P. 1
Communicatiehandboek

Communicatiehandboek

|Views: 1|Likes:
Published by Stuvia.com
H1 t/m 13
H1 t/m 13

More info:

Published by: Stuvia.com on Jul 19, 2013
Copyright:Traditional Copyright: All rights reserved
List Price: $4.60 Buy Now

Availability:

Read on Scribd mobile: iPhone, iPad and Android.
See more
See less

12/03/2014

$4.60

USD

pdf

Communicatiehandboek

door

jildou

De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal
Koop en Verkoop al je samenvattingen, aantekeningen, onderzoeken, scripties, collegedictaten, en nog veel meer..

www.stuvia.com

Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal

Samenvatting Communicatiehandboek.
1.1 Communicatie
Communicatie Communicatie is het proces waarbij de zender de intentie heeft een boodschap over te brengen naar één of meerdere ontvangers. De drie visies van Betteke Ruler 1. Eenrichtingsverkeer 2. Gecontroleerd eenrichtingsverkeer 3. Tweerichtingsverkeer Informeren Eenrichting bekendmaken Dialogiseren Tweerichting Bekendmaken Overreden Eenrichting Beinvloeden Formeren Tweerichting Beinvloeden

1.2 basismodel voor communicatie
ZBMO-model       Zender Boodschap Middel Ontvanger Feedback Terugkoppeling

Feedback De reactie van de ontvanger op de verzonden boodschap Terugkoppeling Als de zender weer reageert op het gegeven feedback van de ontvanger Ruis Factoren die het communicatieproces verstoren Redunantie Het geven van overtollige informatie Functionele redunantie Voorlichting, het herhalen of samenvatten om de boodschap beter te onthouden

Stuvia.com - De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal

Disfunctionele redunantie storende, onnodige herhalingen, irriteert de ontvanger Vier aspecten van de boodschap: 1. Zakelijk = Beschrijving feiten 2. Expressief = Gevoel & emotie 3. Relationeel = De relatie tussen zender en ontvanger 4. Appellerend = Invloed uit willen oefenen Encoderen De zender die zijn gedachten omzet in een voor de ontvanger begrijpelijke boodschap Decoderen Om een boodschap te begrijpen, moet de ontvanger deze omzetten in eigen gedachten Referentiekader Het geheel van gewoonten, regels, ervaringen en normen & waarden waarop de ontvanger zijn denken en handelen baseert.

1.3 soorten communicatie

Metacommunicatie communicatie over de communicatie. Vb. je tekst heeft een rommelige structuur.

1.4 Communicatiemodaliteiten
Een communicatiemodaliteit is een communicatiewijze die zich onderscheidt van andere vormen van communicatie.

   

Informatie Voorlichting Public Relations Propaganda

= neutrale vorm van feitelijke informatie = Bewust gegeven hulp bij menings- en besluitvorming = Het versterken van imago van organisatie bij publieksgroepen = Beïnvloeden

Mate van beïnvloeding van de ontvanger: Voorlichting - Public Relations – Reclame – Propaganda

flow theorie De Two step Flow theorie gaat ervan uit dat communicatie plaatsvindt via twee stappen: Massamedia en vervolgens via invloedrijke mensen dit door opinieleiders. Uses-and-gratificatietheorie De injectienaaldtheorie De injectienaald theorie gaat ervan uit dat de zender alleen maar hoeft te communiceren en dat de ontvangers de informatie passief aannemen.persoonlijke communicatie Communicatie die een persoon met zichzelf voert. Agendasettingtheorie 5.Stuvia. Kennisklooftheorie 4. Intra.com . . Two-step-flow theorie 3. De zender en ontvanger zijn dan een één persoon.5 Massacommunicatie en inter-persoonlijke communicatie Massacommunicatie Massacommunicatie is openbare. De injectienaaldtheorie (stimulus-responstheorie) 2. voor iedereen toegankelijke communicatie die wordt verspreid door technische verspreidingsmiddelen als Radio. Two. Theorieën over de macht van de media 1. TV en kranten.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal 1.step. Myceliummodeltheorie 6. Inter-persoonlijke communicatie Direct contact tussen de communicerende partijen.

