uitlokken Personale omgeving:  Leefgroep: omgang moet niet te groot zijn. personaal. 7. bungalow. Opvoeden is hier een functioneel gebeuren in het samen leven van jonge mensen met volwassen mensen. boerderij)  Meso-omgeving (buurt. dorp)  Macro-omgeving (land) Wonen moet voldoen aan de volgende eisen:  Een permanente huisvesting  Een plek om jezelf te zijn  Een basis in de samenleving  Mogelijkheden om ervaringen op te doen  Mogelijkheden om een sociaal netwerk op te bouwen  Toegang tot samenlevingsactiviteiten Personale omgeving: de personen in de fysieke omgeving (met name het gezin).

Vijf domeinen van schema’s:  Onverbondenheid en afwijzing o Verlating/ervaren instabiliteit o Wantrouwen/misbruik o Emotioneel tekort o Tekortschieten/schaamte o Sociaal isolement/vervreemding  Verzwakte autonomie en verzwakt functioneren o Afhankelijkheid/incompetentie o Kwetsbaarheid voor ziekte en gevaar o Kluwen/onderontwikkeld zelf o Mislukken  Verzwakte grenzen o Veeleisend/grootsheid o Onvoldoende zelfcontrole/zelfdiscipline  Gerichtheid op anderen o Onderwerping o Zelfopoffering o Goedkeuring/erkenning zoeken  Overmatige waakzaamheid en inibitie o Negativisme/pessimisme o Emotionele inhibitie (moeite kwetsbaarheid te uiten) o Strenge normen/overkritisch zijn o Bestraffendheid (moeite vergeven) Schematherapie: met imaginaire en interpersoonlijke technieken ervaringen uit de vroege jeugd herevalueren tot ten slotte dat wat nog steeds leed veroorzaakt. Spel verhoogt de motivatie voor therapie bij kinderen. Nadruk in gedragstherapie verschoof van veranderen van gedrag (met principes van operante conditionering. 5. terwijl dit eerder werd vermeden.2 Casus 5. Exposure: bij spel stilstaan bij negatieve emotinele gebeurtenissen. cognities. Klassieke speltherapie (zonder directieve elementen) geeft hechtingsgestoorde en misbruikte kinderen de gelegenheid eindeloos te spelen. begrijpende. Therapeut kan het beste directe met indirecte wijze combineren: dan bieden de therapiesituatie. 5. 5.3 De werkzame factoren van speltherapie Voor een kind is het een natuurlijke zaak uit te spelen wat hem bezighoudt en kan hij gemakkelijk voordoen hoe iets verliep in eerdere situaties. Kinderen die angstig zijn voor het contact is een stapsgewijze toenadering nodig.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Speltherapie begon met poppen laten voordoen hoe je ontstpannen zou kunnen blijven en wat je concreet zou kunnen doen in moeilijke situaties. belevingen en fantasieën). waardoor herinterpretaties gemaakt kunnen worden. Door te herhalen ontstaat de gelegenheid de situatie goed onder ogen te zien. Extinctie: bepaald spel herhalen totdat een kind hier zelf over is uitgespeeld.1 Schematherapie met kinderen In verbeeldend spel komen bij het in beeld brengen van kerncognities en een beladen representatie schema’s naar voren.com . waarin het kind kiest waar het mee wilt spelen. Daarnaast wordt deze motivatie ook verhoogd door een vriendelijke. humorvolle therapeut.2 Nieuwe ontwikkelingen 44 .Stuvia. De controle zelf in handen mogen hebben geeft kinderen angstvermindering.3. Moeilijke momenten uit de leergeschiedenis komen vanzelf in beeld. alsnog losser kan worden gelaten (contraconditionering). sociaal leren en mediatietherapie) naar het beïnvloeden van minder direct zichtbaar gedrag (de emoties.3. samen met de therapeutische relatie het kind de veiligheid om stil te durven staan bij essentiële problematiek. terwijl ze daarin de pijnlijke ervaringen weten te vermijden en daar ook geen gesprekken over willen voeren.

Cognitieve gedragstherapie is tot een veelomvattende.1 Afstemming De therapeut moet ook aansluiten op de leeftijd en het cognitieve en sociaalemotionele niveau van het kind.4. naast de gespreks. Therapie-uur moet goed gestructureerd zijn.3 Therapieboekje In eerste sessie krijgt het kind een “therapieboekje” waarin het doel van de therapie wordt geforumleerd.4. boeken met verhalen met een therapeutische boodschap of metafoor. kunnen later beter:  Flexibel en creatief redeneren  Veel verwijderde associaties beschikbaar krijgen  Nieuwe verbanden leggen en overdragen  Divergent denken  Snel en creatief problemen oplossen  Zich aanpassen  Toegang hebben tot (en ervaren van) gevoelensgeladen gedachten/beelden/fantasieën  Negatieve gevoelens verdragen (met meer cognitieve controle)  Sociale competentie en gevoel van eigenwaarde ontwikkelen  Strategieën gebruiken om nieuwe verbanden te leggen en depressieve stemmingen en stress te verminderen Kinderen die minder intensief hebben gespeeld. Speelse. cognitieve werkbladen. bewust te leven en ieder moment te ervaren.en bouwmaterialen. autootjes. etc. uitnodigende inrichting: klassieke speelkamer met veel soorten speelgoed en knutsel.4 Spel en speelse middelen in cognitieve gedragstherapie 5. gezelschapsspelletjes en therapeutische spellen. winkeltje. Hierdoor leert het kind te communiceren over zijn gevoelens (gevoelens poppen e.com .The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Mindfulness benadrukt het leren creëren van fundamentele rust in jezelf. water.en spelthema’s. Interpersoonlijke gedragdtherapie: de therapeutische interactie staat centraal. 5. dartbord. Het speluur Afspraak bij voorkeur op een vaste tijd in de week.en hechtingsproblemen of te weinig of teveel zelfcontrole. make-up en verkleedkleren. Het bevordert ook het contact en de openheid. axen. hebben sneller gedrags. Therapeutische spellen Met therapeutische spellen wordt voordurend aangestuurd op het leren discrimineren en uiten van gevoelens. maar wordt wel eens gepakt om terug te lezen hoe ver het kind al gekomen is. poppenhoek met babyattributen. stal met dieren.2 Spelkamer en spelsessies Inrichting en Materiaal Liefst ramen gericht op een tuin of ander rustig uitzicht. Het boekje blijft in de therapiekamer. 5. 45 .en zandbak. doktersspullen. rondje open kaart).d. dus indirect ook eigen gevoelens). door met volle aandacht. Laat niet alles tegelijkertijd zichtbaar. Kind ervaart centraal te staan.3.3 Wetenschappelijk onderzoek Kinderen die op jonge leeftijd goed intensief verbeeldend kunnen spelen. 5. genuanceerde banderingswijze uitgegroeid (gericht op intergratie van dat wat werkt).4. 5. Veranderen van disfunctionele interpretaties is slechts het loskoppelen van negatief denken (Brewin). Per keer wordt wat er is bijgeleerd samen genoteerd. komen in het boekje te staan.Stuvia. Tekeningen en knipsels komen er ook in. creatieve en cognitieve materialen Er bestaan ook therapeutische hulpmiddelen voor speltherapie: therapeutische spellen. maar ook op kerngedachten opsporen en nadenken over alternatieven (vb: een doos vol gevoelens. cowboyattributen. poppenhuis en-kast. en praktische trips en trucs voorhanden. barbies.

