P. 1
Bedreiging en Bescherming I deel II

Bedreiging en Bescherming I deel II

|Views: 3|Likes:
Published by Stuvia.com

More info:

Published by: Stuvia.com on Jul 19, 2013
Copyright:Traditional Copyright: All rights reserved
List Price: $2.60 Buy Now

Availability:

Read on Scribd mobile: iPhone, iPad and Android.
See more
See less

08/08/2014

$2.60

USD

pdf

Bedreiging en Bescherming I deel II

by

MarleenvdWoude

The Marketplace to Buy and Sell your Study Material
Buy and sell all your summaries, notes, theses, essays, papers, cases, manuals, researches, and many more..

www.stuvia.com

coli en Proteus mirabilis . Ze hebben dit dan ook niet nodig. Bijvoorbeeld kliertjes en haarzakjes.Goede sanitaire voorzieningen . Waardoor komen urineweginfecties (blaasontsteking) vaker bij vrouwen dan bij mannen voor? De urinebuis van de vrouw is veel korter. Kunnen een aantal dagen overleven.Schade of verwonding bij de gastheer die normaal functioneren van de gastheer belemmert. Urogenitale stelsel: Specifieke microflora: .Transiënte flora: Gram negatieve bacteriën. Overmacht aan potentieel gevaar. De huid: Onneembare vesting.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Mens microbe interacties Hoe is de interactie met de gastheer? . De kans op infectieziekten verlagen: . . muscuslaag. antibacteriele peptiden (klein en apolair kunnen in het membraan gaan zitten) en onderlinge competities is het geen ideale plek. .Menselijk lichaam bestaat uit +/. op bepaalde stukjes na. .Residente flora: Wonen op de huid: Vaak gram positieve bacteriën. Lichaam is de ideale woonplaats en voedselbron voor microben.Urine buis: E. Bacterien op tanden kunnen heel goed quorum sensing. Biofilms: Tandplak: Dichte laagjes van bacteriën.Aantal micro-organismen op en in ons lichaam +/.Ademhalingsstelsel . Peptidoglycaan laag beschermt ze tegen uitdroging.Zweetkliertjes/haarzakjes Waarom op deze plekken? Specifieke flora en gecontroleerde aantallen.Dit hoeft niet schadelijk te zijn voor de gastheer Ziekte (infectieziekte): .Schoon drinkwater en voedsel .109 cellen.Kolonisatie door en groei van een micro-organisme in een gastheer . Bepaald door specifieke eigenschappen van de kolonisatie plek (gastheer).com .1012 cellen . .Een ondoordringbare huis Interacties met de omgeving: Plaatsen van interacties tussen gastheer en microben: .Goede gezondheidszorg .Schadelijke mens-microbe interacties .Afweer mechanismen van de mens 17-01-12 Infecties Infectie: .Stuvia.Virulentie factoren en toxinen . Merendeel totale biomassa op aarde bestaat uit micro-organismen (zeer nuttig. Maar door trilhaartjes.Spijsverteringsstelsel . neusholte en keel lijkt een ware dierentuin aan bacterie soorten.Vagina: Lactobacillus acidophilus Normaal gesproken is de blaas steriel. . Vanaf de huid langs een haar naar binnen bewegen. De onderste laagjes hebben geen zuurstof tot de beschikking. Ademhalingsstelsel: Mond.Mens-microbe interacties . Echter het blijkt een zeer specifieke anaerobe flora te zijn. Ze kunnen dus makkelijker doordringen tot de blaas.