Dissonantie reduceren:  Gedrag zo te veranderen dat het overeenkomt met je zelfbeeld. dit zet niet aan tot daden.  Door je cognities te veranderen waardoor je je gedrag kunt rechtvaardige  Door nieuwe cognities toe te voegen zodat je je gedrag kunt rechtvaardigen .De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Agendasetting theorie Agenda settings theorie gaat ervan uit dat de massamedia heel belangrijk zijn. De balanstheorie Individuen die constant inconsequenties in hun houding proberen te vermijden en daarom streven naar evenwicht en consistentie in hun houding. Informele communicatie is belangrijker dan formele communicatie Uses-and-gratificatietheorie Legt nadruk op de actieve rol van de ontvanger. Selectieve perceptie De ontvanger selecteert en interpreteert informatie die hem aanspreekt. presenteren en interpreteren aan de hand van bepaalde kaders. De massamedia bepalen niet wat we denken maar wel waarover we denken. Het confronteert je met het verschil dat tussen wie je denkt te zijn en wie je bent. Myceliummodeltheorie Het publiek bepaalt zijn standpunt op grond van onderlinge communicatie. omdat ze de gespreksonderwerpen van de mensen bepalen. theorieën over framing gaan uit van het idee dat mensen situaties en informatie construeren. Framing Inkaderen.com .Stuvia. Cognitieve dissonantie Een ongemakkelijke spanning die wordt veroorzaakt door een handeling die in strijd is met iemands positieve zelfbeeld.

 Concern communicatie Gericht op de beeldvorming van de gehele organisatie op lange termijn  Interne communicatie De communicatie binnen een organisatie  Marketing.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Hoofdstuk 2.Het vak van de communicatiekundige die organisatie helpt doelbewust te communiceren Ontwikkeling van het vak communicatie:  Uitvoering ( de ontvanger met informatie beïnvloeden )  Planning ( Stelselmatige aanpak van communicatie )  Relatie ( Besef dat de organisatie afhankelijk is van de omgeving )  Strategie (Aansluiting van communicatie bij het algemene beleid en de strategie van de organisatie) Geïntegreerde communicatie: Vanuit één visie en aanpak de concern-.Stuvia.com .communicatie Gericht op het verkopen van producten of diensten . interne en marketingcommunicatie samensmeden tot één geheel.De manier waarop mensen informatie aan elkaar overdragen (bewust of onbewust) . Communicatie is: . Plaatsbepaling Communicatie.

De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Plaats van de communicatie: Communicatie als staffunctie: Als de afdeling communicatie rechtstreeks onder de directie valt en daaraan rapporteert Communicatie als lijnfunctie: Als de afdeling communicatie onder een bepaalde dienst of sector binnen de organisatie valt Wat doet een communicatiemedewerker:      Adviseren en beleidsmatig Concerncommunicatie Marketingcommunicatie Interne communicatie Productie van communicatiemiddelen Hoofdstuk 3. Concerncommunicatie 3.1 Identiteit Concerncommunicatie Gericht op de beeldvorming van de gehele organisatie op lange termijn  Omgeving centraal  PR  Basis voor input Vijf kerntaken:      Dichten van de kloof tussen identiteit en imago Lading geven als organisatie aan een merk Organiseren van de totale communicatie van de organisatie Bepalen centrale boodschap Bepalen van de visuele identiteit en zorgen voor eenheid in vorm en uitstraling .Stuvia.com .

de overtuiging en de opvattingen van de organisatie Missie De missie beschrijft welk doel de organisatie wil bereiken. inter-persoonlijke communicatie Eigen ervaring Berichten in de media Betaalde communicatie Visie De visie is het referentiekader.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Identiteit Wat de organisatie is.com . Gedrag De meest bepalende uiting van de persoonlijkheid van een organisatie is meestal gedrag . bewijs en toonzetting 2. Collectieve ambitie Wat inspireert en motiveert een organisatie (personeel) Corporate story Het heden. Verschil tussen visie en missie: Een visie is een kijk op de wereld en missie is wat de organisatie wil bereiken. en wat zij uitstraalt. Corporate identitymix De corporate identitymix is de persoonlijkheid die zich uit in de communicatie. Communicatie Communicatie is een goed middel op de persoonlijkheid van de organisatie te testen.Stuvia. het unieke. Een sterke identiteit ontstaat onder andere door:     Een sterke persoonlijkheid Een speciale visie op de ‘mens’ of branche Externe communicatie die intern trots maakt De trots op eigen prestaties Persoonlijkheid van de organisatie is wat de organisatie karakteriseert. Het is de ziel. verleden en toekomst van een organisatie omschreven. Imago Het beeld dat de publieksgroepen van de organisatie hebben. Factoren voor imagovorming:     Informele. 3. (kernwaarden) Voor het toetsen van de kernwaarden gebruik je de BBT-formule: BBT. het gedrag en de symboliek.formule Belofte.