46 . cratieve. 4.4 Speltechnieken 5.5 Indicaties voor individuele cognitieve gedragsspeltherapie Mediatherapie met ouders staat voorop. oplossingsgerichte elementen Schemavaststelling met conceptualisatie 5. omdat op deze manier wat geleerd wordt in de omgeving kan worden toegepast door de ouders. 5. Ouders registereren actief het concrete probleemgedrag en zoeken mee naar patronen. Mediatietherapie met ouders staat voorop. en emotieregulatietechnieken.4. rollenspel. Samen thuiswerk bedenken 12-16 jaar: Gesprek. Hierdoor heeft therapeut vrijheid om zelf wending te kiezen die goed aansluit bij problematiek.4. 3. anders individuele therapie. vragen van ouders en kind zijn startpunt en bepalen het eerste doel. Positieve en andere cognities als spel Visualiseren van gedachten kan ook als spel “hoe tekenen we wat jij tegen jezelf in je eigen hoofd zegt?”. beeldend materiaal Beeldende therapietechnieken kunnen ingang bieden bij kinderen die moeilijk direct kunnen uitleggen wat er niet goed gaat. Creatief. waarna de boodschap uit beide verhalen wordt nabesproken (samen verhaal vertellen of tekenen). speelse. Dit kan ook door middel van al bestaande boeken (Het hoofd van Marieke of Pikkuhenkie). Klachten.com . Getekende en vertelde verhalen Om beurten een verhaal vertellen zorgt ervoor dat de therapeut een tegenverhaal kan vertellen met een variatie op het tehma. In veel gewone kinderboeken zit vaak ook toevallig een therapeutische boodschap.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Werkbladen en gevisualiseerde hulpmiddelen Plaatjes brengen de bijbehorende oefeningen op gang met uit te spelen verhalen over verdrietige kabouters of dieren die niet tegen frustraties of vechtende soortgenoten kunnen en helpende gedachten door “wijze uilen” krijgen aangereikt (vb: leer samen spelen met tim en flapoor. cratief bezig izjn Oefeningen en technieken op eigen leeftgijdsniveau Huiswerkpdrachten en –analyses 14-20 jaar: Technieken als bij volwassenen Adolescent neemt zelf verantwoordelijkheid en maakt eigen keuze Humor. Analyses van de functie en betekenis van klachten worden samen met ouders vastgesteld en van daaruit worden de behandeldoelen en het behandelplan opgesteld. probleemoplos-. 5.Stuvia. de rupsenclub en de hommels). omdat zij het traumatische voorval zelf niet goed hebben verwerkt. Uitgangspunten bij cognitieve gedragstherapie: 1. zorgen. Verwerkingstherapie kan nodig zijn als ouders hun kind niet kunnen helpen. 2.5 Wat op welke leeftijd? 2-6 jaar: Verbeeldend spel en gesprekjes met therapieboek als rode draad Rollenspel Creatieve en verhalentechnieken Speelse vorm van cognitieve technieken 6-12 jaar: Gesprekken met het boekje Rollenspel Creatieve en verhalentechnieken Verbeeldingsoefeningen Gedragsexperimenten Zelfcontrole-. Psychologisch en medisch onderzoek van het kind met informatie van derden is liefst vooraf aanwezig (minimaal CBCL en TRF).