Aantal bacterie cellen o Maag. Tussen de epitheelcellen liggen cellen die mucus maken. kanker. Slijmvliezen: Één enkele laag.Stress . .Trilhaartjes . Verstoring balans door: .com . Soms hebben we voordeel bij bacteriën. . lymfe en zenuwstelsel.Complexe.Ziekten (griep. niet in bloed.Rijping van het Immuun systeem Schadelijke mens microbe interacties: Mens  Microbe  Infectie Mens  Pathogeen  Infectieziekte Weerstand verlaagd  Pathogeen  Infectieziekte. Bijvoorbeeld enzymen. De bacteriën die er wonen in het lumen van de darm zitten heb je het over infectie. slijmproductie. o Jejunum: 0-104/g o Ileum: 105-107/g o Colon: 1012/g De maag is normaal steriel (behalve 1 bacterie).Stuvia. hart/vaatziekten.Hoeven niet schadelijk te zijn. en er licht geen laag met dode cellen op. fagocyten. Bij infectieziekten vind je het pathogeen vaak terug in de slijmvliezen. maar specifieke microflora (persoons en leeftijdsgebonden) .The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Spijsverteringsstelsel: . Vaak in de darmen is dit het geval. .Warmte ontwikkeling .Voorwaarden: Extracellulair. Gastheer-microbe interacties: . aids) . Het is de plaats voor infectieziekten: Het is een dunne laag.Leeftijd . Inperking van aantal bacteriën: . . Balans (weerstand): Niet-specifieke weerstand: Innate immuunsysteem.Antibacteriele peptides/antilichamen.Trauma (lichamelijk) Gevolg: Schadelijke interacties met zowel de commensale flora (oppurtunisten) als met bacteriën van buitenaf (pathogenen). duodenum: 0 g.Dieet .Detoxificatie: Afvalstoffen gebruiken en verwijderen uit onze darm. soms twee of drie lagen.Loslaten van mucus laag .

komt LPS vrij. Agar + 5% schapenbloed. Maakt deel uit van de celwand. Ook handig voor ontsnappen aan fagocyten. Hoog virulent: Een kleine hoeveelheid cellen is al genoeg om alle muizen te doden.Endotoxines: LPS layer. sugars.Bloodstelling . O-antigen/antigenic variation. Lipid A. Exotoxines: Toxische eiwitten die door bacteriën uitgescheiden worden tijdens groei. Virulentie factoren en toxines: Eigenschappen van ziekteverwekkers in staat zijn om een gastheer ziek te maken. B-deel hecht aan de cel en zorgt dat het Adeel de cel binnen kan komen. Als een bacterie deze toxines maakt krijg je een heldere zone.Aanhechting . Inhibit protein synthesis. o Superantigene toxines: Stimulating large numbers of immune cells. o De A-B toxines: Bestaan uit A en B deel. Toxines: . Laag virulent: Een grote hoeveelheid cellen is nodig om alle muizen te doden.Stuvia. A-deel is het effector molecuul.com . Voedsel vergiftiging: Overleven in voedsel. Virulentie: De mate van pathogeniciteit geproduceerd door een pathogeen.Koloniseren en groeien Pathogeniciteit: De mogelijkheid van een parasiet om schade aan te brengen aan een gastheer. De gastheer heeft hier niet zo’n last van als het nog leeft. je wordt ziek door toxines.Door het epitheel heen . Wanneer het kapsel aanwezig is is een facocyte niet echt in staat aan te hechten aan de bacterie. Kapsel: Handig voor aanhechting aan epitheel cellen. Celmembraan van de gastheer wordt kapot gemaakt waardoor de cel lyseert. maken toxines.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Stappen in pathogenese van infectieziekten: . causing changes in intestinal permeability that lead to diarrhea. Enterotoxines are exotoxins that specifically affect the small intestine. Veel pathogenen die in je darmen leven zijn in staat om ze te maken. Pas als de bacteriën dood gaan. o Cytolytische toxines: Hemolysine. - .