. Concerncommunicatie 4. de website etc. signering. Ontwikkelen van een corporate identity mix:     Staat in lijn met de missie & visie van de organisatie Sluit aan bij de kernactiviteit van de organisatie Authentiek en onderscheidend Spreekt verschillende doelgroepen aan Identiteitsstructuur Sluit aan bij de kernactiviteit van de organisatie  Branded identiteit Alles apart. Hoofdstuk 4. interieur. organisatie voert één merk en huisstijil voor de hele organisatie  Huisstijl De vorm die gegeven wordt aan de identiteit Vier huisstijl elementen:     Naam / Logo Kleur Typografie Beeldgebruik Huisstijldragers Website. architectuur. kleding. Symboliek Zorgt voor ‘het beeld’ van een organisatie en geeft aan waar een organisatie voor staat of voor wil staan. elk product heeft een eigen merknaam en zelfstandig in hun communicatie. verpakking.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal 4.  Endorsed identiteit Moeder en dochterbedrijf.1 Issuemanagement Issuemanagement Kwestie waarbij ssprake is van een maatschappelijk schilpunt waarover een discussie wordt gevoerd Issueanalyse Analyseren van belangrijke en maatschappelijke thema’s die van invloed kunnen zijn op de organisatie (antennefunctie en monitoring) 4. identiteit blijft zichtbaar (achmea & Unilever)  Monolitische identiteit Alles is één.2 Public affairs Public affairs Het managen van publieke ontwikkelingen en beïnvloeden van politieke besluitvormingen. Symboliek bestaat uit zaken als de huisstijl. het logo.com . geluid.Stuvia. licht.

verenigingen etc.5 Crisiscommunicatie Crisiscommunicatie Communicatie rondom een acuut probleem dat kan leiden tot reputatieschade * belangrijkste doelgroep: De pers.4 Community relations Community relations Communicatie gericht op de directe omgeving van de organisatie (Gemeente.Afwegingen maken of deze ontwikkelingen kansen of bedreigingen vormen voor de organisatie . Aanpak crisis  Crisisplan  Logboek  Contracten Middelen bij crisis       Persbericht Persconferentie Interviews Publieksinformatienummer Aparte website Q&A lijst (lijst met mogelijke vragen en antwoorden) .Organisatie adviseren Actoren De belanghebbende partijen die bij een issue betrokken zijn Factoren Zaken en ontwikkelingen die van invloed zijn op de organisatie Lobbyen Relaties opbouwen met personen die invloed kunnen uitoefenen op ontwikkelingen 4.Stuvia.) 4.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Taken Public Affairs .Ontwikkelingen in de samenleving signaleren . omwonenden.com .3 Maatschappelijk verantwoord ondernemen MVO Maatschappelijk verantwoord ondernemen 4.

2 Communicatiestromen Communicatiestromen:      Verticaal Horizontaal Diagonaal Parallel Informeel .com .Stuvia.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Hoofdstuk 5.Lijncommunicatie .Niet volgens officiële lijn . Interne communicatie 5.1 Interne communicatie Interne communicatie Een management instrument om bepaalde doelen te bereiken Hoofddoel interne communicatie Informeren en motiveren van medewerkers Belang interne communicatie     Sociale en technologische ontwikkelingen Goede werksfeer Flexibilisering Ziekteverzuim Gevolgen slechte interne communicatie:  Spanningen en conflicten  Geruchtencircuit  Trage terugkoppeling van werkvloer en leiding Interne publieksgroepen:         Directie Management Medewerkers Tijdelijke medewerkers Ondernemingsraad Commissarissen Partners Gepensioneerden 5.Zelfde niveau .Topdown – Bottom up .Niet langs vastgelegde structuur .