5. Door middel van traumadesensitatie:  Hiërarchie van anstgcues rond het trauma opstellen  Angstcues worden gedesensiteerd met imaginaire exposure  Bovenste twee stappen ook met stimuli die boosheid oproepen  Bovenste twee stappen ook met stimuli schaamte e nschuldgevoelens  Wordt stilgestaan bij het verdriet 5.6.Stuvia.7. Problematiek van ouders (vb: scheiding. 5. ziekte) kan hiermee ook verholpen worden.3 Zorgen voor jezelf 47 . persoonlijke problemen.6. PTST heeft geleidelijke blootstelling aan de gevreesde situatie nodig. Ouders moeten leren met hun kind te praten. Dit gebeurt met veel herhaling en intensiteit.6 Toepassingen 5.2 Sympoliek en interactieknopen Therapeut kan veilig ingaan op terugkerende thema’s.5.7 Therapeutvaardigheden De therapeut blijft er op gericht disfunctionele schema’s. Kinderen verwerken het verlies van hun gezondheid door alsnog hun fantasieën van “hoe het had moeten zijn” uit te spelen in verbeeldend spel. Angst om te praten of spontaan verbeeldend te spelen Zeggen dat er niet alleen maar gedamd mag worden en jij als therapeut ook de beurt krijgt te zeggen wat je nu wilt dat er gedaan wordt. 5.3 KOPP-problematiek Kinderen van ouders met psychiatrische problematiek hebben vaak speltherapie in de vorm van boeken met een moraal erin (Pop en Oline het olifantie). 5.6. Praten op gang brengen via een poppenkastpop lukt soms goed. Vraag in spel aan het kind water aan de hand is met een spelfiguur of suggereer iets. Techniek moet passen bij leeftijdsniveau.1 Oplossen van lastige situaties Angst bij start Kan opgevangen worden door het te benoemen. Daarna kan er rustig gesproken worden over de consequenties en mogelijkheden. 5.7. Expliciete toestemming van ouders aan het kind is nodig bij de start. Traag tempo/emotioneel vlak blijven Rechtstreeks aankaarten dat je snapt dat het kind er liever niet over wilt praten.1 Gestagneerde verwerking van traumatische gebeurtenissen Wordt vaak gewerkt met exposure.2 Hechtingsproblemen Wordt stapmatig opgelost 5.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 6. Speltherapie is slechts een van de keuzemogelijkheden. maar dat als er niet over gesproken wordt de problemen blijven. 5. 5. Er is immers genoeg exposure gaande en de schema’s veranderen daarmee.1 Combineren van individuele therapie en mediatietherapie De combinatie brengt vaak sneller een effectiever verandering op gang omdat het kind gemotiveerd wordt mee te werken aan veranderingen thuis. Uit verhalen is af te leiden dat het niet de schuld van het kind is. totdat de heftige emotie die horen bij verwerking langzaam afnemen en lijken uit te doven. representaties en kerngebeurtenissen uit het leven van het kind. in beeld te krijgen. Therapeut moet goed observeren hoe belangrijk het spel voor het kind lijkt en hierbij niet directief in te grijpen. emotioneel en sociaal ontwikkelingsniveau van het kind. en dat het kind er niks aan kan doen. maar langzaam maar zeker gaat ouder ook eigen problematiek uiten. te begrijpen wat hij bedoelt en zegt en wat het niet zegt maar wel non-verbaal in zijn gedrag laat zien.4 Chronische ziekten Speltherapie door middel van poppen of andere spelfiguren.com . die met directe technieken ontoegangeklijk blijven.6. Dus dat de therapeut het kind zal helpen. Dan begint therapeut over het kind. vaak door visualiseren met tekeningen of verbeelding.7. Kenmerken die het KOPP-kind heeft komen zo aan het licht en kunnen opgelost worden. Kies een techniek die duidelijk aansluit bij het probleem (zo direct mogelijk en het minst tijdrovend). cognitief.

waarbij de ouders zich openlijk verzetten tegen het gewelddadige of zelfdestructieve gedrag. blowen of andermans eigendommen vernielen. Contra-indicaties: erngstige psychiatrische stoornissen van jeugdigen die opname noodzakelijk maken. 2.2 Functionele gezinstherapie Bedoeld voor (delinquente) jongeren van 11 – 18 jaar met gedragsproblemen en hun gezinnen. Gezin is ongemotiveerd. Term “functionele” komt van de functies die gezinsleden elkaar toekennen. Laatste sessie kan bijvoorbeeld een herinneringscadeau voor elkaar geknutseld worden. Tips en uitleg aan ouders:  Aankondigen dat u niet met de huidige situatie verder wilt  Eind maken aan geheimhouding en regelt steun  Degenen die u steunen vragen om het kind te vertellen dat ze op de hoogte zijn van zijn gedrag  Sit-ins en telefoonrondes houden. school niet afmaken. vol weerstand en disfunctioneel communicerend. Specifieke problemen (5hs) 8. Hoofdstuk 8 Week 6 8. Technieken (7hs) 3. conflicthantering en opvoedingsvaardigheden. de werkomgeving en breng verandering aan in je taken als dat je kan helpen. Gedragsverandering: inadequaat uiten van boosheid wordt omgezet in het vertellen dat je boos bent en waarom. Drie fases FFT: 1. Multi Systemic Therapy is twee keer zo duur als FFT. maar tegelijkertijd het geweld te beteugelen en toewiding aan het kind uit te drukken. 8. Blijf je bewust van het effect van je eigen fysieke en geestelijke gezondheid op de mogelijkheid je cliënten goed te helpen. het kind volgen en houdt zodanig een staking  Steun bij vrienden van uw kind en hun ouders 48 . Stel jezelf grenzen. 3. Boek bestaat uit drie delen: 1. Problemsolving. Problemen worden geherdefineerd als uitdagingen. Aanpak is nog niet evidence based! Zijn aanpak kan opgevat worden als multisysteemtherapie en als mediathetherapie. Clinical Services System wil de competentie van de therapeut vergroten door zijn aandacht gefocust te houden op de doelen.3 Geweldloos verzet in gezinnen Boek “geweldloos verzet in gezinnen” is bedoeld voor ouders met agressieve en intimiderende jongeren die het gezinsleven naar hun hand zetten. Vertrouwen op eigen mogelijkheden als gezin. Omer adviseert ouders grenzen te stellen en nabij te zijn. 5.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Burn-out raken ligt meer op de loer dan soms wordt vermoed.Stuvia. Ook wordt er aandacht besteed aan het voorkomen van terugval.1 Gedragsverandering in gezinnen Alfred Lange heeft het boek “Gedragsverandering in gezinnen” geschreven. Generalisatie: het geleerde wordt toegepast in situaties buiten het gezin. risico op gewelddadige escalaties bij gezinnen die weigeren dit te besrpeken en ouders die door hun eigen problematiek geen minimaal toezicht kunnen garanderen. Opgewonden weglopen akn worden omgezet in het vertellen dat je even weggaat en wanneer je weer terug komt. Verbinding en motivering: validatie en heretikettering.8 Afronding van de speltherapie Het is belangrijk de relatie op een natuurlijke manier minder hecht te maken. Er wordt gezocht naar minder schadelijke manieren van communiceren en handelen. Achtergronden van het model (4hs) 2. Basis is het principe van ouderlijke aanwezigheid. en waarmee rekening gehouden dient te worden zonder ze te willen veranderen. maar hierbij worden wel de risicofactoren en beschermende factoren geïdentificeerd. vaardigheden en interventies die nodig zijn in elke fase.com . Negatieve bejegeningen worden positief geheretiketteerd. schem ruimte in je werkkamer. Oplossing is niet in de psychologie maar in een sociaalpolitieke beandering. besteed tijd aan je relatie met familie en vrienden. Wordt het uitgangspunt van de gedragsveranderingsfase. Interventies zijn: communicatietraining.