Darmflora in ziekte (pathogenen) . 1014 bacteriën = 1 a 1. Per dag kan je wel 10 L water verliezen. weinig bacteriën. Waar komen de meeste darmbacteriën voor: Maag: Meestal weinig of geen bacteriën.coli. Bacteriën: Komen overal voor.Waar komen de meeste darmbacteriën voor? . Steroiden metabolisme. Metabolisme van galzuren Samenstelling: Beïnvloedt hoeveelheid gas en geur. . . Geurproductie: H2S. Bacteroidetes. .Stabiele samenstelling Wat is de rol van darmflora: Vitamine synthese: B1. Leven met en zonder O2. H2. amines. enorm grote aantallen. NH3. Darmflora pasgeborenen: . Proteobacteria > 1000 soorten (ookwel: Old Friends).Steriel bij geboorte .Kolonisatie met bacteriën (moeder). nieuwe pathogenen (behoefte aan klassificatie).Nieuwe inzichten . B12.nl Hoofdstuk 26 en 27. Dunne darm: Duodenum: Lage pH. de cel komt dus in een andere staat. Hierdoor gaan de NA+ kanalen dicht en de carbonaat kanalen gaan open. E.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Cholera toxines: B-deel bindt aan receptor (GM1). 2 componenten: . eiwitten. CH4. Actinobacteria. Organische zuren Ammonia. het water gaat dus ook verdwijnen. A.Wat is de rol van darmflora? . Darmflora in gezondheid en ziekte Tam. Darmflora > 1000 soorten Mens: 1013 cellen.Aerobe flora: Veel soorten.deel gaat naar binnen en werkt op Adenyl cyclase.Wat is darmflora? . skatole.Anaerobe flora: Veel soorten.com . enorm veel soorten. Darmflora: Adequate afweer tegen indringers nodig.Eerst eenvoudige samenstelling . K.5 kg.hekker@vumc. . indol. Vooral in colon. Darm: Aantal bacteriën neemt toe naar distaal. Jejunum/ileum: Hogere pH. toxines. Zouten verplaatsen zich naar buiten. Met O2 zelf dood. meer bacteriën.Stuvia. ureum. minderheid pathogeen voor mens (toch nog vrij veel soorten). B2. Dikke darm: Enorme aantallen. waren er eerst en zullen er altijd zijn.Antimicrobiële middelen 18-01-12 Wat is darmflora: Flora: Vooral bacteriën. Leven zonder zuurstof. Lichaamseigen (commensalen): Firmicutes. B61. Hierdoor een verhoging van cyclisch AMP. Gasproductie: CO2.Met leeftijd ~ volwassene .

Bij al deze ziektes wordt gedacht dat darmflora een belangrijke rol speelt.Moderne technieken: Op basis van DNA sequenties (PCR) . Colorectaal carcinoom: Darmkanker. Veel toepassingen denkbaar: . bloedkweekjes .Bacteriën . Voorkomen diarree. Darmflora veranderd met het dieetpatroon mee. als in balans dan optimaal. Betere naam: Darm microbiota. Deze hebben DNA specifieke sequentie (tussen 16S en 23S). o Voorkomt ziekenhuisinfecties net zo goed als chloorhexidine Prebiotica: . Bestand tegen zuur en gal. In balans houden darmflora? Immunomodulatie? Preventie (darm)infecties? Zitten in bepaalde drankjes.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Het bezet alle plaatsen en produceerd bacteriocines. We weten de oorzaak niet. Irritable bowel syndrome: Spastische darm.Slecht verteerbare zetmeelfracties . Obesitas. groente (vooral knolgewassen).com . fruit. Pathogene micro-organismen uit/in de darm: . Wel veel klachten. Bijvoorbeeld actimel en yakult.Stuvia. D. roggebrood.Virussen .Niet allemaal kweekbaar! .Ontsmettingsmiddel o Beademde patiënten krijgen Lactobacillus plantarum 299.DNA sequenties: Zeer kostbaar en arbeidsintensief 2 hoofdgroepen bacteriën.Essentieel orgaan Darmflora en ziekte: Inflammatoire darmziekten: Auto-immuunziekte (IBD).Gisten Ook kunnen ze uit de darm naar andere systemen komen. Hechten darmslijmvlies.m.v een fluorescerend label kan er gekeken worden naar de bacteriën in de darmen  IS-Pro.Parasieten . peulvruchten. Belangrijkste beschermende rol: Anaeroben  Kolonisatieweerstand. Wordt geadviseerd voor het voorkomen van diarree bij antibiotica kuur.Voedingsvezels (minstens 40gram/dag nodig) . Nieuwe inzichten: Heel veel soorten: . . Ook wordt er gedacht dat darmflora kunnen helpen bij het genezen / verminderen van de ziekte.Eigen ecosysteem .Bacteriegemeenschappen.Niet verteerbare koolhydraten Dus: Volkoren producten. . Veilig. Feces monster. haver. Probiotica: Lactobascillen: Zit in de darmen.