3 Soorten informatie Soorten interne communicatie     Taakinformatie Beleidsinformatie P&O.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal 5.Een nieuw beleid dat van toepassing is op de koers van de organisati .5 Communicatie bij veranderingen Communicatie bij veranderingen:  Strategie verandering  Structuurverandering  Cultuurverandering .Informatie Motiverende informatie Taakinformatie Zorgt ervoor dat de activiteiten op het juiste moment door de juiste persoon wordt gedaan.Gemeenschappelijke normen en waarden veranderen 5.Stuvia.com .6 Middelen voor interne communicatie Soorten interne communicatie:       Intranet Personeelsblad Nieuwsbrief Mededelingenbord Directiebrief Sociaal jaarverslag Communicatie audit Onderzoek naar huidige communicatie waarbij ingezette middelen op hun effect en doelmatigheid worden geanalyseerd.informatie Informatie over procedures. regelingen en arbeidsvoorwaarden Motiverende informatie Is een positief werkklimaat realiseren 5.Een wijziging in de opbouw van de organisatie . *Werkschema’s Beleidsinformatie Betreft informatie over de gang van zaken in de organisatie en de plannen voor de toekomst * Doelen & strategie bedenken P&O. . Financiële communicatie Bouwen en onderhouden van relaties met kapitaalverschaffers.

Merkvoorkeur.Communicatie 6. 3.com .Merkbekendheid. 2. 5. Marketing. De marketingmix bestaat uit 4 p’s :     Prijs Product Plaats Promotie  Personeel Stadia bij aankoop van een product 1.Tevredenheid .Merkkennis.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Arbeidsmarktcommunicatie Communicatie met potentiële medewerkers en partijen die voor het aantrekken van personeel van belang zijn.Aankoop.Stuvia.1 Marketingmix vijf P’s Marketingcommunicatie De consument tot aankoop aanzetten. Hoofdstuk 6. 4.

Belangrijk is om het product goed te positioneren op de markt vergeleken met de concurrenten. -> Merkkennis Groeifase De omzet en concurrentie stijgen snel. Actiecommunicatie Communicatie die gericht is op directe gedragsbeïnvloeding. productvarianten. . Communicatie gericht op verbetering product. Er is nog geen sprake van hoge omzet en concurrentie.com . nieuwe verpakkingen en prijsverlagingen. Het wordt zo sterk door de producent gepromoot bij winkeliers en vakhandel dat ze besluiten het te bestellen) Themacommunicatie Communicatie die wordt ingezet om de kennis en houding van de doelgroep op lange termijn positief te beïnvloeden.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal 6.     Introductiefase Groeifase Volwassenheidsfase Eindfase Introductiefase Product wordt op de markt gezet . -> Merkvoorkeur creëren Volwassenheidsfase De vraag stagneert en de groei van de omzet neemt af. om aankopen te stimuleren op korte termijn.Stuvia.2 Productontwikkeling Bestaande markt Nieuwe markt Bestaande producten Marktpenetratie Marktontwikkeling Nieuwe producten Productontwikkeling Diversificatie Productlevenscyclus Producten die verschillende fasen doorlopen. Pullstrategie De communicatie richt zich rechtstreeks op de eindgebruikers Pushstrategie De organisatie richt zich vooral op de tussenhandel bij communicatie (Een product/merk wordt door een kanaal naar afnemers geduwd.

Merkpositionering Een match tussen identiteit (Merk) .markt Persoonlijke verkoop Sales promotion Reclame Public relations 6.Stuvia.business communicatie (b-to-b) Hierbij gaat het om de communicatie van een organisatie die gericht is op andere organisaties. functionele eigenschappen benadrukt Transformationele positionering Bij transformationele positionering wordt een merk verbonden met waarden.5 positionering Positionering Het zoeken naar een onderscheidende plaats voor de consument.4 Merken Basisfuncties van een merknaam:  Zorgt voor bekendheid  Opbouwen van een emotionele band  Het herinnert klanten eraan om het opnieuw te kopen Branding Het consistent uitdragen van de gewenste merkidentiteit 6.3 B.B communicatie Business.B. Mate van belangrijkheid communicatie instrumenten: Consumentenmarkt Reclame Sales promotion Persoonlijke verkoop Public relations B-to. DMU (Decision making unit): Tijdelijke of vaste groep mensen in een organisatie die zich bezig houdt met de beslissing over een grote aankoop.to. emoties of een levensstijl van de consument .De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal 6.com . relevantie(Doelgroep) en onderscheid(Concurrentie) Vormen van positionering:     Informationele positionering Transformationele positionering Tweezijdige positionering Uitvoeringspositionering Informationele positionering Bij informationele positionering worden de concrete.To.