Veel gedragsproblemen bij kinderen vinden dan ook de basis in het gebrek aan aanpassingsvermogen bij familieinteractie. Belangrijkste vraag is “hoe zou je leven eruit zien als er een wonder gebeurt en het probleem weg is?”. Vragen van de therapeut zijn vooral bedoeld om uitzonderingen te vinden. de familie. Verzoeningsgebaren (uitingen van waardering of respect voor zijn talenten en kwaliteiten). Verantwoordelijkheid: de therapeut is Verantwoordelijkheid: de therapeut is verantwoordelijk voor de genezing van het verantwoordelijk voor het welzijn van de totale individu. waarbij gedrag wordt gerelateerd aan interacties met familie. of verwijderen uit telefoon van kind) 3. Telefoonronde (telefoonnummer van vrienden van kind vragen. Twee delen: eerst vragen stellen en daarna de boodschap geven. Processen binnen storingen in het individu. functioneren en bereiken van gezonde 49 . Hiervoor waren complexere conceptuele modellen nodig. dat er een keerpunt is aangebroken. Origins of Family Therapy De familie therapie benadering begon rond 1950 toen onderzoekers afstapten van het idee van individuele psychotherapie en de rol van familieprocessen begonnen te ontdekken in de ontwikkeling van symptomen bij individuen. Sit-in (kamer binnenlopen en blijven zitten totdat kind met oplossing komt) 2.com .The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch  Bemiddelaars erbij vragen  Diensten weigeren die u door dreigementen worden afgedwongen en taboes doorbreken  Verzoeningsgebaren naar het kind maken  Niet toegeven aan het kind  Niet reageren op provocaties Principes van geweldloos verzet zijn uitgewerkt in een aantal concrete interventies: 1. zoals het familie model. Het belangrijkste element van Familie therapie is niet het individu zien als het doel van interventie maar het familiesysteem als geheel. familie. ipv één individu. Intrapsychische Focus: ziekte van de familie. Volgen (kind volgen om contact met kind te herstellen) 4. Daarom moet behandeling van kinderen in de context van de familie plaatsvinden. Bevelen weigeren als ouder 6. los Proces: De therapeut observeert de individuen van de sociale omgeving en familierelaties. Thuis blijven om manier te vinden om gezin uit deze situatie te halen) 5. Lineaire modellen van gedragsstoornissen waren niet in staat om de interactie processen binnen families te verklaren. Boodschap bestaat uit drie delen:  Complimenten waarbij het gezichtspunt van de cliënt erkend wordt  De reden waarom de taak zinvol lijkt  De taak om door de cliënt gevonden oplossingen toe te passen in de echte wereld Topic 3 Week 6 De familie heeft de meeste invloed en impact op alle aspecten van de ontwikkeling van het kind. dit is dan ook het behandelingsdoel.4 Oplossingsgerichte gezinstherapie Gaat om het bouwen van oplossingen en niet om het oplossen van problemen. als een lid van de familie. Proces: De therapeut observeert het individu. Basisassumptie over cliënt: cliënt heeft het begin van de oplossing al en dat blijkt uit de uitzonderingen op het probleem. 8. analyseren en genezen Doelen: Bereiken van effectief familie van de individuele stoornis. Staking (staking is overgangsritueel. Doelen: Diagnosticeren. Individuele Therapie Familie Therapie Focus: ziekte van het individu.Stuvia.

geboorte en ontwikkeling van het kind. Daarna moet de familie discussiëren over het hoofdprobleem en consensus bereiken. redenen voor huwelijk. De interviewer is geïnteresseerd in de wijze waarop beslissingen ontstaan en de rollen in de discussie. 50 . verdwijning van de familie. waarbij de interviewer hen observeert.  In de derde fase (probleem identificatie fase) begint de interviewer meer interactie tussen familieleden te ontlokken. Assessment of Families Er is geen eenzijdige benadering voor familie therapie assessment.  De laatste taak is om de hoofdfout van degene die links naast je zit op te schrijven.  De tweede taak voor de familie is om iets samen te plannen.Stuvia. Sommige families passeren de fasen goed en andere families blijven in een bepaalde fase hangen. Familie interview (Haley)  In de eerste fase (sociale fase) begint de interviewer een relatie te ontwikkelen met de familie en probeert alle familieleden zich op hun gemak te laten voelen. In de tabel op bladzijde 335 staan de ontwikkelingstaken bij deze fasen. Om de geschiedenis van de familie overzichtelijk te maken. broertjes/zusjes. de aard en mate van verleden en huidige relaties. kan men gebruik maken van een diagram van de familie. is een van de eerste individuen die het gat tussen theorie.  In de tweede fase begint de evaluatie van de ouder-kind relaties en wijze waarop familieleden zich verhouden tot de interviewer. hiermee worden processen bedoeld hoe families functioneren en de interactiepatronen binnen de familie. Elke familie gaat ongeveer door dezelfde fasen van een levenscyclus. Chronologie van het leven van de familie (Satir) Hierbij wordt een interview gehouden om een gedetailleerde geschiedenis van de ontwikkeling van de familie over verschillende generaties te krijgen. Ackerman ontwikkelde een psychodynamisch model voor familie therapie. stabilisatie. Tijdens elke fasen worden families geconfronteerd met een periode van potentiële veranderingen of stressoren. Hierbij kijkt de interviewer of er bijvoorbeeld coalities ontstaan en wat de verschillende rollen binnen de familie zijn.  De derde taak gebeurt zonder kinderen. Een belangrijk element is het familie proces. inkorting. Deze bestaat uit het discussiëren over hoe de ouders elkaar hebben ontmoet. Therapeuten moeten begrijpen dat hun eigen etnische en culturele identiteit hun overtuigingen en waarden kunnen beïnvloeden en hoe dit het therapieproces kan beïnvloeden. Alle beweringen worden gewisseld en de interviewer krijgt zo een beeld van de patronen van schuld. een vroeg huwelijk. eigen ouders. genogram.com . Deze is gelijk aan het gebruik van een genogram. Nathan Ackerman. aangezien het de familie in een ontwikkelingsperspectief plaatst. Elk lid moet zijn perceptie geven van het probleem en veranderingen die zij zouden willen zien in de familie. Er zijn 7 fasen: verkering. Gestructureerd familie interview (Watzlawick)  In de eerste taak vraagt de interviewer aan ieder familielid om het hoofdprobleem aan te geven. overtuigingen en waarden van de generaties na te gaan. Een genogram omvat meestal drie tot vier generaties. Welke familie assessment techniek de therapeut gebruikt hangt af van de theoretische oriëntatie met zicht op de oorzaken van gedrag binnen de context van het familiesysteem.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch interacties tussen familieleden. onderzoek en praktijk wist te overbruggen. De therapeut kan de aard en mate van de Multi gênerationele invloeden en problemen evalueren door belangrijke gedragspatronen. definitieve partnerschap. uitbreiding. Daarnaast kan men een familie evalueren in de context van een familielevencyclus. andere belangrijke familie gebeurtenissen.  De laatste fase bestaat uit het verduidelijken van de familiedoelen voor de therapie. Onderwerpen die hierbij ter sprake komen zijn: de tijd van kindertijd tot volwassenheid.