perforatie  Kunnen gaten in de darmwand komen.Honden kunnen getraind worden de infectie bij patiënten te ruiken. Antibiotica: Alexander Fleming 1928 bij toeval schimmelproduct. Meestal in de mond. shock.Stuvia.Amoebe . 20% Norovirus: Gematigd klimaat. .Acute diarree.com . .Probleem in ziekenhuizen  Ernstig ziektebeeld  Pseudomembraneuze colitis. Veroorzaakt buikgriep. en kan het antibioticum hier komen? .Virulentere stam (O27).Kan tot normale darmflora behoren (standaard bij paarden).Zeer besmettelijk. Stomatitis. penicilline. Zeer besmettelijk. . Gisten: Geven niet echt een infectie in de darmen. Hierdoor gaat de bacterie toxines produceren.Dikke darm Rotavirus: Vooral voor kinderen een probleem.Gram positieve staven: Boven en onder vormen ze tennisracket (sporen). . maagzuurremmers. . 1890 al gezien: Maar niet beschreven. .The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Clostridium difficile: . Wat voor werking heeft het middel? Wat voor bijwerking heeft het middel? Waar zit het microorganimse. Parasiet: Protozoa: Entamouba histolytica . . en kan zich hierdoor langs staande houden. vaginale candidiasis.Toxine product: A&B enterotoxine.Darmflora verstoord door antibiotica. tegen stafyokokken. . korte incubatietijd.

distributie en controleren van ziektes in de populatie  volksgezondheid.Beta-lactam antibiotica: Zijn de penicillines. Resistentie: Enzymatische afbraak door betalactamases. Epidemioloog: Maatschappij.Stuvia. Epidemiologie: .Coevolutie . Hoe verspreidt het zich. het mechanisme van ziekte. Op de celwand zitten eiwitten die penicilline kunnen binden.com . en gaat het naar binnen.Begrippen van de epidemiologie . Als de celwand niet goed gemaakt wordt valt de bacterie uit elkaar en zal doodgaan. DNA-gyrase remmers.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material De grootste en belangrijkste groep: Cell wall synthesis.Is selectief: Peptidoglycaan aanwezig is nodig. .Een pandemie: aids .Maatregelen Begrippen: Epidemiologie: Studie van het voorkomen. 20-01-12 . welke risicogroepen zijn er. Cell wall synthesis: Werken via PbP’s. Het werkt alleen als de bacterie ook groeit. . Epidemioloog: Onderzoekt hoe een ziekte zich verspreidt om zo de oorsprong en wijze van transmissie te identificeren.Strategie bij een uitbraak . (bactericide).Bacterie dodend. Kijken op het niveau van 1 gastheer 1 pathogeen. Als hij in rustfase is zal het niet werken. . Verschil microbioloog/epidemioloog: Microbioloog: Behandeld patiënten. Epidemiologie en Diagnostiek Hoofdstuk 32 en 31. Wat is nodig om te voorkomen dat mensen ziek worden. sommige zijn beta lactamase stabiel. Eiwitremmers: Grofweg weten hoe het werkt. Zo bindt het.

com . snelle groei in het lichaa. Virus: H1N1. Gunstiger voor een pathogeen: Hoge morbiditeit is gunstiger.Opkomst bruine rat (geen gastheer voor mensenvlooien?) . Virus of Bacterie maakt niet uit.Overlijden 3-5 dagen na besmetting. . betere sanitaire voorzieningen. De longpest: In de longen. Mortaliteit: Incidentie van doden in de populatie als gevolg van een bepaalde infectieziekte. De pest: Infectiebron: Vlo (springt over naar de zwarte rat). Sepsis: In het bloed en veroorzaken bloedingen. . Reizen. Pandemie: Epidemie wereldwijd. Definieert de gezondheid van een bepaalde populatie nauwkeuriger dan mortaliteit. Afname van grafiek: Veel minder mensen worden ziek door infectieziekten.Reservoir? .  Gemeenschappelijke bron. en dus het pathogeen dood. Langdurig aanwezig in de gastheer.Maatrgelen? Transmissie: Direct: Gastheer naar Gastheer (nauw contact).Veroorzaker (bacterie. Incidentie: Aantal nieuwe zieke mensen in een populatie in bepaalde tijdsperiode. Dit verschilt per ziekte. Endemisch: In een bepaald gebied onder de bevolking heersen. Oorzaken: . Indirect: Via vector. Na 1980: Nieuwe toename in grafiek. cytotoxisch. Hoogtepunt: 14e eeuw. Lage incidentie. 25 miljoen doden op totale bevolking. Reservoir: De zwarte rat Gigantische impact op de maatschappij.Zeer besmettelijk. Epidemie: Boven een bepaalde norm. parasiet)? . Als dit omhoog gaat is er sprake van een uitbraak. Juist terwijl wij in het westen een goed medicijn tegen hebben. Levend (carrier) Dood (formite).The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Prevalentie: Aantal zieke mensen in een populatie in bepaalde tijdsperiode (totale ziektelast). Spaanse griep: Tussen 1918 en 1919: Tussen 20-100 miljoen doden.Stuvia. eind 17e eeuw. Resistentie tegen middelen.  Besmettelijk. Hoge mortaliteit = hoge virulentie.Infectiebron? . anders gaat de gastheer dood. Infectieziekten zijn nog steeds de belangrijkste doodsoorzaak. De builenpest: Lymfeklieren zwellen op. Coevolutie: Tussen gastheer en pathogeen.50-75% van de bevolking overleed . Voornamelijk Acute ademhalingsziekten en ziektes die diarree veroorzaken. Kan ook komen door resistentie van de gastheer tegen de ziekte. virus. Betere gezondheidszorg. Vergrijzing.Betere hygiëne. Snelle afname. Morbiditeit: Incidentie van zieken in de populatie van zowel fatale als niet-fatale infectieziekten. Strategie bij een uitbraak: . .