De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Uitvoeringspositionering Uitvoeringspositionering creëert onderscheid door de uitvoering van de campagne 6. Doel: Free Publicity en mond.Stuvia. (Internal branding betekent dat de organisatie intern marktgericht wordt gemaakt om de externe positie te versterken) 6.6 Internal Branding Internal branding Een merk moet niet alleen extern beleefd worden.7 Guerrillamarketing Guerrillamarketing Bij guerrillamarketing sla je eenmalig.mondreclame.bereik. Guerrillamarketing moet een vertaling zijn van de kernwaarden van het merk naar de juiste doelgroep. relevantieDe vijf o’s van guerrillamarketing van Wil Michels:      Origineel Onverwacht Opmerkelijk Onvergetelijk Onconventioneel (zoekt nieuwe vormen . . Medewerkers moeten fan zijn van hun eigen organisatie.op. Free publicity bij guerrillamarketing Bij guerrillamarketing is het essentieel dat je een foto of filmpje van de actie maakt en naar verschillende media stuurt. kleinschalig en gericht toe met acties die impact hebben.com . helderheid. Ook intern moet het merk lading krijgen.

7. Marketing. 7.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Hoofdstuk 7.2 Reclame Reclame Betaald ruimte inkopen bij een medium . De vijf P’s en de marketingcommunicatiemix Internet Direct marketing Sales Promotion Persoonlijke verkoop Beurzen Winkelcommunicatie Sponsoring Marketing-PR Marketingmix Product Plaats Promotie Prijs Personeel MarketingCommunicatiemix Crossmediaal Mediastrategie waarbij de ontvanger van een communicatiemiddel naar het andere wordt gelokt.communicatie instrumenten.Stuvia.com .1 De instrumenten Marketingcommunicatiemix De middelen die ingezet kunnen worden om de marketingcommunicatie in te vullen.

wereldwijd en 24 uur per dag beschikbaar.3 Internet Internet Internet is snel. .Efteling kaartjes bij ah. SIRE Corporate advertising De beeldvorming van de organisatie staat centraal. Negatieve berichten worden door de pers extra benadrukt.com .De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Doel van reclame Top of awareness opbouwen (Als eerste of tweede merknaam in een productcatogorie bij de consument opkomt)  Merkbekendheid  Merkvoorkeur  Merktrouw Reclame strategieën  De globale strategie  De adaptie strategie  De differentiatie strategie De globale strategie Communicatie door een organisatie waarbij in alle landen wordt gekozen voor hetzelfde concept De adaptie strategie Het basisconcept is gelijk. Dit is nodig omdat 2 soorten corporate advertising: Issue advertising Vorm van adverteren waarbij de organisatie haar standpunt geeft over een actueel onderwerp (bestrijden files) Advocay advertising Hierbij verdedigt de organisatie zich (Legt issue uit) 7. actueel.Stuvia. De teksten en acteurs worden aangepast. Differentiatie strategie Het creatieve concept en de uitwerking is per land anders Soorten reclame  Collectieve reclame  Combinatie reclame  Ideële reclame Aanbieders of een bedrijfstak ontwikkelen samen één campagne Twee merken die niet met elkaar concurreren maken samen reclame vb. Maatschappelijk verantwoorde reclame vb. daarom moet de organisatie ook zelf adverteren.