Het observeerbare gedrag van de familie geeft de onderliggende patronen zoals verstoorde interacties en communicaties weer. Er zijn twee aspecten van communicatie: de inhoud en de metacommunicatie. 3. waardoor ze gestoord gedrag in bepaalde familieleden veroorzaken. De therapeuten binnen dit model richten zich op de manier waarop intrapsychische conflicten van de individuele familieleden interacteren in het familiesysteem. Er is soms wel overlap tussen de modellen wat betreft de theoretische concepten en de uitvoering van de behandeling. Het gaat om dit model vooral om de geschiedenis van vroegere ervaringen.com . en proberen ze de manier waarop de familie communiceert te veranderen.Stuvia. Volgens de aanhangers van dit model is het onmogelijk om niet te communiceren. 51 . Er wordt vanuit gegaan dat communicatiepatronen ontstaan door familieregels. 2. Framo. Jackson (1957) introduceerde het concept ‘family homeostasis’. Models of Family Therapy Er zijn verschillende modellen voor familietherapie. Het communicatie model Basisaanname: Het familiesysteem kan het best begrepen worden door de communicatiepatronen binnen de familie te onderzoeken. Ze focussen op de interactieve processen binnen de familie. Daarom richten ze zich op de manier waarop familieleden hun ‘berichten’ verzenden en ontvangen. doordat de therapeuten ook met elkaar praten. hij interpreteert de gedragspatronen van de individuen en de familie. volgens hem zijn deze centraal in het begrijpen van de communicatie binnen een familie. Daarnaast geeft het mogelijkheden voor gepaste methodes van communicatie voor de familie. De therapeut brengt zijn eigen professionele training naar voren om het familieproces te begrijpen. Cotherapie Deze therapie omvat een mannelijke en vrouwelijke therapeut die samen participeren in de therapie sessies. Het psychodynamische model De familie wordt gezien als een dicht relatiesysteem waarin de familieleden worden beïnvloed door de psychologische of intrapsychische kenmerken van de andere leden. Er ontstaan problemen in een relatie als de metacommunicatie onduidelijk is of als het de inhoud tegenspreekt. Het beschrijft veranderingen in een familielid in relatie tot veranderingen van andere familieleden. deze moeten veranderd worden om de problemen op te lossen. Het gaat hier bijvoorbeeld om onopgeloste conflicten uit het verleden. Jay Haley richt zich vooral op macht en controle. Men kan objectief blijven. namelijk cohesie en aanpasbaarheid. Aanpasbaarheid: mate waarin het familiesysteem flexibel is om de structuur en regels te veranderen als reactie op situationele en ontwikkelingsstress. Dit is het proces dat de interne balans van het familiefunctioneren behoudt. Daarnaast zijn ze een model voor vele rolgedragingen van sekse. Deze beoordeelt de impact van de familie omgeving op het individueel en familie functioneren. De therapeuten kunnen participant / observatoren zijn in het therapie proces. de emotionele veranderingen die plaatsvinden in familiesystemen. Hiermee worden er twee dimensies gemeten. Satir benadrukt de gevoelsaspecten van de communicatie. Speigel (1982) noemt wel 3 basisaannames van alle familiebehandelingen: 1.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Daarnaast worden er ook gestandaardiseerde instrumenten gebruik. Belangrijke personen: Ackerman. deze moeten door de therapeut herkend worden en expliciet gemaakt worden door de familie. Cohesie: mate waarin familieleden emotioneel afgescheiden of verboden zijn aan hun familie. De therapeuten binnen dit model geloven dat het veranderen van de communicatiepatronen kan zorgen voor de verandering van de relaties binnen het familiesysteem. Een andere zelfrapportage schaal is de Family Environment Scale. Een voorbeeld hiervan is Family Adaptability and Cohesion Evaluation Scale (FACES). De rol van de therapeut is neutraal. deze moeten ontdekt worden. Het voorziet in een aantal voordelen.