. In bloed verwacht je geen bacteriën. Reservoirs: In andere dieren of insecten te overleven. De epitheelcellen raken beschadigd. Dan is het een gemengde infectie.b. Mono-infecties bestaan eigenlijk niet. Keelholte: Difterie.Kans op overdracht: Contact. Infectiebron: Waterdruppeltjes in de lucht Reservoir: Mens Diagnose: Sample op selectieve media. Welke factoren zijn van belang v. Dus wanneer niet geïnfecteerd met bacteriofaag veroorzaakt het ook geen difterie. o Upper and Lower tract  Verschillende omgeving  Verschil in epitheel oppervlaktemoleculen  Verschillende micro-organismen. . .Via de lucht: Virus deeltjes worden opgenomen door epitheel cellen. Ook de commensale flora kan dan problemen geven. Lepra: In de middeleeuwen veel voorkomende ziekte in Europa. Als er 1 binnendringt wordt de kans verhoogd op nog 1 die binnendringt. Niet voldoende om alle besmette gastheren immuun te maken. Losse aminozuren kunnen niet meer worden opgezet door het tRNA. . 1 toxine molecuul kan 1 cel doden Verspreidt zich via lymphe en bloed. Bloeding bij aanraken. Kudde-immuniteit: Zodra meer dan 70%. Diagnostiek Gaat over welke ziekteverwekker de patient ziek maakt. Karakteristieke pseudomembranen in keel. Het toxine verandert EF-2.w.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material - Mutatie van pestbacil in een mindere virulente soort. de plaats waar de pathogeen terechtkomt? o Sneldheid waarmee ingeademde lucht zich verplaatst. Veroorzaker: Corynebacterium Diphteriae. Opzwellen van larynx kan tot verstikking lijden. kleine later. Alleen deze bacterie groeit erop. Na middeleeuwen plotseling verdwenen? Oorzaak: . en hoe te behandelen.Opkomst van tuberculose (immuniteit tegen tbc beschermt ook tegen lepra).Stuvia. Laag in het tract is de snelheid lager.Aantal primaire infectiehaarden: Kunnen overgeven aan nieuwe gastheren.com .Kans op infectie: Virulentie pathogeen. Kudde immuniteit: . Toxineproductie: Na bacteriofaag Beta infectie. En dat begint meestal met isolatie. Er komen openingen in het epitheel waardoor andere ziekteverwekkers binnen kunnen komen. De rest niet. En gaan zo in de gastheercellen zitten. 1 Bacterie kan 5000 exotoxine moleculen per uur produceren (A-B exotoxine). Grote deeltjes hechten eerst. Ziekten Microbial diseases: Enkele voorbeelden Hoofdstuk 33-36 25-01-12 Transmission: Direct: Gastheer naar gastheer (H34).