com .4 Direct marketing Direct marketing Communicatie die meteen wordt afgestemd op de doelgroep (zonder tussenschakels)     Direct mail Telefonisch verkoop E-mail SMS Direct mail Een op naam gestelde brief. Customer relationship management.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Functies van internet:      Uitwisseling van informatie Verkooptransacties Distributie Informatieproducten Ontspanning Een goede website bezit:     Logische domeinnaam Past binnen het creatieve concept Persoonlijke website Interactieve website Voordelen internet Nadelen internet Interactiviteit mogelijk Onderhoud kost tijd en geld Combi informatie opvragen.Stuvia. Voordelen direct mail Besparing op de kosten Goede afstemming op wensen van de klant Direct zicht op de resultaten Nadelen direct mail De kwaliteit van het adressenbestand bepaalt het succes Opzetten en bijhouden databestand is arbeidsintensief Verwerken van Response neemt veel tijd CRM . bestellen en betalen Zender is afhankelijk van het zoekgedrag van de ontvanger Snel en actueel Altijd beschikbaar en te raadplegen in eigen tempo E.commerce Kopen en verkopen via internet 7. Het onderhouden en versterken van klantrelaties .

7 Beurzen Beurzen Evenementen waarbij de organisatie tegen betaling een standruimte huurt om haar product of dienst te presenteren.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Kernelementen CRM  Database  Marketing  Organisatie & Communicatie 7.com .Stuvia.6 persoonlijke verkoop Persoonlijke verkoop Direct contact tussen onderneming en afnemer.5 Sales promotion Sales promotion Een meestal tijdelijk prijsvoordeel of een tijdelijke verhoging van de waarde of extra inhoud Doel sales promotion De omzet op korte termijn verhogen  Price promotion (prijsverlaging)  Product promotion (Inhoud verhogen voor dezelfde prijs)  Joint promotion ( Sales promotion door twee of meer organisaties tegelijk) Voordelen Sales promotion Verhoogt snel de naamsbekendheid Resultaat is meetbaar Stimuleert probeeraankopen Nadelen Sales promotion Veel prijsacties tasten het merk aan Minder marge op de producten Succes is van korte duur 7. Winkelverkoop Duurdere consumentaankopen (auto’s & keukens) B-to-B Nadelen persoonlijke verkoop Hoge kosten per product Arbeidsintensief Succes is afhankelijk van accountmanager Voordelen persoonlijke verkoop Informatie afstemmen op individu Weerstanden zijn gemakkelijk weg te nemen Mogelijkheid tot beïnvloeding 7.  Potentiële klanten benaderen  Bestaande relaties onderhouden .

Huishoudbeurs) (Permanente exposities met een breed aanbod) 7. 7. meestal met een sociaal of cultureel karakter.PR Marketing-PR Gratis promotie verkrijgen . Autorai) (Verschillende branches vb.9 Sponsoring Sponsoring Zakelijke overeenkomst waarbij de sponsor in ruil voor (financiële) middelen communicatiemogelijkheden van de gesponsorde krijgt Doel van sponsoring      Naamsbekendheid verhogen Versterken van het imago Opbouwen en onderhouden van relaties Tonen van maatschappelijke betrokkenheid Motiveren van eigen medewerkers Soorten sponsoring  Sportsponsoring  Kunst.Stuvia.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Soorten beurzen:     Horizontale beurzen Verticale beurzen Publieksbeurzen Trade marts (één branche vb.10 Marketing.8 Winkelcommunicatie Winkelcommunicatie Staat voor alle vormen van marketingcommunicatie in en om een winkel Voordelen winkelcommunicatie Communicatie op het punt waar aankopen plaatsvinden Nadelen winkelcommunicatie Consument krijgt een overload aan informatie 7.Horecava) (doelgroep en aanbod heel divers vb.com .en cultuursponsoring  Sociale sponsoring Voordelen sponsoring Het geeft een merk lading (Voetbal) (Heineken Music hall) (Ronald Mcdonald huis) Nadelen sponsoring Werkt indirect door op de verkoop Effect is moeilijk meetbaar Fundraising Een actie de een onderneming onderneemt met het doel geld bijeen te brengen voor het realiseren van een bepaald doel.

Persconferentie Doel: Positieve media aandacht Voordelen Marketing-PR Geloofwaardig Lage kosten Groot bereik Nadelen Marketing.Persbericht .en externe analyse.com .PR Effecten zijn moeilijk meetbaar Organisatie is afhankelijk van berichten in de pers Hoofdstuk 8.Stuvia. Communicatieonderzoek.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Middelen: . Hoofdstuk 9.1 Interne analyse . Interne. 9.