Deze alternatieve vormen hoeven niet per se de hiervoor genoemde verschillende theoretische modellen te zijn. 3. De grootste focus in deze behandeling is het veranderen van het gedrag van het kind door ouders te leren effectief gebruik te maken van ‘contingency management’. Er zijn verschillende subsystemen binnen een gezin. Verschillende niveaus van macht en verschillende types transactionele patronen worden geassocieerd met elk subsysteem. maar deze effecten zijn minder in vergelijking met data net na de behandeling. in groepen. Family Therapy Research Er zijn twee types onderzoek in de familie therapie: onderzoek naar de uitkomst van de therapie en onderzoek naar het proces. Het communicatiemodel heeft bijvoorbeeld veel invloed in de praktijk. De laatste tijd worden deze twee vormen ook vaak gecombineerd. Deze behandeling is voor families die zich in een crisissituatie bevinden. Daarom kan dit gedrag het beste veranderd worden door de ‘consequenties (contingencies)’ in de omgeving te veranderen. Follow-up data laten zien dat familie therapie positieve effecten geeft op de lange termijn.Stuvia. de structuur. Algemeen kunnen er 8 conclusies vermeld worden over de reviews van de familie therapieën: 1. Variation in Family Treatment Er zijn verschillende variaties in de familie therapie. Multiple family therapy In deze behandeling krijgen meerdere families tegelijk therapie. zodat ze beter met problemen om kunnen gaan. Er is weinig tot geen bewijs voor de superioriteit van familie therapie in vergelijk met andere therapieën (bijvoorbeeld individueel. Social network therapy Deze behandeling helpt families een uitgebreid ondersteunend sociaal netwerk op te bouwen.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Het structurele model Dit model benadrukt het actieve georganiseerde geheel in een familiesysteem. Het gedragsmodel Dit model is gebaseerd op de ‘social learning theory’. maar er zijn bijna geen goede studies naar de effectiviteit. met medicijnen). In het algemeen zijn de reviews van de familie therapie redelijk optimistisch over de effectiviteit. maar intense vorm van familie therapie. Multiple impact family therapy Dit is een korte. Deze structuur biedt de primaire sociale context waarin een individu functioneert. De time-out is ook een goed voorbeeld binnen deze behandeling. Zo zouden er dus ook verschillende theoretische modellen geïntegreerd worden. Dit model gaat ervan uit dat het gedrag van de individuele gezinsleden gevormd wordt en behouden blijft door gebeurtenissen in de natuurlijke omgeving. 4.com . Hij ziet de familie als een systeem dat geleid wordt door ‘onzichtbare’ eisen. Het doel van de structurele familie therapie is de verandering van de systematische structuur van de familie. 2. Wel zijn sommige theoretische modellen minder onderzocht dan anderen. gevormd door één of meer gezinsleden. Een belangrijke onderzoeker in dit model is Minuchin. Ze worden bijvoorbeeld gebruikt bij meer gespecialiseerde probleemgebieden. Duidelijke grenzen tussen de systemen zijn belangrijk voor een effectief familie functioneren. Er is weinig tot geen bewijs voor de superioriteit van één bepaalde ‘school’ familie therapie. maar de verschillende referentiekaders te integreren. 52 . Dit houdt bijvoorbeeld in dat ouders het goede gedrag van hun kind positief moeten bekrachtigen. Integrative Family Approaches Een recente trend is de poging om verschillende behandelingsstrategieën binnen de familie therapie te integreren. maar wordt er ook door beïnvloed. Dit bevordert de oriëntatie op het probleem oplossen binnen de groep. Ze zijn vaak een uitbreiding van de basismodellen van de familie therapie. Familie therapie zorgt voor een verbeterde uitkomst in vergelijking met controlegroepen. Volgens velen is het efficiënt om niet vanuit één bepaald theoretisch model te werken. Het individu beïnvloedt deze context.

instrueert om door te gaan met stelen van zijn ouders. met de intentie om de ouderlijke controle in werking te stellen). omdat het symptoom nu door de therapeut is voorgeschreven in plaats van de familie waarmee de macht of controle ook verplaatst naar de therapeut en helpt zo om het symptoom minder te benadrukken als een een bron van interpersoonlijke controle binnen de familie (bijvoorbeeld een situatie waarbij d therapeut een kind dat steelt. waardoor een verbeterde communicatie en gewenst gedrag ontstaat. daarom focussen ze op de manieren waarop familieleden 'berichten' zenden en ontvangen Binnen een familie zijn er expliciete en impliciete communicatieregels en wanneer deze onduidelijk of dubbelzinnig zijn. kunnen er problemen ontstaan. representeert communicatie. Jackson beschrijft alle communicatie uitwisselingen als symmetrisch (de personen zijn gelijk en het maakt niet uit wie er begint) of complementair (een relatie waarbij een persoon de leiding heeft en de ander volgt). Twee aspecten van communicatie:  Inhoud van wat er gezegd wordt  De boodschap die zorgt voor wat er inhoudelijk gezegd wordt (metacommunicatie) Therapeuten die werken volgens de communicatie-aanpak geloven dat het aanpassen van communicatiepatronen relaties binnen het familiesysteem kan veranderen. Jackson Naar aanleiding van zijn onderzoek bij schizofrenie patiënten en hun familie heeft Jackson het concept van familie homeostase geïntroduceerd. Twee basistechnieken van Jackson om de dysfunctionele communicatiepatronen te veranderen en de familie te helpen om de regels binnen de familie te verhelderen en te begrijpen: 1. verbaal + nonverbaal. Twee doelen van Jackson:  Het veranderen van de homeostase mechanismen die zorgen voor de dysfunctionele interactiepatronen in de familie  De regels die binnen een familiesysteem zijn verhelderen/verduidelijken Jackson richt zich op regels van het familiesysteem die voorschrijven hoe en met wie familieleden interacties hebben. Prescribing het symptoom → verplaatst de betekenis van het probleem/symptoom. 7. Positieve resultaten van familie therapie verschijnen in een relatief korte tijd (minder dan 20 sessies). ofwel de ontwikkeling van symptomatisch gedrag bij de andere familieleden. Bewijs laat zien dat voor de positieve uitkomsten in het systeem niet altijd het hele gezin aanwezig hoeft te zijn bij de sessies. Wanneer de problemen gerelateerd zijn aan conflicten binnen de familie is familie therapie even effectief en misschien meer effectief dan behandelingen die niet gericht zijn op de familie. Virginia Satir De basisaanname is dat het familiesysteem het best begrepen kan worden door de communicatiepatronen van familieleden te bestuderen.Stuvia. Met als resultaat: een druk van het systeem om terug te keren naar de vorige homeostase staat. Jay Haley. het is onmogelijk om niet te communiceren (ook stiltes of weigeren te antwoorden hebben een doel). Her-labelen (relabeling) → positieve aspecten van gedrag benadrukken en daarmee mogelijke negatieve interpretatie van het gedrag te verminderen (bijvoorbeeld het her-labelen van te controlerend gedrag van een moeder als 'bezorgd zijn' om haar kinderen).com . 2. Dus: verandering in gedrag bij 1 familielid kan zorgen voor een disbalans van het systeem en daardoor het gedrag beïnvloeden van de andere familieleden in het systeem. 8. Het beschrijft de relaties van veranderingen bij 1 familielid met de veranderingen van van andere familieleden. door ofwel veranderend gedrag van de patiënt. Met homeostase wordt het proces bedoeld dat de interne balans van het familie functioneren in stand houdt. De nadruk ligt op de relatie tussen de zender en ontvanger en niet op de inhoud van het bericht.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch 5. 6. Familie therapie lijkt positieve effecten te hebben zowel op de ‘geïdentificeerde patiënt’ als op het familie systeem als geheel. 53 . Doel van de therapie is dan ook om de familieregels te verhelderen. Op blz 338 en 339 staat een goed overzicht van de verschillende theoretische kaders! Communications Approach Namen bij deze aanpak: Don Jackson. Al het gedrag.