Anti-toxine: Antistoffen tegen het toxine. Ziekig gevoel. Chlamydia: . . hoe intensivere behandeling met antibiotica nodig is.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Maatregelen: Vaccineren (DKTP). Het is niet blijvend. Man: Pijnlijke infectie van urinebuis. Bij vrouwen: Kan asymptomatisch voorkomen. Sexueel overdraagbare ziekten: Gonorrhea: Gram-negative. Behandeling mogelijk. Gevoelig voor: Uitdroging en zonlicht. hart. Reticulate body: Aangepast aan leven in de cel. Antigenic switch (andere suiker op het oppervlak). Immuniteit bestaat niet.com . Teriaire syphilis: Hoe verder je komt. Deze kunnen zich delen.Stuvia. Diplococcen. Ze ontlopen daardoor het immuunsysteem. Symptomen: Vrouw & Man: Blaarachtige zweren Penicilline. Er zijn een heleboel serotypes van. Primary syphilis: Lymfeklieren zwellen op. Waarom hoge incidentie Gonorrhea? 1. Hierbij vindt ook overdracht plaats. Syphilis: Erg gevoelig voor uitdroging en zonlicht. Toenemende resistentie tegen penicilline. Door de hogere pH kan de gonorrhea beter overleven. Door vermenigvuldiging. A. geen condoom. Het gebruik van penicilline werd ook in die tijd toegepast. gentamycine). 2. Wel antibodies. Pathogenese: Vrouwen: Ontstoken eileiders. Bij een zwangere vrouw kan de baby bij geboorte de bacterie krijgen en een ziekte aan z’n ogen krijgen. Hier kan je aan overlijden. Deze antistoffen hoef je dus niet meer zelf te maken. Geen effectieve immuniteit. antitoxine. en veranderen naar elementary bodies. Antibioticum (penicilline. Zenuwen worden aangetast. Gebruik van de pil (pH vagina hoger. Worden opgenomen en differentiëren. Pathogenesis: Er zijn periodes waarin je niet merkt dat je besmet bent. maar daarna weer een toename.Heeft een aparte levenscyclus en is niet echt gram negatief of positief. Kunnen dus overbrengen zonder dat ze het weten. Elk type slijmvlies kan worden besmet. Je kan er onvruchtbaar van worden. Veroorzaker van druiper. normen). hierdoor kan het niet meer aan het celmembraan hechten. Ze binden aan het toxine. Hechten aan. maar zit nog wel in je lichaam. Levenscyclus: Elementary bodies: Geadapteerd aan overleven buiten gastheercellen. 3. Bij gonorrhea is een kleine daling waar te nemen. Symptomen in vrouw mild. Een antistof tegen het ene serotype werkt niet op het andere serotype. erythromycine. Hersenen. Stijging in gonorrhea en syphilis: Eind tweede wereldoorlog. Behandeling mogelijk. Heeft alleen nut als het vooraf wordt gegeven.B en C: Gevonden bij oog infecties van pasgeboren kinderen. Symptomen: Vrouw: Mild.Meest voorkomen seksueel overdraagbare aandoening. Verschil tussen vaccin en anti-toxine: Vaccin is verzwakte ziekteverwekker. aan de gastheercel. Na de toepassing is de incidentie van syphilis gedaald. want je hebt zelf geen antistoffen. Bacterie gaat op reis door je lichaam. . Secondary syphilis: Zweertjes gaan weer weg. D en K: Onvruchtbaarheid en buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Alleen intracellulair groeien.Heel klein en gram-negatief achtig (geen buitenmembraan). . Griepachtig.

LVG: Zwelling van lympfe klieren in seksueel actieve personen. vaccinatie (DKTP).Maatregelen: “teekplekken” mijden. Het begint als griep.Tweede stadium: Chronische infectie. Vaker op vakantie. Arthropod-transmitted diseases  Lyme 3. Recreatie in de natuur. hart beschadiging o Intraceneuse toediening van specifieke antibiotica . Gevolgen: Vroeggeboorte/abortus Pathogeniciteit hoofdzakelijk door overleving en vermeigvuldiging in fagocyten  Verspreiding door lichaam.  Tetanus Ziekte van lyme: . Soilborne diseases. wilde dieren . Behandeling: Beta-lactam familie werkt er niet op. Epidemiologie: Komt steeds vaker voor. Vaak gaat het gepaard met andere SOA’s. Voor beweging: Maken gebruik van cytoskelet van de cel. Kans op besmetting door het eten van rauwe melkproducten. jezelf controleren op teken. Teek Mens is toevallige voorbijganger. Teek  Muis en terug.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material L1. Listeria monocytogenes Gram-positief. . huid zoveel mogelijk afdekken. antitoxine. L3: LGV: In onderontwikkelde landen komt dit voor. Het wordt behandeld met tetracyclin of dexyclycline.Veroorzaker: Borrelia Burgdorferi: Teek . passeren van epitheel. Tetracycline en penicilline. Er wordt dus ook behandeld voor een van de andere SOA’s. rauwe vis. neurologische afwijkingen. Reservoir: Grond Mens is accidentele gastheer Maatregelen: Gericht op preventie. arthritis.Infectiebron: Teek . Infectiebron: Bacterie komt het lichaam binnen via een met grond bevuilde wond  Endospores germinate.Reservoir: Vogels. Animal-transmitted diseases 2. Pathogenese: Locaal tot systemische infectie. . L2.Stuvia. penicilline. Bestand tegen invriezen/verhitten Kan groeien bij 3 graden Celsius (koelkast).Derde stadium: Aantastig centraal zenuwstelsel (vergelijkbaar met syphilis. na beet de wond de komende dagen checken op rode vlek.Eerste stadium: Een rode vlek rondom de beet o Makkelijk te behandelen met antibiotica. bewegelijk door flagel Aangetroffen in vele soorten zoodieren en vogels en grond.com . ongewassen rauwe groente. . Soilborne diseases  Tetanus Exotoxine. Indirect via vector 1.