3 Organisatiestructuur. 9. zwakte. Bepalend voor de structuur:  De mate van centralisatie ( Centrale of decentrale planning)  De mate van formalisatie ( Veel of weinig regels en procedures)  De mate van specialisatie ( Veel of weinig sub-taken en groepen) 3 Soorten organisatiestructuren:  De lijnorganisatie  De projectorganisatie  De matrixorganisatie (Medewerker heeft één directe leidinggevende door wie hij wordt aangestuurd) ( Wanneer projectmatig werken in een structuur wordt vastgelegd) ( Organisatievorm waarbij medewerkers aansturing krijgen van meer dan één leidinggevende) Leiderschapsstijl Bepalend voor de organisatiecultuur en de wijze van communiceren Leiderschapsstijlen     Autoritaire stijl (Medewerkers hebben weinig tot geen invloed) Consultatieve stijl (Het management vraagt advies aan een aantal medewerkers) Management by objectives (Het management bemoeit zich niet met details Situationeel leiderschap (Manager past zich aan. kansen en bedreigingen.Stuvia. Confrontatiemix De confrontatiemix geeft een overzicht van mogelijke strategieën aan de hand van de SWOT-analyse. aan de situatie) .De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal 9. Organisatiestructuur Geheel van waarden en normen die organisatie gemeenschappelijk heeft.Analyse Sterkte.2 Externe analyse Marktposities:  Monopolie  Oligopolie  Volledige mededinging ( Één aanbieder op de markt) (Enkele aanbieders die de markt domineren) ( Veel aanbieders) SWOT.com . Benchmarketing Regelmatig vergelijken van de eigen prestaties met die van de toonaangevende concurrenten of van leidende organisaties in andere sectoren.

houding en gedrag) .economie Psychografie Fase in de levenscyclus Naar gebruik/verbruik Doelstellingen  Ondernemingsdoelstellingen  Marketingdoelstellingen  Communicatiedoelstellingen Communicatie-effecten  Kennis  Houding  Gedrag Communicatiestrategie Keuzes over en met welke boodschap en met welke middelen aan wie wordt gecommuniceerd en wanneer.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Hoofdstuk 10.com .3 Vaste onderdelen communicatieplan Doelgroepen Analyse Doelstellingen Boodschap Strategie Concept Communicatiemiddelen Tijdsplanning Evaluatie Budget 10. (Doel van de organisatie bereiken) (Gericht op omzet.1 vierfasen model     Analyse Strategie Uitvoering Evalueren (wat is het communicatieprobleem) (Hoe wil je het aanpakken) (Hoe ga je het doen) (Wat is het effect) 10.Stuvia. 10. Communicatieplan. doelgroepen kies je Segmenteren Het verder onderverdelen van doelgroepen       Geografie Demografie Socio. marktaandeel en concurrentie) ( Gericht op kennis.5 Doelgroepen Doelgroep Publieksgroepen heb je.

com .Verband leggen tussen merk en iets anders (parfum en vrouwen) Evaluatie  Effectenevaluatie  Procesevaluatie  Centrale vragen .Stuvia.Boodschap . geeft weer wat het merk voor de afnemer kan betekenen.Resultaat na aankoop product . (op één aspect de nadruk leggen)     Overtuigend Onderscheidend Geloofwaardig Maatschappelijk aanvaardbaar Concept Een creatief idee dat het uitgangspunt vormt voor een communicatie uiting.doelgroep . Soorten concepten     Het effectenconcept Het vergelijkingsconcept Het explicatieconcept Het associatieconcept .Merken tegen elkaar afzetten .De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Vragen:     Met wie wil je communiceren Wat ga je communiceren Hoe wil je communiceren Wanneer ga je wat communiceren .Bepalen wat met communicatie bereikt is .Planning Communicatiekruispunt vvan Betteke Ruler Informeren Eenrichting bekendmaken Dialogiseren Tweerichting Bekendmaken Overreden Eenrichting Beinvloeden Formeren Tweerichting Beïnvloeden Boodschap Wat je wilt overbrengen op je doelgroep Propositie De belofte aan de klant.Middelen .Kritisch kijken naar hoe alles is verlopen . en wat kunnen we volgende x beter doen .Wat is het effect geweest.