Minuchin gaat er vanuit dat familie een systeem is dat geleid wordt door een onzichtbare structuur. helpen om de familie te laten ontdekken wat de regels van communicatie zijn. Families proberen de therapeut te manipuleren om zo hun homeostase balans te behouden en daarmee verandering tegengaan. Haley zegt: het is beter als je thuis blijft van school omdat het fijn is als het kind gewoon lekker thuis is. Dysfunctie komt voor bij families wanneer de communicatie incongruent (niet passend) is. Als de grenzen vervagen (bijvoorbeeld: kind mag in subsysteem ouders) dan kan de familie niet meer effectief functioneren. Satir Zij benadrukt de gevoelsaspecten van communicatie en is vooral betrokken bij emotionele uitwisselingen die voorkomen in familiesystemen. moeder/dochter of gebaseerd op interesse. Voor effectief familie functioneren is het belangrijk dat de grenzen van de subsystemen duidelijk zijn (dwz wie deelneemt en hoe deelname plaatsvindt in de subsystemen). Omdat de familie de controle wilt houden. die zorgt voor de sociale context waarin een individu functioneert en het individu wordt beïnvloed door die sociale context.). Echter. om het ongelijk van de therapeut te bewijzen. tussen de familie en de therapeut. De aanpak van Haley wordt nu strategic family therapy genoemd. met als resultaat dat de therapeut een actieve rol moet nemen in de sessies en methodes moet gebruiken die bestand zijn tegen de controlerende manoeuvres van de familie. gevolgd door de reactie van de familieleden op deze veranderingen. Volgens Haley is het essentieel voor de therapeut om de controle te houden als de familietherapie succesvol is. generatie etc. In plaats van de familie te helpen om effectiever te communiceren. De familieleden moeten dan bijvoorbeeld met behulp van foto's zichzelf en anderen letterlijk een plaats geven binnen de familie.com . omdat symptomen worden gezien als een strategie die familieleden gebruiken om met relaties in het systeem om te gaan. Sculpting is een manier om familieleden te helpen leren over de patronen en emotionele relaties met elkaar. Macht en controle staan centraal om communicatie te begrijpen. Macht en controle staat ook centraal in de therapeutische relatie. The Structural Approach Naam horend bij deze aanpak: Salvador Minuchin De structurele aanpak benadrukt de actief georganiseerde 'heelheid' (wholeness) van het familiesysteem. Therapeut volgens Satir: leraar&rolmodel van effecteve communicatie. Dus familieleden moet leren om heldere berichten te geven & ontvangen. maar beïnvloedt de sociale context zelf ook. 54 . maar bovenal de machtsstrijden binnen de relaties van familieleden. vervolgens wordt gevraagd wat iedereen van zijn plaats vindt en kan de therapeut de sculptor aanmoedigen om familieleden te verplaatsen naar plaatsen die zij graag willen en dan de redenen voor deze veranderingen bespreken. zal deze het kind juist naar school sturen en zo wordt het gedrag veranderd. is zijn doel in therapie om te helpen realiseren dat ze zich begeven in een machtsstrijd. Subsystemen bevatten 1 of meer individuen (bijvoorbeeld vader/zoon. functioneren. Familietherapie is volgens Haley een plek om familieleden andere methodes te leren om relaties te definiëren zodat symptomatische gedragingen verdwijnen.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Haley Net als Jackson nadruk op communicatie binnen de familie. Elk subsysteem heeft andere niveaus van macht en verschillende soorten transactionele patronen. als grenzen te streng zijn dan is communicatie tussen de subsystemen moeilijk en is de familie niet meer een geheel. Incongruente communicatie ontstaat wanneer de inhoud van het bericht en de metacommunicatie aspecten van het bericht niet overeenkomen. hierbij wordt vaak verteld om een bepaald gedrag te stoppen  De familie vertellen wat ze moeten doen wanneer de therapeut niet wil dat ze de aanwijzingen volgen (dat wordt gegeven met de aanname dat de familie zich hiertegen zal verzetten en daardoor hun gedragspatronen zullen veranderen) Een voorbeeld ter verduidelijking: een familie met een kind met een schoolfobie.Stuvia. Haley gebruikt 2 soorten richtlijnen waarbij de therapeut specifieke taken toeschrijft aan de familie om buiten de sessies te volgen:  Therapeut vertelt de familie wat ze moeten doen. Doel therapie: familieleden leren om voor zichzelf te spreken en om zo duidelijk mogen te zeggen wat zij denken en voelen om zo meningsverschillen naar buiten te brengen.