CRP is active when cAMP concentration is high. Geen operator domain na de promoter. Hier is dus hulp bij nodig. Aeroob: Uiteindelijk molecuul van overdracht  Oxidatieve forforylering.  Derepressie. Het overruled ze.Het regulerende eiwit is een repressor eiwit. . inducer. Het moet altijd binden aan een operator. Glucose –Lactose verhouding. Om transcriptie te krijgen moet het loslaten van het DNA. is dit lactose. Ze hebben een activator domain. is het nodig dat het gen voor afbraak van lactose wordt getranscribeerd. Als maltose aanwezig is. Catabolite repression: The cAMP-CRP complex binds near the promoter of many operons. Wanneer er veel cAMP is. Anaeroob: Fe3+. Wel of niet behandeld bij college maakt niet uit. 19-01-12 Hoofdstukken die niet worden behandeld in het college of practicum: H5: Microbiële groei. RNA-polymerase zelf heeft weinig affiniteit voor de promoter. Positive control: Eiwit voor nodig wat activator eiwit heet. voor de promoter. Gaat over het cAMP eiwit. veranderd deze van vorm en bindt goed aan de operator. Voorrang aan het suiker wat het meest oplevert.Stuvia. Het zorgt ervoor dat de repressor van vorm veranderd. Als dit het bindt kan transcriptie niet plaatsvinden. Transcriptie is dan afhankelijk van een actief CRP eiwit. Activator eiwit moet geactiveerd worden door een inducer. Dit kan door een inducer. Negative control: . Minder ATP winst bij Anaeroob. De inducer kan het suiker zijn: Zoals bij lactose. Als het activator eiwit gebonden is vindt er transcriptie plaats. Repressor eiwit betrokken = Negative controle. en loslaat van het DNA. Is sterker dan de onderliggende regulaties.  Repressie. Uit de leerstof komen de tentamenvragen. Want alleen als lactose aanwezig is. Een ander verschil: Anaeroob minder H+ naar buiten. Ook moet de repressor nog van het DNA af.The Marketplace to Buy and Sell your Study Material Responsiecollege I Berekeningen hoef je niet te kunnen reproduceren. RNA-polymerase kan er nu niet langs. In geval van het lac operon.com . Basis voor infectieziekte cursussen. Hij kan het aminozuur gebruiken als corepressor. Vooral practicum. Als die aan de repressor bindt. CRP bijvoorbeeld. Respiratie: Aeroob en Anaeroob. zorgt het ervoor dat het activator eiwit bindt en transcriptie voor de afbraak van maltose plaatsvindt. Verwacht dat je weet argenine operon: Hoe wordt het gereguleerd. nitraat en anderen  Anaerobe respiratie. Als het aanwezig is wil je niet tot transcriptie brengen. De aanwezigheid van een aminozuur onderdrukt de genexpressie. RNA-polymerase kan nu zorgen voor transcriptie.Alleen maken als je niet op kan nemen uit het medium. Na glycolyse en citroenzuurcyclus worden elektronen overgedragen. Dit kan komen van een activator eiwit. . kan het activator eiwit (CRP) binden aan het DNA.

You're Reading a Free Preview

Download
scribd
/*********** DO NOT ALTER ANYTHING BELOW THIS LINE ! ************/ var s_code=s.t();if(s_code)document.write(s_code)//-->