De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Hoofdstuk 12. Trouw etc) .2 Persbureaus Persbureaus Een persbureau verkoopt informatie aan zijn klanten.3 Dagbladen en huis-aan-huisbladen Dagbladen Landelijke dagbladen zijn gratis en worden over het hele land verspreid. Telegraaf.com . 12.Stuvia. Media.1 Medialandschap Medialandschap  Visuele media  Auditieve media  Audio visuele media 12. NRC Next.(tijdschrift) 12. (Spits.

5 Televisie.com .4 Tijdschriften en vakbladen Tijdschriften Richten zich op specifieke interessegebieden en hobby’s Vakbladen Richten zich op een speciaal onderwerp of vakgebied 12. 12. bioscoop en radio Televisie Snel middel om naamsbekendheid te creëren en een grote doelgroep te bereiken Bioscoop Sterk middel om doelgericht te communiceren Radio Goed inzetbaar om de naamsbekendheid te vergroten . Ze worden gratis verspreid binnen een beperkt gebied. (lokaal nieuws) Via huis-aan-huisbladen bereik je ook mensen die geen krant lezen.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Huis-aan-huisbladen Verschijnen eenmaal per week.Stuvia.

eigen huis en .com .Merk komt in beeld tijdens programma .Merk maakt deel uit van het script . . vb.Korte vermelding voor of na programma sponsor .De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Reclame buiten de reclameblokken om:      Billboarding Product placement Inscript sponsoring Price sponsoring Programma participatie tuin.Merk stelt de prijzen voor een spelprogramma beschikbaar – programma wordt samen met het merk gemaakt.Stuvia.

12. Communicatievermogen .com .7 Digitale media Virals Online filmpjes die door de doelgroep naar elkaar worden gestuurd.Stadionborden.Kosten per duizend mensen 5. Kosten per duizend .Stuvia.De mate waarin het medium in staat is een specifieke boodschap . sponsoring 12.Aantal exemplaren 2.8 Crossmedia Crossmedia Via een communicatiemiddel lok je de doelgroep naar een ander medium.Aantal bereikte mensen delen door je gehele doelgroep 4.Aantal mensen die een medium lezen/ kijken 3.Reclame op bussen en treinen  Evenementgebonden media. Vijf G’s van Virals:      Gek Grof Geil Grappig Gewelddadig 12. Bereik . Dekking . bushokjes met reclame  Bewegende buitenmedia .De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal Buitenmedia  Vaste buitenmedia . Oplage .9 Mediaselectie Criteria voor mediaselectie (Keuze van media die voor een campagne worden ingezet) 1.Abri.

vooraf en achteraf testen Internal facing De ontvanger bepaalt zelf de tijd en het tempo waarmee hij de boodschap ontvangt. Bioscoop. Hoofdstuk 13.Stuvia.achteraf effect meten .  Ook weet je niet zeker wie er aan de andere kant van de lijn zit Tips:  Vraag de naam van de journalist + telefoonnummer en zeg dat je zo snel mogelijk terugbelt  Vraag om een persoonlijk gesprek.  Verpak de kernboodschap in ieder antwoord.com .Het aantal malen dat de doelgroep in aanraking komt met het medium in een bepaalde periode . internet External facing De ontvanger van de boodschap heeft geen invloed op het tempo en de volgorde waarin hij de boodschap ontvangt.vooraf testen . 1 nieuwswaarde d 13. vanwege montage . Contractfrequentie 7. zo kun je zien of de journalist begrijpt wat je zegt.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal 6. Budget Testen en evalueren  Pretest  Posttest  Nulmeting over te brengen. Omgaan met de pers 13.  Maak afspraken over of je het interview vooraf mag lezen Radio-/tv-interview:  Woordkeuze & stemgeluid zijn erg bepalend. .3 Interview Telefonisch interview: Interview over de telefoon brengt veel risico’s met zich mee:  Je wordt overvallen op een moment dat je met andere zaken bezig bent.

com .Stuvia.De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal .

De Marktplaats voor het Kopen en Verkopen van je Studiemateriaal .Stuvia.com .

You're Reading a Free Preview

Download
scribd
/*********** DO NOT ALTER ANYTHING BELOW THIS LINE ! ************/ var s_code=s.t();if(s_code)document.write(s_code)//-->