350 geeft een overzicht weer van de stappen die Weatherman en Liberman (1975) hebben ontwikkeld in een programma voor het helpen van families om in een korte tijd een contingentie contract op te stellen. Basiscomponenten die in veel training programma's toegepast worden: ouders wordt geleerd om probleemgedrag objectief te definiëren om vervolgens de voorafgaande gebeurtenissen en vervolgen te analyseren (ABC). Door de cyclus van coercion en negatief gedrag te doorbreken. hierdoor zal het negatieve gedrag niet meteen minder zijn. gedragsoefeningen en feedback.2 op blz. daarom wordt er vaak gewerkt met een contingentie contract (wie wat doet tegen wie en onder welke omstandigheden de gedragingen voor moeten komen). Evaluatie van de familiestructuur 3. Onaangepast gedrag wordt gezien als het resultaat van interacties van familieleden door coercive of reciprocal relaties. modeling. Figuur 8. Bij ernstig disruptief gedrag wordt vaak een time-out gegeven (isoleren van het kind) als andere interventies niet gewerkt hebben.com . terwijl bij reciprocale relaties 2 mensen elkaar positief versterken op een gelijke manier. waarbij de familieleden huiswerk krijgen (bijvoorbeeld een kind dat de oudertaak op zich heeft gekregen moet naar de bioscoop met vrienden in plaats van op broertjes/zusjes te passen of een moeder die niet betrokken is bij haar dochter gaat haar dochter leren koken). Bij adolescenten is het belangrijk om te weten dat zij actiever bij de therapie betrokken zijn.Stuvia.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Doel van structurele familietherapie: transformatie van de systematische structuur van de familie. zodat ze constant in de gaten houden hoe effectief de training is. en een zwakke subsysteem grens die kinderen aanmoedigen om zich te bemoeien met ouderlijke conflicten. Naast het contingentie contract is er ook een contracting game met de volgende stappen:  bespreken van specifieke ongewenste probleemgedragingen  voorstellen van gewenste gedragingen die in plaats van het ongewenste gedrag zouden kunnen worden geplaatst  contingente versterking van gewenste gedragingen  bijhouden van hoe vaak de ongewenste gedragingen nog voorkomen Variation in family treatment 55 . Vijf basiskarakteristieken die gevonden zijn bij families waarbij kinderen psychosomatische stoornissen hebben: verstrikt raken van familieleden. De ouder-training programma's zijn dus belangrijk binnen deze aanpak. volgens Minuchin door 3 stappen: 1. verminderen de oppositionele en agressieve gedragingen. Bij coercive relaties geven de familieleden negatief versterkende reacties om zo het gedrag van de anderen te controleren. Therapeut wordt onderdeel van verschilende subsystemen 2. rollenspellen. Creëren van omstandigheden die transformatie van de structuur toestaan. stijfheid tussen de subsystemen. tijdens de therapie wordt de familie dan aangemoedigd om interacties met elkaar te hebben De familiestructuur kan ook aangepakt worden met behulp van taken. The Behavioral Approach (gebaseerd op sociale leertheorie) Gedrag van individuele familieleden is gevormd en wordt in stand gehouden door gebeurtenissen in de omgeving en kan daardoor het best veranderd worden door de omgeving aan te passen. De belangrijkste techniek om meer verlangd gedrag te zien is om positief te bekrachtigen en dan vooral sociale versterkingen (bijvoorbeeld prijzen). maar is het makkelijker voor de ouders om aandacht te geven aan gewenst gedrag).Verder leren ze om te monitoren en de frequentie of duur van het gedrag bij de houden. Dit soort contracten zijn zinvol. daardoor worden de ouders als co-therapeuten beschouwd. Ouder-training technieken: instructie. door de patronen van interacties van de familie aan te passen. overbeschermende ouders. De training zelf benadrukt het belang van helder en duidelijk zijn en vooral consequent zijn. Er wordt ouders geleerd om de gebeurtenissen die voorafgaan aan negatief gedrag te veranderen om zo pro-sociaal gedrag te vergroten (bijvoorbeeld door minder bevelen te geven. aangezien ze de verlangens en verwachtingen van de familieleden expliciteren. lage drempel voor conflicten op te lossen. Hierbij wordt de familie als hebbende de grootste controle over de omgeving van het kind.

Bij deze vorm van therapie worden familieleden. strategische.t. buren. Multiple family therapy Vier tot zes families komen wekelijks bijeen voor een sessie. Op de eerste dag worden er interviews afgenomen. vrienden. Outcome research: doel is het beantwoorden van vragen met betrekking tot wat er gebeurt met de familie na het afronden van de therapie. Gedurende een aantal maanden kan de familie hun problemen aan hen voorleggen. omdat ze zien dat zij niet de enige zijn die problemen ervaren. bijeen gebracht om de familie te leren hun problemen op een goede manier op te lossen. en familie gedragstherapieën hetzelfde zijn op bepaalde gebieden. Aan het eind van de tweede dag worden de observaties besproken en worden er aanbevelingen geven over hoe problemen in de toekomst door de familie opgelost kunnen worden. zowel met de gehele familie als met de individuen apart. ontstaan van problemen. het veranderen van gedragsprocessen en cognitieve processen. Voorstanders van deze benadering zijn van mening dat de families nieuwe strategieën leren om conflicten op te lossen door naar andere families te kijken. wat resulteert in een grotere betrokkenheid bij de therapie. Intergrative family approaches Een recente trend met betrekking tot familietherapie is een poging tot het integreren van interventiestrategieën van vergelijkbare theoretische modellen van familiebehandelingen. Process research: onderzoekt wat er gebeurt tijdens de therapie. Social network therapy Volgens sommige therapeuten kunnen disfunctionele familierelaties ontstaan door problemen in de adaptatie van snelle sociale veranderingen en door het niet ontvangen van steun uit de omgeving. mensen van school / werk etc. Zij discussiëren dan over mogelijke oplossingen voor de problemen. zoals inter-persoonlijke interacties. maar deze positieve resultaten verminderen wanneer het vergeleken wordt met nametingen  Familie therapie heeft positieve effecten op zowel het individu waar het in eerste instantie om draait als de rest van de familie  Positieve resultaten ontstaan in redelijke korte tijd  Familie therapie is net zo effectief en mogelijk iets effectiever dan benaderingen die geen betrekking hebben op de rest van de familie 56 . Verder zouden families minder opkijken tegen de sessies. Pierce en Frankel (1989) suggereerden dat structurele.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Samenvatting Behandeling 2012: Boek Monch Het laatste decennium zijn er verschillende variaties van familietherapie ontwikkeld.com .Stuvia.b. familietherapie: outcome research en process research. huiswerk. veroorzaakt door interacties in plaats van individueel disfunctioneren. Multiple impact family therapy Multiple impact family therapy gaat er vanuit dat familieleden die een crisis ervaren er maximaal voor open staan om de disfunctionele gedragingen te veranderen. Deze benaderingen zijn een uitbreiding van de basismodellen die betrekking hebben op familietherapie en zijn ontwikkeld voor de meer specifieke probleemgebieden en cliënt populaties. In deze methode werkt een multidisciplinair team 2 dagen met een familie. Onder andere het volgende wordt hierover geconcludeerd:  Er is weinig tot geen bewijs dat familietherapie beter werkt dan andere therapeutische vormen  Familietherapie toont positieve resultaten. Er worden vervolgens een aantal reviews beschreven. Family therapy research Twee typen van onderzoek m.

You're Reading a Free Preview

Download
scribd
/*********** DO NOT ALTER ANYTHING BELOW THIS LINE ! ************/ var s_code=s.t();if(s_code)document.write(s_code)//-->